The Play = Bombastische Liefdesverklaring
...

'Er mogen geen lege stoelen zijn!', waarschuwt Julie Cafmeyer wanneer we de ruimte in wandelen. De stoelen staan in een ruime kring rond de beamer en het tafeltje van Cafmeyer. Op die tafel liggen haar laptop en haar tekstbrochure, haar sparringpartners in het (be)leven van de liefde met, onder meer, de busbewoner Jerry en de Kroatische minnaar Marin.De openheid van Cafmeyer over haar liefdesleven staat haaks op de ongemakkelijke geslotenheid van haar publiek. De grote kring waarin we zitten, zorgt letterlijk en figuurlijk voor afstand. 'Ik kon niet genieten van haar verhaal, ik was voortdurend aan het hopen dat ze mij geen vraag zou stellen', aldus een van de toeschouwers na de voorstelling. Cafmeyer doet nochtans niets liever dan haar publiek de confronterende vragen stellen waar zij mee worstelt: 'Deed u ooit een liefdesverklaring?', 'Wat is verlangen?', 'Wat vindt u van de e-mail die mijn Kroatisch lief me stuurde?'. Zo open de vragen zijn, zo gesloten of vaag zijn de antwoorden vaak. Althans tijdens de opvoering die ik bijwoonde. Zo legt Cafmeyer het lot van haar voorstelling deels in handen van het publiek. Maar niet enkel het publiek bepaalt de voorstelling. Ook de setting doet dat. In dit geval: een gerieflijke maar kille, grijze vergaderzaal waarin een grote kring grijze stoelen staat. De setting is veel minder intiem dan de setting bij haar vorige voorstelling, De therapie. Daardoor lijken ook de gesprekken met de toeschouwers veel minder intiem te kunnen worden. Dat Cafmeyer het relaas over haar woelige liefdesleven dit keer 'stoffeert' door persoonlijke emails, dagboekfragmenten, familiefoto's te tonen plus linken te leggen naar kunstenaars (zoals Marina Abramovic) die soortgelijk persoonlijk werk maakten, onderstreept Cafmeyer haar oprechtheid én de traditie van uiterst persoonlijke kunst waarij ze aansluit. Maar, dat stofferen maakt haar voorstelling ook meer tot een 'lezing' en dat creëert, opnieuw, afstand tot het publiek. 'Ge zijt nogal complex, hé?', werpt een toeschouwer op. En iemand anders vult aan: 'Je moet toch aan ons niet vragen wat je moet doen?'. Dat moét ze niet, maar dat mág ze zeker. Cafmeyer bezit het begeerlijke talent om haar geworstel met de liefde met humor te benaderen en er zodanig ontwapenend over te vertellen (én te schrijven, check het verhaal over haar ontmoeting met Hamlet op haar blog!) dat ze met dit flamboyant navelstaren haar publiek met een elegante kwinkslag evengoed uitnodigt tot navelstaren en reflecteren over de liefde en seks. In de opvoering die ik van Bombastische liefdesverklaring bijwoonde, lukte dat amper. Dat ligt deels aan het publiek maar ook aan de setting. Zowel inhoudelijk als vormelijk was er te veel afstand tussen Cafmeyer en het publiek om een intieme, prikkelende voorstelling te laten ontstaan.