'Waar is je koffie?' vraagt een vrouwelijke collega voorzichtig aan Kyle MacLachlan.
...

'Waar is je koffie?' vraagt een vrouwelijke collega voorzichtig aan Kyle MacLachlan. 'Ik heb er vandaag al te veel gedronken.' 'En taart?' 'Euhm, not too much pie yet. Ik let op mijn lijn tegenwoordig.' 'Hoe drink je je koffie het liefst?' blijft de Japanse journaliste aandringen. Ze krijgt een verrassend uitvoerige uitleg - omdat MacLachlan, voor eeuwig verbonden aan de koffie verslindende agent Cooper uit Twin Peaks, dit slag vragen allicht al tot vervelens toe heeft beantwoord. 'Gewoon zwart. American coffee. Drip, of gefilterd. In Amerika maak ik een gigantische pot waar ik de hele dag van drink. 's Ochtends drink ik ook wel eens een cappuccino, maar enkel wanneer ik met vakantie ben.' Kyle MacLachlan is de ideale schoonzoon, maar dan met een pervers kantje. Iemand die uiterlijk de goedheid zelve lijkt, maar van wie je je toch afvraagt welke donkerte er achter dat gladde gezicht schuilgaat. Schijnbare Mr. Cleans: MacLachan heeft er een carrière rond gebouwd. Denk aan Jeffrey Beaumont in Blue Velvet (1986), een student die vanuit een kleerkast op Isabella Rossellini geilt. Denk aan die onbedoeld hilarische zwembadseksscène in het destijds verguisde Showgirls (1995) van Paul Verhoeven, een film die hem niets opleverde, behalve eeuwige cultstatus. En denk aan zijn Trey MacDougal in Sex and the City en Orson Hodge in Desperate Housewives, respectievelijk de ideale maar impotente huwelijkskandidaat en de 'brave' huisvader. Maar voor al wie in 1990 over een televisietoestel beschikte, blijft hij dus special agent Dale Cooper, de excentrieke FBI-agent die zijn kersentaart wegspoelt met sloten 'damn good coffee', liefst in een lokale diner. Zeventwintig jaar nadat Cooper als FBI-agent neerstreek in Twin Peaks, een fictief gehucht op tien kilometer van de Canadese grens, om er de moord op de bloedmooie Laura Palmer uit te pluizen, is hij terug in de bejubelde cultserie. Dit nieuwe, derde seizoen is intussen halfweg, maar wie hoopte op meer koffie, donuts, sparrenbomen en Dale Cooper die in een dictafoontje banale monologen aan zijn assistente Diane dicteert, is eraan voor de moeite. De Coop zoals de fans die zich herinneren, is nergens te bespeuren. Al in de eerste nieuwe aflevering bleek dat hij al die tijd gevangen heeft gezeten in de Black Lodge, een duistere versie van die kamer met de rode gordijnen, bevolkt door achterstevoren pratende figuren en dansende dwergen. Nu lopen er twee Coopers in onze wereld rond: de kwaadaardige Mr. C. en eentje die Dougie Jones genoemd wordt en er precies niet helemaal bij is. MacLachlan zelf, ondertussen 58, zit netjes in het pak wanneer hij ons minzaam begroet in de kantoren van CBS in Amsterdam. Er zit grijs in zijn strak achterovergekamde haren, hij telt wat meer rimpels, maar de tijd is hem behoorlijk genadig geweest. Je montert er allicht ook van op als je na al die jaren weer kunt samenwerken met David Lynch, de man die je een van je meest iconische rollen heeft geschonken. Kyle MacLachlan: It was a pleasure! David en ik zijn al jaren vrienden. We wonen ook vlak bij elkaar in LA, we zijn haast buren. Professioneel was het inderdaad lang geleden dat we nog eens iets samen gedaan hadden. Toen ik hem die eerste dag op de set weer in de regisseursstoel trof, zoals altijd gekleed in een zwart maatpak: pure magie. Het was een behoorlijke beproeving om weer in de huid van Dale Cooper te kruipen, maar de Kyle-David-relatie zat van meet af aan weer goed. MacLachlan: Het was anders deze keer, een beetje vreemd zelfs. Niet elke dag, maar bijna elke dag was een soort reünie met de cast. Elke ochtend trof ik vertrouwde gezichten aan die ik in geen jaren meer gezien had. Harry Goaz, die deputy Andy speelt. Of Sheryl Lee, Laura Palmer in de reeks. Na een 'hey, lang geleden, hoe gaat het ermee?' pikten we met verbazend gemak de draad weer op die we vijfentwintig jaar geleden hadden laten liggen. Dat was fijn, al missen we wel een aantal mensen (verschillende acteurs moesten verstek geven wegens gezondheidsproblemen; anderen overleden net voor ze hun scènes moesten inblikken, of vlak erna, onder wie David Bowie, Miguel Ferrer, en Log Lady Catherine E. Coulson, nvdr.). MacLachlan: (lacht) Ja, zoiets. Geen idee wat er met hem is gebeurd. Zijn brein lijkt wel gesmolten. Het moeilijkste was de tijd te nemen om Dougie aan de wereld te laten wennen, zoals een kind aan de wereld zou wennen. (wijst naar de fruitmand die op tafel staat) Niet wetende, bijvoorbeeld, wat een banaan is. Het bleek heel moeilijk te zijn om (denkt na) dingen die je kent te vergeten. Voor zulke personages, die zo ver staan van wie ik ben, huren ze mij doorgaans niet in. Je moet daar auditie voor doen, het vertrouwen van de regisseur winnen. De kans krijgen om zulke rollen nog te spelen, met Lynch als gids, beschouw ik als een godsgeschenk. MacLachlan: Niet echt. Ik draag personages niet graag mee naar huis, en zeker niet Mr. C. Als je aan het werk bent, blijf je wel in de sfeer van je personage zitten, maar ik vind het te vermoeiend om er na de uren nog mee bezig te zijn. MacLachlan: (lacht) Ze hebben véél vuiligheid op mijn huid gesmeerd, zodat het leek alsof ik al heel lang geen douche meer had gezien. Mr. C was een heuse ontdekkingstocht. Ik moest niet alleen de juiste look vinden, maar ook afdalen naar een duistere plek. Die kerel komt van een andere planeet. Het is alsof alle vuiligheid via hem naar buiten dringt en zich manifesteert. We hebben veel gesprekken gevoerd over de details van dat personage: moest hij juwelen dragen of niet? Moeten zijn vingernagels geknipt zijn of niet? En we hebben veel kapsels uitgeprobeerd. De lengte van zijn haar moest weird genoeg zijn, het mocht niet in een stijl of modegril passen. MacLachlan: Dat was niet de meest comfortabele scène, nee. Ik was ook erg verbaasd over de hoeveelheid. Alles wat ik weet, is dat het smerig was, dat er romige maïs in zat en dat het véél was. MacLachlan: Welnee, want de nieuwe reeks is niet bedoeld om de nostalgische honger van de fans te bevredigen. We wilden absoluut vermijden om in een formule te vervallen. Het is een totaal andere reeks geworden, met nieuwe verhalen, een beetje alsof Twin Peaks de afgelopen 26 jaar op zijn eigen manier is blijven voortbestaan. David sluit overigens geen compromissen: hij wil het verhaal vertellen zoals hij het ziet. De reactie van het publiek is bijzaak. Bovendien heeft hij alle achttien afleveringen nu van de eerste tot de laatste opname geregisseerd. Way back in 1990 was dat niet zo, en dan weet je dat het sowieso anders wordt. MacLachlan: Nee, ik heb de pilot gezien en ik herinnerde mij flarden van de prequelfilm Twin Peaks:Fire Walk with Me. Ik wist wat me te doen stond. Ik wist vooral ook dat we andere paden gingen verkennen dan in de twee eerste seizoenen. Dat volstond. MacLachlan: Een beetje. Je kunt het ook wel een beetje voorspellen. Eerst zijn veel mensen nieuwsgierig. Vervolgens zijn veel kijkers verward. Dan zijn er mensen die zeggen: dit is compleet van de pot gerukt, ik kan totaal niet volgen. (denkt na) Het is wat het is. (lacht) Ik vind het allszins briljant. MacLachlan: Nee. Toezeggen voor Twin Peaks was een no-brainer. Toen ik Sex and the City aangeboden kreeg, waren we nog aan het daten. Ik twijfelde of ik de rol moest aannemen, zij stelde me gerust en vond dat ik het moest doen. Ik wist niets van die reeks, zij wist dat ze populair was. Ik heb sindsdien al veel naar haar geluisterd. Ze is een erg intelligente vrouw. MacLachlan: Ik geloof geen fluit van wat hij zegt. Hij zei ook dat Twin Peaks nooit meer zou terugkeren, dus wie weet. Hij zou beter weer films gaan maken. MacLachlan: Daar heb ik al evenzeer het raden naar. David zegt altijd: 'Ik moet eerst een idee hebben, de rest komt vanzelf.' Dus laten we samen een goed idee bedenken en dan nog eens praten.