...

De foto's van de voorstelling (bekijk ze hier) zijn bijna mooier dan de scènebeelden die je live ziet. Door (en met behulp van) de fotolens merk je pas echt hoe de beelden die Salembier en Bouckaert (samen Atelier Bildraum) live op de scène maken dezelfde impressionistische toets dragen die Monets werk zo kenmerkt. Wat op die foto's niet te zien is, is het muzikantentrio dat aan de zijkant zit, achter de metalen stellage waarop alle maquettepanelen liggen. Wat zijn 'maquettepanelen'? Dat zijn de panelen waarop Salembier en Bouckaert hun prachtige miniatuurlandschappen maakten. Vlakke groene landschappen, woonwijken, kale bossen, bossen in bloei met te midden al het groen een paars tentje, kale grasvlaktes vol witte tentjes, ... Die panelen worden een voor een op de tafel voor het enorme projectiescherm gelegd. Die tafel is eigenlijk een 'lopende band'. Bouckaert stelt haar camera voor de 'lopende band' op en filmt zo het voorbijtrekken van de landschappen alias panelen. De filmbeelden worden op het grote projectiescherm geprojecteerd. De panelen die de camera passeerden, worden door Bouckaert rustig en met een zekere plechtstatigheid naar een steenkoolzwart landschap - op de speelvloer voor de tafel - gedragen. Het lijkt wel een graf voor vergane landschappen. Je kijkt naar die verglijdende, uitgestorven landschappen. En je luistert naar de ongewone klanken die Smetryns componeerde (en samen met Jakob Ampe en Benjamin Dousselare live uitvoert vanachter de metalen stellage). Smetryns' compositie - een virtuoze combinatie van stemvorken, toetsen, percussie en menselijke stem - klinkt als een melancholisch, vibrerend klankenlandschap bij de verstilde landschappen van Atelier Bildraum. Het geheel is een prachtig plaatje. Ogen en oren worden zacht verwend. En toch... Toch blijf je ergens op je honger zitten. Wat wil een mens nog meer als hij naar minutieus gecomponeerde beelden kan kijken en naar met evenveel zorgvuldigheid gecomponeerde (en gespeelde) klanken kan luisteren? Je 'verbinden' met wat je ziet en hoort. Salembier en Bouckaert zijn, als de stille, bedeesde architecten van de voorbijtrekkende landschappen, de enige levende zielen op de scène (samen met de muzikanten, uiteraard). Zij kijken enkel naar de landschappen, nooit naar het publiek. Dat creëert een afstandelijkheid. Een performer die nooit naar het publiek kijkt, bouwt een muur tussen de scène en de zaal. Zo laat het duo een cruciale sleutel liggen om hun beelden tot nog meer te maken dan een door tedere muziek omhulde film van leeggelopen landschappen. Smaakmaker: Els Van Steenberghe