'Wacht even! Alvorens we binnenstappen, neem ik onze kaartjes. We moeten toch minstens de indruk wekken dat we regelmatig naar de opera komen?', aldus een jongeman tegen zijn kleurrijke vriendenbende. De twintigers vallen allerminst uit de toon te midden het bonte premièrepubliek dat op vrijdagavond 14 december 2018 de première van de FC Bergman-versie van Georges Bizets' Les pêcheurs de perles bijwoonde.

FC Bergman, dat zijn de kornuiten die enkele jaren geleden de Bourlaschouwburg vertimmerden voor hun Van den Vos. En dat zijn ook de kapoenen die dit jaar een monsterhit (op de planken) scoorden met JR dat ze opvoerden in een decor dat ze groot en breed was als een middelgroot appartementsgebouw. Kortom, de bende van Stef Aerts, Joë Agemans, Thomas Verstraeten en Marie Vinck ziet het graag groots.

'Rusthuis? Beige meubels en muren!', moet de eerste regie-ingeving van de FC Bergmannen geweest zijn.

Zo'n visie leidt vroeg of laat richting de opera. De uitdaging bij dit operadebuut lag dus niet zozeer in het omgaan met grootse decors - dat kan FC Bergman als geen ander - maar in het zodanig regisseren van de zangers dat de scènes als plaatjes ogen én klinken.

Tijdens de première keek het collectief vanuit een loge naast de scène toe hoe bijna alles vlekkeloos verliep. De veiligheidskabel waarmee sopraan Elena Tsallagova zichzelf vastklikte om de torenhoge 'gestolde' zeegolf op de scène te beklimmen, lichtte haar jurk weinig elegant op. En het stembereik van de twee oudere hoofdrolspelers - Charles Wokman en Stefano Antonucci - stelde soms teleur. Maar, dát ouder worden en merken dat je lichaam minder kan dan vroeger is de essentie van het leven én daar draait Georges Bizets opera net om.

Bizet schreef in 1863 met Les pêcheurs de perles een rakende, dramatische opera over een vriendschap tussen twee mannen, Zurga en Nadir, die - verrassing! - een deuk krijgt omdat beide mannen op dezelfde vrouw, Léïla, verliefd zijn. De rivaliteit tussen de twee flakkert opnieuw op wanneer ze elkaar én hun oude vlam herkennen in het rusthuis.

'Een rusthuis? Tijd voor beige meubels en muren!', moet de eerste regie-ingeving van FC Bergman geweest zijn. Dus opent hun operadebuut met een tafereel in een rusthuisrefter waarin een tiental oudjes - de tot besjes getransformeerde leden van Koor Opera Vlaanderen - hun laatste dagen slijten.

Of beter: dat is de tweede scène. De allereerste scène is bezig terwijl je de zaal binnenwandelt. In die scène zit, op een klein strookje van het podium (de rest van het decor zit dan nog verstopt achter een wand) een stokoude man aan een formicatafeltje. Op dat tafeltje staan een kopje koffie en een bord met een stapeltje boterhammen. De man probeert te eten. Het oogt als een doodstrijd... Dat FC Bergman de voorstelling begint met zo'n teder beeld, is een sleutel tot hun regie én een manier om ontroerende beelden aan Bizets opera toe te voegen.

FC Bergman ensceneert niet alleen de handelingen in Bizets libretto maar voegt tedere scènes toe die het verstrijken van de tijd in poëtische tableaux vivants vatten.

Want FC Bergman ensceneert niet alleen de handelingen in Bizets libretto maar voegt met stille beelden - een dode man die gewassen wordt in de dodenkamer naast de 'rusthuisrefter', meeuwen die over het decor vliegen, een kamer vol mensen die paraplu's openhouden, twee vrienden die tijdens een oranje zonsondergang over een strand rennen, een man die snikkend op een bed zit met een boeket rozen op schoot - fragiele, beschouwelijke scènes toe die het verglijden van de tijd en de liefde in poëtische tableaux vivants vatten.

In het decor - een draaitoneel waarvan de ene helft een beige rusthuissetting is en de andere helft een strand waarover een woeste golf hangt én waar tortelduiven Léïla en Nadir elkaar ontmoetten toen ze jong waren - lijken de meeuwen, het strand, de paraplu's, de rozen, de muur met doodskisten te verwijzen naar het surrealistische universum van René Magritte. Ook hij suggereerde in zijn werk meerdere verhalen tegelijkertijd én hij schilderde steeds om de vergankelijkheid te snel af te zijn of ze minstens te vereeuwigen op canvas.

De vergankelijkheid van het leven en de liefde wordt in deze opera lyrisch bezongen én verbeeld op een wonderlijke manier die zo innemend, ontroerend en soms gewoon grappig is dat na afloop van de première het publiek als een man/vrouw rechtveerde. Ook het clubje twintigers dat zich aanvankelijk wat onwennig voelde.

Les pêcheurs de perles van Opera Vlaanderen is nog tot en met 31 december 2018 te zien in Opera Antwerpen. Van 12 tot 24 januari 2019 speelt de voorstelling in Opera Gent. Alle info: www.operaballet.be

Trailer