In je band zitten Stef Kamil Carlens, Nicolas Rombouts, Bjorn Eriksson en de zingende zussen Eva en Kapinga Gysel. In de studio kwamen ook Jim White, Sandy Dillon, Nathalie Delcroix en Guido Belcanto langs. Was je niet bang een gast op je eigen plaat te worden?

Matt Watts: (lacht) Nee, hoor. Stef Kamil en Nicolas, met wie ik de songs heb geschreven en die de plaat hebben geproducet, kennen mij heel goed. Hun voornaamste bekommernis was: de song. Veel nummers zijn geïnspireerd op het theaterwerk dat ik enkele jaren geleden met Zita Swoon Group heb gedaan. En met Nicolas en Bjorn had ik al veel opgetreden. Al die invloeden komen nu samen in de grootste band die ik ooit heb gehad. It's gonna be wild!

Hoe kwam je erbij om Guido Belcanto's Ik weet niet waar mijn meisje is te vertalen?

Watts: Ik heb Guido leren kennen via de muzikanten die zowel in mijn band als in de zijne spelen. Hij luistert veel naar Amerikaanse artiesten als Hank Williams en John Prine, dus dat hadden we al gemeen. Toen ik eens voor de lol een Engelse versie van dat liedje had gemaakt en Guido die geweldig bleek te vinden, hebben we het treffelijk opgenomen. Voor mij is het een countrystandard zoals hij er nog meer heeft geschreven: simpel, maar met veel karakter.

Wat lag de voorbije maanden het vaakst op je draaitafel?

Watts: Japanse country! Ken je Haruomi Hosono? Die zat ooit in technopopgroep Yellow Magic Orchestra, maar had daarvoor al soloplaten gemaakt. Daarvan heeft hij de eerste, het heel rootsy, in het Japans gezongen Hosono House (1973), vorig jaar herwerkt tot Hochono House. Een enorm veelzijdige muzikant. Zo is hij ook met folkrock en ambient aan de slag gegaan. Ik verdwaal graag in zijn wereld. O ja, nog een fun fact: hij is de kleinzoon van de enige Japanse overlevende van de Titanic!

Je woont in Brussel. Heb je daar vaste culturele adressen?

Watts: Ik ga vaak naar het Kaaitheater. Dat is dichtbij. Het laatste wat ik daar heb gezien, was Out of Ordervan het Engelse gezelschap Forced Entertainment. Een grappige maar ook afschrikwekkende, Andy Kaufman-achtige voorstelling zonder woorden waarin een troep clowns rond een tafel elkaar om de haverklap in de haren vliegt. Héél vreemd, maar ook briljant.

Ik heb zo het gevoel dat ik mag doorvragen naar lieden die op Queens een stempel hebben gedrukt.

Watts: Wel, ik hou van poëzie. Pablo Neruda, Dylan Thomas, Sylvia Plath... Maar vooral aan Federico García Lorca heb ik veel. Een van de songs op de nieuwe plaat, Lay Your Years, gaat over de mysterieuze omstandigheden waarin hij is vermoord door aanhangers van Franco. Zijn poëzie is heel visueel en lyrisch, wat allicht verklaart waarom Leonard Cohen zo'n grote fan was. Veel kleuren, beelden van het platteland: ideaal voor mensen - vooral muzikanten - die om inspiratie verlegen zitten.

In je band zitten Stef Kamil Carlens, Nicolas Rombouts, Bjorn Eriksson en de zingende zussen Eva en Kapinga Gysel. In de studio kwamen ook Jim White, Sandy Dillon, Nathalie Delcroix en Guido Belcanto langs. Was je niet bang een gast op je eigen plaat te worden?Matt Watts: (lacht) Nee, hoor. Stef Kamil en Nicolas, met wie ik de songs heb geschreven en die de plaat hebben geproducet, kennen mij heel goed. Hun voornaamste bekommernis was: de song. Veel nummers zijn geïnspireerd op het theaterwerk dat ik enkele jaren geleden met Zita Swoon Group heb gedaan. En met Nicolas en Bjorn had ik al veel opgetreden. Al die invloeden komen nu samen in de grootste band die ik ooit heb gehad. It's gonna be wild!Hoe kwam je erbij om Guido Belcanto's Ik weet niet waar mijn meisje is te vertalen?Watts: Ik heb Guido leren kennen via de muzikanten die zowel in mijn band als in de zijne spelen. Hij luistert veel naar Amerikaanse artiesten als Hank Williams en John Prine, dus dat hadden we al gemeen. Toen ik eens voor de lol een Engelse versie van dat liedje had gemaakt en Guido die geweldig bleek te vinden, hebben we het treffelijk opgenomen. Voor mij is het een countrystandard zoals hij er nog meer heeft geschreven: simpel, maar met veel karakter. Wat lag de voorbije maanden het vaakst op je draaitafel?Watts: Japanse country! Ken je Haruomi Hosono? Die zat ooit in technopopgroep Yellow Magic Orchestra, maar had daarvoor al soloplaten gemaakt. Daarvan heeft hij de eerste, het heel rootsy, in het Japans gezongen Hosono House (1973), vorig jaar herwerkt tot Hochono House. Een enorm veelzijdige muzikant. Zo is hij ook met folkrock en ambient aan de slag gegaan. Ik verdwaal graag in zijn wereld. O ja, nog een fun fact: hij is de kleinzoon van de enige Japanse overlevende van de Titanic! Je woont in Brussel. Heb je daar vaste culturele adressen?Watts: Ik ga vaak naar het Kaaitheater. Dat is dichtbij. Het laatste wat ik daar heb gezien, was Out of Ordervan het Engelse gezelschap Forced Entertainment. Een grappige maar ook afschrikwekkende, Andy Kaufman-achtige voorstelling zonder woorden waarin een troep clowns rond een tafel elkaar om de haverklap in de haren vliegt. Héél vreemd, maar ook briljant. Ik heb zo het gevoel dat ik mag doorvragen naar lieden die op Queens een stempel hebben gedrukt.Watts: Wel, ik hou van poëzie. Pablo Neruda, Dylan Thomas, Sylvia Plath... Maar vooral aan Federico García Lorca heb ik veel. Een van de songs op de nieuwe plaat, Lay Your Years, gaat over de mysterieuze omstandigheden waarin hij is vermoord door aanhangers van Franco. Zijn poëzie is heel visueel en lyrisch, wat allicht verklaart waarom Leonard Cohen zo'n grote fan was. Veel kleuren, beelden van het platteland: ideaal voor mensen - vooral muzikanten - die om inspiratie verlegen zitten.