De groep
...

De groepDe Chileense theateracteur en activist Victor Jara met de leden van de groep Quilapayún, voortrekkers van de 'nueva canción Chilena', een beweging die de Chileense volksmuziek nieuw leven wilde inblazen. De plaatPongo en tus manos abiertas... - 'Ik leg in je open handen...' -, Jara's magnum opus, verscheen in juni 1969. Met zijn strijdvaardige songteksten vormde de plaat een soundtrack bij de progressieve omwentelingen die destijds in Chili plaatsvonden. Het geluidNet zoals de protestzangers in de VS een folkrevival lanceerden, loodste Jara de nationale muziektradities een nieuw tijdperk in. Alleen was de Chileen veel radicaler dan de Amerikaanse hippies. Het door spookachtige fluit begeleide A Luis Emilio Recabarren is een ode aan de oprichter van de Chileense communistische partij, en in Preguntas por Puerto Montt richt Jara zich rechtstreeks tot de minister van Binnenlandse Zaken, die in maart 1969 het bevel gaf tot een bloedbad onder ontheemde landbouwers.Jara ging niet op een zeepkist staan, maar gebruikte zijn theaterachtergrond om levendige verhalen te vertellen over de revolutionaire geest die door Latijns-Amerika waarde. Zo is het Caraïbisch getinte, bedrieglijk kinderlijke Duerme, duerme, negrito een aanklacht tegen racisme en in 'Móvil' Oil Special zitten samples van protesterende studenten, sirenes en geweerschoten. De quote'Usted debe responder, señor Pérez Zujovic / Por qué al pueblo indefenso contestaron con fusil / Señor Perez, su conciencia la enterró en un ataúd.' ('U moet antwoorden, mijnheer Pérez Zujovic / Waarom hebben jullie met het geweer op het weerloze volk gereageerd? / Mijnheer Pérez, u hebt uw geweten in een doodskist begraven.') De impactJara groeide uit tot een volksheld en heeft dat met zijn leven moeten bekopen. Na de coup van Augusto Pinochet, die in 1973 het bewind van de socialistische president Salvador Allende omverwierp, werd Jara opgesloten, gemarteld en vermoord. Dat gaf de Chileense oppositie een stem en een gezicht. Tijdens een herdenkingsconcert in New York in 1974 traden Pete Seeger en Bob Dylan aan. Joan Baez en Robert Wyatt coverden Jara's Te recuerdo, Amanda, en onder meer The Clash, U2 en Bruce Springsteen hebben hulde aan hem gebracht.