Da gig: Ludovico Einaudi in het Koninklijk Circus in Brussel, 25/03

In een zin: Ludovico Einaudi toont dat hij nog niet denkt aan uitbollen met een heruitvinden van zijn kunnen.

Hoogtepunten: The Path Of The Fossils

Dieptepunten: de bisronde

Beste Quote: geen, want Einaudi spreekt niet tegen zijn publiek.

Het zijn hoogdagen voor de fans van Ludovico Einaudi. De Italiaanse neoklassieke componist, die normaal gezien maar elke twee jaar een album uitbrengt, stuurde twee weken geleden het eerste deel van Seven Days Walking de wereld in, een cyclus van zeven albums die hij in evenveel maanden tijd lost. Samen met violist Federico Mecozzi en cellist Redi Hasa wil Einaudi het verhaal van een wandeling door de Alpen vertellen waar het weer en de tijd, in contact met elkaar, iedere keer een andere sfeer scheppen. Op Day One , het eerste van de zeven albums, ervaren wij echter een ander verhaal.

Er moet Einaudi iets verschrikkelijk overkomen zijn in het weekend voorafgaand aan Day One. De in zichzelf gekeerde Italiaan - hij speelt de hele tijd met zijn rug naar het publiek - opent in Brussel met Low Mist, een uitzonderlijk melancholische en verdrietige intro. Vrij snel slaat de sfeer om naar een zeker onrust - een gevoel dat je eerder bij Wim Mertens verwacht. De visuals op de achtergrond, een video van een besneeuwd wandelpad, werken mee aan dit gevoel. Na een intens samenspel van viool, piano en cello, maakt de onrust weer plaats voor melancholie.

Op die manier wisselt de Italiaan, die bij grote publiek bekendraakte met zijn soundtracks voor onder meer Les Intouchables en Doctor Zhivago, zes à zeven nummers af. De afwisseling tussen traag, snel, zacht en hard doet de armharen bij de mensen omhoogkomen. Einaudi trekt zijn publiek mee in een verhaal dat te interpreteren valt als liefdesverdriet. Wanneer de droefheid overheerst, lijkt zijn hoofd af en toe te ontploffen waarbij hevige emoties te de bovenhand en nemen zijn emoties het zichtbaar van hem over, alsof hij tevergeefs probeert te begrijpen wat er fout gelopen is.

Niemand kan na dit concert nog zeggen dat Ludovico Einaudi altijd hetzelfde doet.

In het tweede deel van het optreden verandert de sfeer. Einaudi speelt rustiger, de onrust verdwijnt en de Italiaan is weer zijn introverte zelf. De pianist lijkt zijn antwoorden te hebben gevonden. Hij laat het publiek genieten van zachte, liefdevolle muziek. Dit is waarvoor de meeste mensen komen, waarvan ze hem kennen. En net op het moment dat we denken Einaudi als een gewoontedier te hebben ontmaskerd, verrast hij weer.

Met The Path Of The Fossils, ineens ook het langste nummer op de nieuwe plaat, bouwt hij op naar een nieuwe sfeer. Hij lijkt wat hem ook overkomen is te overwinnen. De bassen van de piano worden zwaarder, de cello en viool lijken te versnellen en het samenspel ontploft. In de zaal beginnen mensen onbewust te headbangen - iets wat je niet verwacht op een neoklassiek concert - en Einaudi leeft op.

Hij lijkt mee te mompelen met zijn muziek en even zijn we bang dat hij zoals Jef Neve zal beginnen te brommen. Gelukkig niet! Het trio dolt met elkaar alsof ze drie kleine jongetjes zijn die net een nieuw stuk speelgoed gekregen hebben. Ze hebben er plezier in, op Einaudi's gelaat prijkt een zeldzame glimlach van oor tot oor.

De muzikanten eindigen met een knal, zoals we in de rockwereld zouden zeggen. Het publiek veert recht van extase en je hoort mensen bejubelend fluiten. Einaudi is erin geslaagd om een sereen publiek van koppeltjes, gezinnen en expats het gevoel te geven dat ze de wereld aankunnen.

Wanneer de droefheid overheerst, lijkt zijn hoofd af en toe te ontploffen waarbij hevige emoties te de bovenhand en nemen zijn emoties het zichtbaar van hem over.

Maar dan komt de toegift. Je verwacht dat Einaudi de energieke lijn doortrekt, maar daar mislukt hij echter faliekant in. Hij komt solo terug op het podium en speelt een geïmproviseerde mengelmoes van zijn bekendste hits, voor zover je daar bij hem over kunt spreken. Het overwinningsgevoel verdwijnt en verschillende mensen beginnen te geeuwen. Als de cellist en de violist terug op het podium komen, brengt hij terug wat energie in de zaal, maar de ongeïnspireerde verzameling van noten blijft in het achterhoofd zitten.

Ludovico Einaudi zegt tijdens het concert geen woord tegen zijn publiek, en op het einde kan er niet meer vanaf dan een kleine buiging. Einaudi gebruikt geen woorden. Hij spreekt, meer dan ooit, met zijn muziek.

Heruitvinding

Niemand kan na dit concert nog zeggen dat Ludovico Einaudi altijd hetzelfde doet. Toegegeven, de basisformule van de componist blijft hetzelfde: repetitieve akkoorden met een zachte melodie doorheen het lied die, bijna onopgemerkt, hier en daar afwijkt van de basismelodie. Maar met Seven Days Walking: Day One bewijst de Italiaanse componist dat hij zoveel meer is dan een genie in herhaling. Hij heeft zichzelf heruitgevonden en toont een rauwe kant die hij zelden eerder heeft laten zien.

Het Koninklijk Circus kreeg een herboren Einaudi te zien, die op 64-jarige leeftijd bewijst dat hij nog niet denkt aan uitbollen. Als de komende zes albums ook maar half zo goed zijn als Day One mogen we onze beide handen kussen dat we in dezelfde tijdsperiode leven als deze componist.