Sinead O'Connor is terug, en we zullen het geweten hebben. Sinds de zangeres zich een jaar geleden bekeerde tot de islam, laat ze zich aanspreken als Shuhada' Davitt. Het is de zoveelste transitie voor O'Connor, waarmee een nieuwe episode aanbreekt in haar lange en moeilijke relatie met religie en zichzelf.
...

Sinead O'Connor is terug, en we zullen het geweten hebben. Sinds de zangeres zich een jaar geleden bekeerde tot de islam, laat ze zich aanspreken als Shuhada' Davitt. Het is de zoveelste transitie voor O'Connor, waarmee een nieuwe episode aanbreekt in haar lange en moeilijke relatie met religie en zichzelf.Enkele sleutelmomenten. In 1992 verscheurde O'Connor een foto van paus Johannes Paulus II live op de Amerikaanse tv, als protest tegen het wijdverspreide en door de katholieke kerk onder de mat geveegde kindermisbruik van geestelijken. Niemand nam haar destijds ernstig en onder anderen Madonna viel de zangeres publiekelijk af. In 1999 wijdde een bisschop van de niet door Rome erkende Ierse orthodox-katholieke en apostolische Kerk haar tot priester en werd ze Mother Bernadette Mary. Ze excuseerde zich ook voor het pauselijke foto-incident. In 2017 veranderde ze, geplaagd door een psychische problemen en zelfmoordgedachte, haar naam opnieuw, dit keer naar Magda Davitt, om 'vrij te zijn ouderlijke vloeken'. En nu is ze dus een trotse moslima, met alle heisa van dien. Want samen met haar comeback keren ook de tweets terug waarin O'Connor/Davitt vlak na haar transitie verklaarde dat ze nooit meer contact wou met blanke mensen, 'of hoe je niet-moslims moet noemen'. 'Not for one moment, for any reason. They are disgusting'. Vorige week nam ze publiekelijk afstand van die woorden, die naar eigen zeggen werden getriggerd door islamofobische trollen. 'I apologize for hurt caused', schreef ze op Twitter over haar 'crazy tweets'. Blijft de vraag of daarmee de kous af is. Met haar bekering creëert de Ierse namelijk een open doel voor islamcritici: ook in de moslimwereld is kindermisbruik door clerici een gigantisch en bekend probleem. In landen als Saudi-Arabië en Jemen zijn kindhuwelijken nog steeds schering en inslag. In Afghanistan bestaat het fenomeen van bacha bazi, waarbij kleine jongetjes door sommige war lords en stamleiders worden gekocht als seksslaven, zoals te zien in de verbijsterende documentaire Dancing Boys of Afghanistan. Twee jaar geleden legde een onderzoek van Associated Press in Pakistan en Azerbeidzjan het wijdverspreide en zelden vervolgde kindermisbruik in islamitische madrasscholen bloot. Is het niet hypocriet om je uit te spreken tegen de criminele uitwassen van katholieken, maar daarna de islam, die evenzeer boter op het hoofd heeft, in het hart te sluiten? En wat met de vrije expressie, die in vele moslimlanden aan banden ligt? Iran, bijvoorbeeld, waar ayatollah Khomeini na de islamitische revolutie in 1979 alle muziek van radio en tv bande, omdat het 'niks verschilde van opium'. Kan Davitt als muzikant haar geweten rijmen met de praktijken van de taliban, die tijdens hun heerschappij in Afghanistan instrumenten publiekelijk vernielden, alle muziek in de ban sloegen en artiesten, fans en verkopers in de gevangenis smeet? Ook in het kalifaat van IS was muziek des duivels, en twee jaar geleden vertelde de frontman van het West-Afrikaanse Songhoy Blues ons hoe de aan Al Qaeda gelinkte milities van Ansar Dine in Mali concertzalen in de as legden en alle niet-religieuze muziek verboden. Moet ze als zangeres en als moslima niet publiekelijk afstand nemen van al die praktijken? Of ze op z'n minst veroordelen? Wel, neen, dat moet ze niet. Net zomin zoals elke christen zich moet verantwoorden voor elke pedofiele priester of bisschop. Net zomin zoals elke christelijke muzikant - ze zijn met velen - zich publiekelijk moet uitspreken tegen alle orthodoxe afsplitsingen waar seculaire muziek uit den boze is. De strikt evangelisch opgevoede Katy Perry, bijvoorbeeld, kreeg thuis nooit popmuziek maar enkel gospels te horen, en ging ooit met haar ouders protesteren bij rockconcerten als die van Marilyn Manson. Brandon Flowers van The Killers kan zijn mormoons geloof rustig belijden, zonder daarbij impliciet medeplichtig te zijn aan sommige ultraconservatieve dwangregels binnen die gemeenschap. Prince voelde zich nooit geroepen om afstand te nemen van het massaal toegedekte misbruikt bij de Jehova's getuigen. Volkomen terecht. Bovendien is vrije expressie de vijand van élk totalitair gedachtegoed, van alle extremistische, politiek of religieus geïnspireerde doctrines en regimes die in ongebreidelde creativiteit een aanslag op hun ideeën zien. 'De islam' heeft geen enkel probleem met muziek, omdat 'de islam', net zoals 'de christenen', simpelweg niet bestaat. Wees gerust, Sinead O'Connor, of Shuhada' Davitt zoals ze wil, zal vanaf nu niet Nothing Compares 2 Muhammed zingen. Ondanks wat bepaalde opiniemakers of politici u ook wil doen geloven, wil niet elke moslim met een hoofddoek, sluier, of bidtapijtje de Westerse beschaving bestrijden of vernietigen. In haar recente interview op het Ierse praatprogramma The Late Late Show vertelde O'Connor/Davitt dat ze specifiek het Soefisme aanhangt. Binnen die niet-sektarische, spirituele stroming binnen de islam krijgen dans en muziek een grote rol toebedeeld in de geloofsbelevenis. De zogeheten derwisjen, die zich met hun wijde rokken in een trance dansen, vind je terug in tegengestelde vertakkingen als het soennisme en de sjia-islam. 'Qawwali' heet hun gezamenlijke muziektraditie, met als één van de bekendste exponenten de legendarische Pakistaanse zanger Nusrat Fateh Ali Khan, het grote idool van de betreurde Jeff Buckley. Ook Jonny Greenwood van Radiohead is fan: in 2015 nam hij samen met de Israëlische componist Shye Ben Tzurin een prachtplaat op, Junun, waarop Qawwali verbroedert met muziek van moslimzigeuners en Indiase fanfares.O'Connor is trouwens niet de eerste of enige westerse muzikant die heil zoekt in het islamitische Soefisme. Onder meer de Britse folkrocklegende Richard Thompson en zijn echtgenote Linda ging haar begin jaren 70 al voor. Het weerhield hen hoegenaamd niet van prachtplaten als I Want to See the Bright Lights Tonight(1974) en Hokey Pokey (1975) uit te brengen. In 2007 vertelde Thompson in een interview met The Huffington Post dat hij ondanks zijn nieuwe roeping geen spreekbuis wilde zijn voor iets 'zo breed als de hele islam'. Misinterpretatie loert namelijk om de hoek, zo vindt hij. 'Want veel van wat we in het westen te zien krijgen van de islam, komt van the loudest shouting voices, de neo-islamitische fundamentalisten'. 'De luidst roepende stemmen', de tafelspringers, de radicalen, de extremisten. Ze zitten overal. Ze voeren elk hun eigen heilige oorlog en vormen elkaars megafoon. Met hun volume zaaien ze uit eigenbelang zoveel mogelijk verwarring en verdeling. Bullebakken zijn in er in alle maten en vormen. Maar zingen zoals deze dame kunnen ze nooit.