Wie? Veruit het gekste groepje van de avond en misschien wel de hype van het moment
...

'Wie lijdt er hier allemaal een oppervlakkig leven?' Cynisme of niet, de knotsgekke noiserock van het Gentse collectief Shht is verre van alledaags. De muziek bewandelde paden waar de meeste groepen ver van wegblijven. Driestemmige autotune, robotgeluiden of een dolgedraaide cover van Bohemian Rhapsody: alles kan in het universum van Shht. Ja, het zag er grappig uit, maar door de verpakking heen hoorde we vooral steengoede, intelligente songs. Het soort van band dat een knuffel verdient, maar waar je de nekspieren toch ook stevig op wilt losschudden. Het recept voor een broeierige, dansbare cocktail: een charismatische frontman, pompeuze baslijnen en wollige, kleurrijke synthesizers. De geoliede machine van Tin Fingers maakte indruk. Het zag er niet alleen goed uit, ook de songs waren van een niveau dat je doet afvragen waarom deze heren zo weinig op de radio worden gedraaid.Boy Boy was een oorwurm die nog heel de nacht bleef hangen, Young Mother klonk zowaar nog dynamischer dan op plaat en het sensuele, hoekige She was een vroeg kookpunt dat gerust het einde van de setlist mocht halen. Tin Fingers is duidelijk klaar voor het grotere werk. Gewoon een kaartje kopen, ergens dit najaar. De bandnaam is zo Vlaams als maar kan, maar wie naar Dirk - gestileeerd als dirk. - kwam kijken voor kneuterige onder-de-kerktorenmuziek, kwam toch wel even bedrogen uit. De snoeiharde gitaarriffs werden recht vanuit de nineties in onze trommelvliezen gekatapulteerd, een kunst die dirk. tot in de puntjes beheerste. Bovendien had frontman Jelle Denturck en stem die werkelijk alles aankon: breekbare, ingetogen passages gingen hand in hand met de soort van schreeuw na een messteek in de rug.Het publiek had duidelijk nood aan de ontwapende sound van het Gentse viertal. Puur en oversneden. Dirk for president! Tijdens een show van Briqueville vraag je jezelf toch af uit welke obscure sekte deze groep is ontsprongen. Lange zwarte gewaden, maskers en een in duisternis gehuld podium maken van Briqueville het best bewaarde geheim van het moment. Bovendien moet je de groep niet zien, maar vóélen. Dynamiek troef: de traag opgebouwde en sfeervolle passages dompelen je net lang genoeg onder in een roes om dan genadeloos toe te slaan. Mokerslagen van drums, gitaren die voor cirkelzagen kunnen doorgaan en demonische zanglijnen lieten Trix op z'n grondvesten daveren. Mission accomplished. Een aangenaam sfeertje bij Shy Dog. Niet onlogisch, aangezien de kleurrijke synthpop als een warme gloed de zaal werd ingestuurd. Psychedelische uitspattingen, herkenbare melodieën en laidback percussie waren het perfecte geheel om de nacht ingestuurd te worden. De lichtjes bevreemdende zang van Melis was een extra touch die het geheel net dat tikkeltje extra gaf. Wanneer Shy Dog z'n tweede langspeler uitbrengt is niet geweten, maar lang hoeft het wat ons betreft toch niet te duren.