Dan toch een festival in de Botanique. Maar dan een Botanique waar het plastiek niet alleen rond de muren-in-restauratie hangt, maar ook met pijltjes op de vloer toont waar je wel en niet mag stappen. Waar je een thermometer tegen je voorhoofd geduwd krijgt en de micro naar ontsmettingsmiddel ruikt. Les Nuits Botanique was het eerste festival dat aan het virus moest geloven, maar zes maanden later loopt Brussels mooiste concertzaal opnieuw (een beetje) vol. Om het met de woorden van Luikse dandy Nicolas Michaux te zeggen: 'Dat zie je niet elke dag'.
...

Dan toch een festival in de Botanique. Maar dan een Botanique waar het plastiek niet alleen rond de muren-in-restauratie hangt, maar ook met pijltjes op de vloer toont waar je wel en niet mag stappen. Waar je een thermometer tegen je voorhoofd geduwd krijgt en de micro naar ontsmettingsmiddel ruikt. Les Nuits Botanique was het eerste festival dat aan het virus moest geloven, maar zes maanden later loopt Brussels mooiste concertzaal opnieuw (een beetje) vol. Om het met de woorden van Luikse dandy Nicolas Michaux te zeggen: 'Dat zie je niet elke dag'. 'Een beetje vol' betekent twee programma's: eentje rond de Kaapverdische zangeres Mayra Andrade en Capitane Label Night met Nicolas Michaux en Under The Reefs Orchestra. Het collectief en label Capitane Records werd opgericht door Michaux en vrienden. De Luikenaar liet liever geen andere managers zijn artistieke richting bepalen - ze zouden wel héél erg hun best moeten doen om hem in een keurslijf te krijgen, maar dat terzijde - en als man van de wereld kan hij net zo goed zelf de zakelijke kant van muziek maken op zich nemen. Aangezien je in de muziek- en bredere wereld als collectief sterker staat, was de keuze snel gemaakt.Eén van die vrienden is gitarist Clément Nourry van Under The Reefs Orchestra, die ook in de band van Michaux speelt. Nourry's orchestra mocht de avond openen, al moet je 'orkest' met een korrel zout nemen. Met drie instrumenten staan ze op het podium: een drumstel, een gitaar en een indrukwekkende bassaxofoon die zelfs haar eigen pedalen heeft.Under The Reefs Orchestra ontstond tijdens Les Nuits in 2017 en drie jaar later stellen ze er hun debuut-ep voor met een releaseparty. 'Party' hoef je dan weer niét met een korrel zout te nemen: het trio pompt en schuurt zo hard dat Shabaka Hutchings ervan zou opkijken. Na even ineen te zakken halverwege de set, sluit het trio groots af met Une île. Gezegend saxofonist Marti Melia (Flat Earth Society) schudt zo vastberaden heen weer dat het raar is dat hij zijn voorhoofd niet nog meer moet afdrogen, en Clément Nourry gaat zijn snaren te lijf alsof hij de afwas van vorige week proper probeert te krijgen. De jongens van Mammal Hands zijn er muurbloempjes naast.Zweten kon het publiek niet. De enige dansende mensen waren figuranten op de visuals, die overigens weinig meerwaarde hadden - als je al langs de groot uitgevallen sax het projectiescherm kon zien. Toch weerhielden de stoeltjes een man op twee rijen voor bovengetekende niet om de tribune wel heel erg te doen wiebelen. Under The Reefs Orchestra is een rockband in jazzformatie, die (gelukkig) niet kan kiezen tussen slepende melodieën en reverb.Wie ook niet kan kiezen, is Nicolas Michaux. De voormalige zanger van Waalse band Eté 67 pendelt tussen Brussel en Deens eiland Samsø waar hij nummers schrijft en groenten kweekt. Hij doopte zijn langverwachte tweede Amour colère en zingt er zowel in het Frans als in het Engels. Over de geboorte van zijn dochter én de merde van het kapitalisme. Dat terwijl hij het zo ongeveer halverwege houdt tussen de folkrock van de jaren zestig en zeventig en Franse chanson.Al mogen we dat laatste niet te luid zeggen. Michaux heeft het niet zo op voor de Franse traditie, ook al klinkt hij tijdens een breekbare versie van A nouveau erg als Franse singer-songwriter Etienne Daho. We hebben dan wel veel mooie woorden voor Michaux-op-plaat, hij is nog steeds iemand die u live - netjes in pak en een beetje theatraal - aan het werk moet zien. Michaux had een prima Brassens junior geweest, als hij dat had gewild tenminste.In plaats daarvan duikt hij in de Verenigde Staten van zo'n half decennium geleden. Als kind keek hij westerns met zijn vader, en de muziek uit de canyons is blijven plakken. Michaux' country- en cajuninvloeden zijn een verademing van de hedendaagse Franse pop die collectief naar synths en de jaren tachtig lijken te grijpen (denk Agar Agar en Voyou). Amour colère is minder poppy dan zijn goed ontvangen langspeeldebuut À la vie, à la mort, meer een terugkeer naar Leonard Cohen en Lou Reed, zijn grote liefdes. Het resultaat is een aangenaam wegluisterend pleidooi voor een betere wereld. Niet in oneliners zoals het u welbekende punkvijftal van Joe 'I'm scum' Talbot doet, wel met ontwapende oprechtheid.Live klinkt dat alles verrassend vrolijk. Michaux was dan ook 'heel gelukkig' om nog eens te spelen, en dat zag je. Enemies begint als een teasend gehuppel, tot de muzikanten met knappe gitaarsolo's klinken op de ondergang van het neoliberalisme. Publiekslieveling Parrot kan nog zo opgewekt klinken, de clip is een middelvinger naar politiegeweld, uitzichtloos lopendebandwerk en seniele wereldleiders. Dat is politieker dan pakweg Flavien 'Pamplemousse' Berger.Eindigen doet de Scandinavische Luikenaar met What you want me to be, de nieuwe single van Capitane Records-adepten Great Mountain Fire. Samen met frontman Thomas de Hemptinne stuurt hij ons strijdvol de nacht in. Ook dat zie je niet elke dag.