The Play = King Lear
...

'Hij heeft het charisma van een natte dweil!', spot een van de schoonzonen van Koning Lear op een familiebijeenkomst. Dat regisseur Simon De Vos de quote recupereert waarmee Nigel Farage in 2012 voormalig Europees president Herman Van Rompuy schoffeerde, toont De Vos' insteek: hij wil jongeren niet alleen een van de mooiste stukken uit de Westerse toneelgeschiedenis laten kennen, hen ook een politiek geweten schoppen. Lukt dat? Grotendeels. De 36-jarige De Vos rukt de laatste jaren op als een van de interessantste, meest gedreven tekstregisseurs van zijn generatie. En hij banjert vrolijk van jongerenpubliek naar volwassenenpubliek en terug. Toegevingen doen behoort niet tot zijn vaardigheden. Zoeken naar helderheid wél. Dat blijkt uit het openingsbeeld van deze King Lear. Op een volstrekt kale scène liggen de drie zussen - Cordelia, Goneril en Regan - te giechelen. Tot hun vader (een ijzersterke Jan Hammenecker) verschijnt en verkondigt dat hij afstand doet van de kroon. Terwijl Goneril en Regan popelen om het heft in eigen handen te nemen, is Cordelia razend. Haar vader zag haar als zijn opvolger. Maar zij wilde niet zomaar in zijn voetstappen treden maar zijn rijk - dat sterke gelijkenissen vertoont met Europa - op een geheel andere manier gaan leiden, 'vanuit en voor de burgers'. Dat zint haar vader niet. Dus verbant Lear haar. De Vos kleurt haar lot nog zwarter in dan Shakespeare dat doet en verraadt daarmee zijn donker toekomstbeeld over Europa en burgerbewegingen. Intussen schuiven zwarte, rechthoekige panelen door de lucht, het lijken schaduwen van verlichte flatgebouwen. Onder die panelen bediscussiëren Lears dochters en hun echtgenoten allerlei beleidsplannen die meer geld voor hen en minder zekerheden voor de burgers zullen opleveren, meteen het taaiste stuk van de voorstelling.Het siert De Vos dat hij de (kinder)ziektes van Europa zorgvuldig verweeft in dit stuk. Maar door die politieke missioneringsdrang zakt het stuk in. Pas wanneer hij de politiek tot achtergrond maakt van de persoonlijke tragedies en terug stevig aanknoopt bij Shakespeares verhaal - en de tragische vader-kindrelatie, hervindt het stuk zijn vaart. Het laatste bedrijf speelt zch af op een vuilnisbelt vol oude kleren en plastic rommel. Het rijk is herschapen in doffe ellende. Daarin laat De Vos zijn personages ronddolen en reiken naar hopen. Uiteindelijk bezwijken ze aan ziekte en wanhoop. Zo weet De Vos het meest te treffen: als hij zijn engagement niet in letterlijke, van politieke zwangere scènes vertaalt, maar in taferelen die zinderen van emotie, dankzij de straffe spelprestaties én de sterke tekst. Want De Vos toont zich, na zijn Romeo en Julia in 2013, opnieuw een uitmuntend bewerker van een klassieker. Hij stript Shakespeares tekst uit 1606 tot een strakke tekst met pittige dialogen. Zulk sterke zinnen zorgen ervoor dat de acteurs met mateloos veel urgentie en speldrift de planken bespelen. Onder meer Jan Hammenecker (als Lear), Michael Pas (als Lears adviseur Kent én nar), Jobst Schnibbe (als Lears vriend Gloucester) en Scarlet Tummers (als Cordelia) laten zich van hun beste kant zien.Hun spel, De Vos' regiebeelden, zijn tekstbewerking maken deze King Lear werkelijk tot een wervelende belevenis. Dit is een urgente, heldere King Lear die jong én oud aanspreekt en wil aansporen tot politiek bewustzijn. Al is het jammer dat veel toeschouwers halverwege de voorstelling even als natte dweiltjes in hun zitjes gaan hangen terwijl de personages zich gedragen (of misdragen) als debatterende politici in een (Europees) parlement..Smaakmaker: