Haast niemand kan met zekerheid zeggen wie schuilgaat achter Goat. De bandleden dragen maskers op het podium, de twee dansende chanteuses hullen zich in lange gewaden, verstoppen zich achter sluiers en dragen excentrieke hoofddeksels. Zelfs de taal waarin gezongen wordt, is een voorwerp van discussie. Mysterie en exotiek zijn dus de sleutelwoorden. Er wordt gefluisterd dat Goat méér wegheeft van een sekte dan van een band. Het verhaal gaat dat het gezelschap afkomstig is uit een afgelegen dorp op het Zweedse platteland en dat het zich regelmatig aan voodoorituelen begeeft, maar dat kan net zo goed een verzinsel zijn van een gewiekste marketeer.

Zeker is wél dat Goat psychedelische smeltkroesmuziek maakt, waarin je tijdens Pukkelpop afwisselend verwijzigen hoorde naar de ethnodub van Trans-Global Underround en Jah Wobble, de krautrock van Can en Amon Duül, de Afrobeat van Fela Kuti en de woestijnblues van Tinariwen. De groep speelde fragmenten uit haar cd's 'World Music' en 'Commune' en daarin vielen vooral de hypnotische groeven, de repetitieve gitaarriffs, de epische solo's en de wervelende, door handpercussie aangestoken ritmen op.

Voorts werden tijdens het concert aanhoudend abstracte visuals geprojecteerd, die het geestverruimende aspect van de muziek nog moesten andikken. Het klonk allemaal behoorlijk dansbaar, aanstekelijk en bezwerend, maar na een half uur dreigden de esoterische nummers van Goat steeds vaker onderling verwisselbaar te worden. Naar deze groep luisterde je dan ook niet om de songs. Goat was veeleer een geluidsband om je, na een lange dag, behaaglijk in onder te dompelen. En aanzien het al tegen middernacht aanliep, kon je gewagen van de juiste groep op het juiste moment.

Dirk Steenhaut

Haast niemand kan met zekerheid zeggen wie schuilgaat achter Goat. De bandleden dragen maskers op het podium, de twee dansende chanteuses hullen zich in lange gewaden, verstoppen zich achter sluiers en dragen excentrieke hoofddeksels. Zelfs de taal waarin gezongen wordt, is een voorwerp van discussie. Mysterie en exotiek zijn dus de sleutelwoorden. Er wordt gefluisterd dat Goat méér wegheeft van een sekte dan van een band. Het verhaal gaat dat het gezelschap afkomstig is uit een afgelegen dorp op het Zweedse platteland en dat het zich regelmatig aan voodoorituelen begeeft, maar dat kan net zo goed een verzinsel zijn van een gewiekste marketeer.Zeker is wél dat Goat psychedelische smeltkroesmuziek maakt, waarin je tijdens Pukkelpop afwisselend verwijzigen hoorde naar de ethnodub van Trans-Global Underround en Jah Wobble, de krautrock van Can en Amon Duül, de Afrobeat van Fela Kuti en de woestijnblues van Tinariwen. De groep speelde fragmenten uit haar cd's 'World Music' en 'Commune' en daarin vielen vooral de hypnotische groeven, de repetitieve gitaarriffs, de epische solo's en de wervelende, door handpercussie aangestoken ritmen op.Voorts werden tijdens het concert aanhoudend abstracte visuals geprojecteerd, die het geestverruimende aspect van de muziek nog moesten andikken. Het klonk allemaal behoorlijk dansbaar, aanstekelijk en bezwerend, maar na een half uur dreigden de esoterische nummers van Goat steeds vaker onderling verwisselbaar te worden. Naar deze groep luisterde je dan ook niet om de songs. Goat was veeleer een geluidsband om je, na een lange dag, behaaglijk in onder te dompelen. En aanzien het al tegen middernacht aanliep, kon je gewagen van de juiste groep op het juiste moment.Dirk Steenhaut