Eerlijk gezegd kom ik zelf quasi nooit in Mechelen, dus ik weet niet hoe het er daar aan toe gaat. Is er sprake van een lokale metalscene, of zijn jullie eerder buitenbeentjes?
...

Eerlijk gezegd kom ik zelf quasi nooit in Mechelen, dus ik weet niet hoe het er daar aan toe gaat. Is er sprake van een lokale metalscene, of zijn jullie eerder buitenbeentjes?Chiaran Verheyden (gitaar): Er is zeker een Mechelse metalscene, en zo lang wij als band al bestaan is die beetje bij beetje aan het groeien. Eigenlijk zijn wij een grote smeltkroes van vrienden die graag samen muziek maken. Bands die ik daaraan zou linken zijn bijvoorbeeld Psychonaut, dat verschillende leden deelt met Hippotraktor, L'Itch waar Sander (Rom, ook van Hippotraktor) en ikzelf in spelen en Psychonaut, die aan het label Consouling Sounds verbonden zijn.Jullie zitten zelf niet op het Gentse Consouling Sounds, maar op het Duitse label Pelagic van post-metalband The Ocean, toch niet de minste. Hoe belandt een Mechelse band daar?Stefan De Graef (vocals): Via psychonaut hebben we daarvoor een beetje een shortcut kunnen nemen, want daarbij zaten we ook al op Pelagic. Op een bepaald moment hebben we dan ook de demo's van Hippotraktor naar de manager gestuurd om te polsen of er interesse was om ook dat project onder hun vleugels te nemen. We hadden daar eigenlijk sterk onze twijfels over, maar gelukkig waren ze meteen verkocht.Post-metal heeft duidelijk een belangrijk aandeel in jullie sound. Verder hoor ik zeker ook Gojira en Mastoden, en soms een vleugje Meshuggah. Zijn er nog belangrijke invloeden?Verheyden: Eerlijk gezegd luister ik zelf vooral naar minder harde muziek. Steven Wilson, The Pineapple Thief en Porcupine Tree liggen hier bijvoorbeeld regelmatig op. Ook Plini vind ik soundgewijs heel cool, die laatste plaat was ongelooflijk goed en daarop waren echt maffe bastonen te horen. Net als ik doet de bassist daar ook zelf de productie.Maar ik hou evengoed van Ólafur Arnalds, Scandinavische muziek die heel filmisch klinkt. Dat is regelrecht het omgekeerde van wat Hippotraktor doet, maar ik vind het heel inspirerend hoe die werkt met klankkleuren en -evoluties, met elementen die komen en gaan. Dat zijn dingen waarvan ik ook wel benieuwd ben hoe die in een prog-context zouden werken, en waar ik in de toekomst graag nog mee zou experimenteren met Hippotraktor.Sander Rom (gitaar, vocals): Het belangrijkste is ondertussen wel al gezegd, maar ik zou daar graag nog Cloudkicker aan toevoegen. De manier waarop zou met contrasten spelen, van een goeie riff naar een zacht stuk en daarna het geheel opentrekken, dat hoor je in onze muziek ook terug.De Graef: Ik wil zeker Intronaut ook vermelden, sound- en riffgewijs herken ik onze stijl daar zeker in terug.Hippotraktor is wel sterk veranderd sinds jullie debuut-ep P'eau. Er zijn twee bandleden bijgekomen, en plots zijn er ook vocals te horen.Verheyden: Ja, dat is eigenlijk een beetje per ongeluk gebeurd (lacht). Na het maken van die ep zaten we vast in ons repetitiekot. We hadden enorm veel backing tracks, want het lukt me nooit om nummers voor slechts één gitaar te schrijven. Het probleem was dat we daardoor eigenlijk niet konden optreden, omdat we met die backing tracks zaten en om dat een beetje deftig live te brengen heb je al een goede PA nodig. We zouden dus als het ware meteen in grote clubs moeten spelen en de fase van het optreden en kleine kroegen moeten overslaan, maar dat ging natuurlijk niet zomaar. Het werkte heel demotiverend om zoveel te repeteren en dat nooit aan een publiek te kunnen tonen.Ik weet nog dat ik eens met Sander en Stefan op café zat en vertelde dat het eigenlijk wel makkelijk zou zijn om de band aan te lengen met extra vocals en een tweede gitarist. Het is een beetje een zwart gat voor mij, maar ineens was het beklonken en had Hippotraktor vijf leden in plaats van drie (lacht). Weten jullie nog hoe dat gebeurd is?De Graef: Ik denk dat het klopt wat je zegt. Je hebt mij toen de vrijheid gegeven om een instrument te kiezen: gitaar, zang of allebei. Ik ben voor leadzanger gegaan omdat ik vond dat deze band een vocalist verdiende die zich daar volledig op kon toespitsen. Het is vrij complexe muziek waardoor tegelijk zingen en gitaarspelen niet evident is. Hé, Sander?Rom: (Lacht) Dat is inderdaad niet eenvoudig, maar in mijn geval lukt dat gemakkelijker. Ik spits mij meer toe op de sound, en minder op het technische vlak. Ik zorg voor een cool klankenpallet dat dan op die complexe riffs valt, maar zelf speel ik minder ingewikkelde stukken waardoor de combinatie met zang best wel meevalt.Ik lees dat jullie album geïnspireerd is door het naturisme van de negentiende-eeuwse filoloog Max Müller. De Graef: Dat is een grappige situatie. We hebben die naam nu al een tiental keer zien passeren in besprekingen van ons werk, maar eerlijk gezegd hadden we nog nooit van die mens gehoord (lacht). Ik heb de teksten gewoon rond een bepaald concept geschreven, en blijkbaar was Müller toevallig de eerste die met zulke ideeën op de proppen kwam. Die namedrop hebben we te danken aan Pelagic Records, dat de perstekst geschreven heeft.Maar goed, hoewel ik de naam Müller nog nooit gehoord had, delen we wel een fascinatie voor dezelfde ideeën. Meridian vertrekt vanuit de vraag hoe de mens de natuur zou ervaren zonder anderen rondom hem. Welke betekenis zouden de bomen, de wind of de sterren dan voor hem aannemen? Ik denk dat ik in die situatie exact hetzelfde zou doen als het subject in mijn teksten, en alle natuurelementen ook als levende wezens zien.Jullie muziek klinkt inderdaad als een verbeelding van de overweldigende natuur, al vraag ik me af waar die fascinatie vandaan komt? Veel imposante natuurgebieden hebben we hier niet in ons Belgenland. De Graef: Ik ben vertrokken vanuit de bandnaam. Die bestond al twee jaar toen ik erbij kwam, en ik heb het altijd een heel speciale naam gevonden. Bij het woord 'Hippotraktor' stel ik mij altijd iets machtig, bijna mythisch voor, een soort goddelijke machine die het leven heeft gecreëerd. Het concept achter Meridian moest vervolgens even groots zijn als de bandnaam erachter. Het beeld waar ik dan vanzelf op kwam was dat van de overweldigende natuur. Neem nu bijvoorbeeld de eerste single Manifest the Mountain, daarbij visualiseer ik een gigantische machine die bergen plaatst op een planeet. Het is allemaal bijna te complex, te mooi en te groot om je voor te stellen.Over de bandnaam gesproken: hoe is die eigenlijk ontstaan?Rom: Goeie vraag, ik weet dat eigenlijk niet meer. Wat ik wel nog weet: ik speel al heel lang Met Chiaran in allerlei projecten en het is elke keer lastig om een gepaste groepsnaam te bedenken. Bij Hippotraktor dachten we 'deze keer niet' en hebben we heel kort door de bocht iets gekozen dat imposant klonk.Verheyden: Eigenlijk is de oorsprong van onze bandnaam helemaal niet zo indrukwekkend als de beelden die we er nu mee verbinden. Jaren geleden zei Sam van Pothamus eens als grap 'als we ooit een DJ-collectief beginnen, noemen we het Hippotraktor', maar eigenlijk vonden we dat wel nog vet klinken en zo geschiedde. Plots werd de mop realiteit.Ik ben er wel blij mee. Elke naam waaronder ik ooit gespeeld heb klinkt na een tijdje zo cheesy dat ik schrik krijg om aan mensen te vertellen hoe mijn bands heten. Ik wou eens iets waarvoor ik me niet zou generen en het feit dat dit van het begin af al een grap was, maakt het sowieso minder awkward. Bestaat er bovendien iets als een écht goede naam voor een project? Ik denk het niet, en Hippotraktor klinkt dan toch nog vrij groots en monumentaal, het past wel.Een andere naam die me niet bekend voorkomt is Amesha, vanop het nummer Sons of Amesha.De Graef: Amesha is een godin van de natuur, specifiek van de bomen. Ik zocht een entiteit om de bomen te representeren en dat vond ik een hele mooie, krachtige naam die perfect bij de thema's van het album paste. Ergens in 2019 ben ik de naam eens tegengekomen en sindsdien heb ik proberen opzoeken uit welke cultuur die afkomstig is, maar zonder succes.Is de natuur de enige inspiratiebron in jullie muziek?Verheyden: De songs komen op twee manieren tot leven. Eerst schrijf ik de instrumentale composities, en die gaan dan naar Stefan die er lyrics op verzint. Zelf vertrek ik meer uit gevoelens die ik moeilijk kan verwoorden. Ik ben absoluut geen woordkunstenaar, en Stefan gelukkig wel. Ik plant het eerste zaadje, en de vocalisten geven daar vervolgens hun eigen draai aan.Mijn wereld is heel klein, en daarin voel ik mij een nóg kleiner dingetje. Vaak begin ik vanuit dat gevoel te componeren. Het is altijd een zoektocht om mijn weg te vinden in deze realiteit waarin ik terechtkwam zonder goed te weten goed of wat. Dat zijn complexe dingen die ik niet goed in woorden kan verwoorden maar wel in klinken, en Stefan verbindt die dan aan een concept door ze te interpreteren. Het ongrijpbare, vage dat ik aanreik vormt hij om tot iets concreet. Met de eigenlijke teksten heb ik dus niet veel te maken, maar ik herken mezelf wel in die figuur die verloren loopt in de indrukwekkende, overweldigende natuur.