Wanneer je verwelkomd wordt door een graffitikunstwerk, een basketbalring ziet aan het tweede podium en een skateboard vlotjes door de security geraakt, weet je dat je op Fire Is Gold bent. Het is niet langer het enige hiphopfestival in Vlaanderen - in maart was er al de eerste editie van Out The Frame in de Vooruit - maar wel het enige dat met zoveel aspecten van de hiphopcultuur bezig is, van breakdance tot BMX.
...

Wanneer je verwelkomd wordt door een graffitikunstwerk, een basketbalring ziet aan het tweede podium en een skateboard vlotjes door de security geraakt, weet je dat je op Fire Is Gold bent. Het is niet langer het enige hiphopfestival in Vlaanderen - in maart was er al de eerste editie van Out The Frame in de Vooruit - maar wel het enige dat met zoveel aspecten van de hiphopcultuur bezig is, van breakdance tot BMX. Ook muzikaal kon het duidelijk niet breed genoeg gaan. Zelf trapten we de dag af met een royale portie landgenoten achter elkaar, die samen een fraai beeld geven van wat de Belhop zoal in zijn mars heeft. Caballero en JeanJass, habitués in de Brusselse Franstalige scene en maatjes met Roméo Elvis, kwamen opdraven met hun eigen merchandising aan en openden met kurkdroge beats en een dikke jonko in de hand. Af en toe hield Caballero ons bij de les met wat vuriger rapwerk, maar het moest vooral olijk en mellow zijn. Zitzakkenhiphop, op maat van de mensen die er toen al waren.Die waren overigens vooral bezig met België-Tunesië op groot scherm, maar na drie goals trokken we met plezier naar Soul'Art. Het Vilvoords-Mechelse vijftal drapeert Frans, Engels en Nederlands over een zwoel in het oor klinkende mengeling van soul, dub en elektronica. Het is ook een van de weinige acts op de affiche die scoorde met zang, meerstemmige zang dan nog, met een hoofdrol voor frontvrouw Martha Canga Antonio. Het rapwerk mocht dan weer wat strakker af en toe, maar daar maalden we na een paar groovy meewieghitjes à la Django nauwelijks nog om.Ook Canga Antonio's buddy Blu Samu - in de wandelgangen hoor je al eens de naam van Lauryn Hill vallen als het over haar gaat - moest vechten tegen het voetbal, letterlijk dan. 'Mag het een beetje luider?' vroeg ze aan de geluidsman. Na een nee: 'Doe toch maar een beetje luider.' Ze ging er alleen maar meer verbeten door spelen, nooit een slechte zaak bij haar. De Antwerpse hiphopbelofte met een vleugje saudade in de wortels raasde door complexe rijmschema's en kletste bijna in ons gezicht met het refrein van I Run. 'I'm humble but I'm loud', rapte ze ergens. Iets met zelfkennis en wijsheid, met talent ook. Met de Nederlander Jacin Trill ging Fire Is Gold voor het eerst wat harder. De man is een kruising tussen een botsbal en Vincent Van Gogh - een van zijn twee oren is niet volgroeid - en wordt door de media boven de Moerdijk de grootste vernieuwer van de Nederlandse rap genoemd. Muzikaal uit dat zich dat in moddervette trapbeats, tekstueel in ongein als 'Ik loop mank in de Bijenkorf / ik heb te veel gewicht, want er is gestort'. Ging erin als een broodje kroket bij het publiek overigens, net als hitje Kspreyopjebitch. Jacin Trill bracht niks dat wij ooit in onze platenkast zouden willen zien staan, maar een feestje was het wel, vooral omdat hij elke paar minuten het publiek weer oppompte voor een nieuwe drop. 'Make some noise! In drie! Twee! Eén!' En dat een keer of twintig, een patroon dat later die dag nog vaak zou terugkomen.Bij K1D bijvoorbeeld, misschien wel de Belg met de meest volwassen show van het festival. Een robotstem kondigde aan wat ons de doen stond - 'sweat, laugh and enjoy' - voor de sidekick van Woodie Smalls het podium op hotsebotste. Meteen gooide hij Pikachu Flow en Netflixxx in de strijd, twee van zijn beste tracks, om vervolgens meneer Smalls op het podium te vragen. Een paar moshpits later was het uurtje Belgisch rap op z'n Amerikaans weer voorbij, al konden we ons vervolgens laven aan Dvtch Norris. Zelf noemde hij zijn publiek de hele tijd insane, een term waar wij doorgaans wat zuiniger mee zijn, maar sfeer was er wel. Met een brede grijns en de tong uit de mond laveerde de Antwerpenaar ons vlot langs nieuwe tracks die ons doen uitkijken naar zijn volgende releases. Als er één rode draad te trekken valt door deze editie van Fire Is Gold, is het de drop, de neiging van de meeste artiesten om hun set voort te jagen van climax naar climax, op maat van Instagramfeeds en Snapchatstory's, tot de neutrale hiphopliefhebber er horendol van wordt. Een partyhopper als Jacin' Trill doet het, maar K1D en Dvtch Norris evenzeer. Ook Deniro Farrar, een Amerikaanse undergroundartiest die gangstarap over trapbeats heen gooit en het geheel live afkruidt met een kermistoeter of vijfentwintig, gunde ons geen moment rust - we mochten wel van zijn waterflesje drinken - net als Sevn Alias, die met nummers als Gass en Patsergedrag, uit de soundtrack van Patser, kwam tonen dat de Nederhop meer hitmachines heeft dan Boef, Lil Kleine en Ronnie Flex.En dan hebben we het nog niet over Tekashi 6ix9ine gehad. U mag ook Tekashi zeggen, of Tekashi69, of 'die ene kerel die een paar keer 69 op zijn gezicht heeft laten tatoeëren, tanden heeft in alle kleuren van de regenboog en veroordeeld is voor seksuele handelingen met een minderjarige.' Razend agressief is zijn muziek, met titels in all caps en geschreeuwde lyrics, maar in Vilvoorde hing de man die maandelijks 7 miljoen mensen naar hem laat luisteren op Spotify ook regelmatig de sympathiekeling uit. Om dan weer te rappen over Xanax en dat hij met onze vriendin ging vogelen in handstand, dat dan weer wel. Rauwere energie kregen we niet voor de kiezen op dit festival, maar geen idee of we deze man ooit gaan begrijpen. Halverwege zijn set trokken we nog even naar peetvader Zwangere Guy, bekend van Stikstof en van zichzelf waar het allemaal net iets gezapiger mocht. Alleen de basversterkers bleven aanvankelijk overuren draaien, zodat we de geestige teksten van songs als Dokter Guy en Suave G met moeite hoorden. Dat euvel was snel verholpen, zeker wanneer Stikstofmaatje Jazz en de maatjes van Le 77 kwamen helpen. Nog een bedankje voor de organisatie, wat reclame voor zijn nieuwe plaat, een shout-out naar Tekashi en weg was Guy. Misschien niet de strakste of beste set van de dag, maar wel een mooi rustpunt in een voor de rest hyperkinetisch avondprogramma.Want ook Yxng Bane, een Londense ladykiller die onder meer een remix van Ed Sheerans Shape Of You op zijn naam heeft staan, vloog er vlammend in, maar leek tussen het volksmennen en het vunzige dingen uithalen met zijn microfoon vergeten te zijn dat er ook gerapt moest worden. Gevonden vreten voor de fans, een tamme show voor al de rest. Dan waren we blij dat de avond werd afgesloten door Killy, een Canadees die zich liet vergezellen door een bonk van een kompaan, met een Pokémonrugzak op zijn rug. Van het podium ging het bijna rechtstreeks de hekken van de frontstage op, en daar bleef hij zowat de hele set kamperen, rhymes spuwend alsof zijn leven ervan afhing. Dat heet dan een ontdekking.Want ja, er viel heel wat te ontdekken op Fire Is Gold 2018, maar toch geloven we dat het festival nog eigenzinniger en interessanter mag programmeren, zeker nu hiphop de dienst uitmaakt in de mainstream en de grote festivals het steeds vaker programmeren - Sevn Alias staat op Rock Werchter, Jacin Trill op Pukkelpop, Caballero en JeanJass zowat overal. Misschien moeten de scherpste speurneuzen van de hiphopscene verder durven gaan om zo de grote festivals aan te vuren en uit te dagen. Rap uit Azië of Zuid-Amerika, een hiphopgroep met een doedelzak of een dwarsfluit? Wie weet wat er mogelijk is, zolang het maar niet elk nummer weer die kermistoeter is.