The Play = Sadko
...

In een onderbroek vol bloedvlekken strompelt Sadko door de aarde in deze vinnige enscenering van Rimski-Korsakovs opera Sadko (1895). Dat zou er potsierlijk kunnen uitzien maar dat is het niet, dankzij het acteertalent van de Georgische tenor Zurab Zurabishvili. Hij laat zijn stevige lijf klein spelen en ingetogen zingen, zoekt zelden de bravoure op en kijkt met een wezenloze Droopy-blik voor zich uit. Zo maakt hij Sadko tot een aangrijpend én grappig personage. Ook al is die Sadko eigenlijk weinig meer dan een schuinsmarcheerder. Of 'onderzeepoeper', zo u wilt. Want de opera speelt zich deels in Novgorod en deels in een onderzeese (droom)wereld af. In die wereld regeert een koning die de vader is van, uiteraard, een begeerlijke dochter: de zeeprinses Volchova. Op die dochter laat de netjes getrouwde zanger Sadko een oogje vallen. Zijn echtgenote laat hij wachten met het eten - wat een even pakkende als hilarische scène oplevert waarin het vleesbrood door de lucht vliegt - terwijl hij op avontuur trekt met zijn onderzeese schone. Gelukkig volgt berouw en zedige zelfreflectie. Niet dit verhaal is verfrissend - integendeel, eigenlijk - maar wél de afwisseling tussen de aanzwellende en soms iets te pompeus gespeelde koorpartijen en de veelkleurige, verfijnd gecomponeerde solo's. Het zijn net muzikale kantwerkjes die vooral door Sadko, zijn vrouw Ljoebava Boesnajevna (een charmant acterende en trefzeker, sober zingende mezzosopraan Victoria Yarovaya) en de zeeprinses Volchova (sopraan Betsy Horne) gezongen worden. Dat deze uitmuntende zangers over een goede portie acteertalent beschikken, maakt dat je aandacht tijdens deze ruim 2,5 uur durende opera nooit verslapt. Ook Kramers straffe scènebeelden houden de aandacht vast. De basis van elk beeld is die toneelvloer vol aarde, een uitgekiende belichting en een projectiescherm dat boven de scène hangt. Op dat scherm worden onder meer filmfragmenten uit de geschiedenis van Rusland geprojecteerd. Die beelden pimpen het scènebeeld maar dragen amper wat bij aan het verhaal. Ze nodigen oppervlakkig uit tot 'enige' maatschappijkritische reflectie. Even visueel geslaagd zijn de massascènes zoals de scène vol dronken metgezellen van Sadko of de scène waarin Sadko de zeeprinses en haar hofdames ontmoet. Kramer weet die scènes zó te organiseren dat ze niet bombastisch aandoen. Hij leidt de koorleden met vaste, choreografische hand over de scène. De hofdames staan bijvoorbeeld vaak in een lijn of cirkel en bewegen synchroon. Maar, en dat is een verdienste, die bewegingen ogen nooit gekunsteld of stroef. Hetzelfde geldt voor de kostuums. Van de weelderige, oudroze outfits voor de hofdames van de zeeprinses tot de kleurige toeristenoutfits voor de reisgezellen van Sadko: ze zijn ingehouden uitbundig, smaakvol en functioneel. Ze maken het scènebeeld af en zorgen dat je meteen het karakter of de functie van een personage kan lezen.Het resultaat is een onbeschaamd pretentieloze en fijne opera-avond met iets te luchtige knipogen naar actualiteit en geschiedenis. Het verhaal is niet bijster origineel, maar de muziek en de uitvoering ervan zijn dat des te meer. Door de strakke leiding van de dirigent Jurowski die de verfijning maximaal toelaat en de bombast tijdens de koorzangen inbeukt én dankzij de prachtige stemmen die vooral bloeien wanneer de performers - zoals de uitmuntende Zurabishvilli als Sadko - zich verre van de overdrijving houden. Het maakt Sadko tot een dynamische opera die op muzikaal en op visueel vlak zorgvuldigheid en expressie uitstraalt. Zonder meer. Smaakmaker: