'Wat denk je?' vraagt Jan Verstraeten, wijzend naar de muur van zijn slaapkamer, waar gele, roze en lichtblauwe maskers in katoen als hertenkoppen naast elkaar hangen. 'Kan ik die tijdens mijn optredens dragen? Of wordt het dan te Slipknot?'

In een opbergdoos naast het bed zie ik een dino, een radio van Fisher-Price en een Thunderbirds-pop. Verstraeten volgt mijn blik. 'Telkens als ik een tweedehandswinkel passeer, rommel ik eens in het speelgoed', zegt hij. 'Onvoorstelbaar wat ik al allemaal gevonden heb. Er zijn zoveel absurde dingen uitgevonden. Miniatuurhometrainers, plastic frieten, minirevolvers: wie bedenkt zoiets? En wie koop dat?'

Verstraeten heeft geen kinderen. Hij verwerkt het speelgoed in de videoclips bij zijn songs, bij Moon Face en Can It Be onder meer, de eerste singles uit zijn debuut-ep Cheap Dreams, die straks verschijnt. Popmuziek met cello, viool en trombone.

'En kijk hier', zegt hij. 'Een kinderpiano, pas gekocht. Ik ben zot van die felgele kleur.'

Eerst was Unday Records mee, dan de Vlaamse concertzalen en nu dat festival in New York. Ik sta er zelf ook van te kijken.

Murielle Scherre, die je goed kent, noemt je een miljoen jaar oud, ouder dan de zee, maar elke dag pasgeboren. 'Jan is nog niet gepatineerd door het leven', zegt ze. En in je bio verwijs je zelf naar Disney.

Jan Verstraeten: Wat Murielle zegt, klopt. Ik heb het gevoel dat ik al een aantal levens achter de rug heb. 's Avonds kan ik heel diep zitten, maar 's ochtends sta ik altijd weer met een frisse kop op. In die zin is elke dag een avontuur, en deze kamer mijn speeltuin. Maar eerlijk gezegd vind ik de echte wereld veel meer op Disney lijken dan die in mijn verbeelding. Iemand schildert een zebrapad op het asfalt en wij stappen er met z'n allen over: dat is toch precies als in een sprookje?

Kennelijk heb je de voorbije weken een puzzel van zeshonderd stukjes gemaakt, met daarop een tekening van een revolver met een vlagje?

Verstraeten: In de kringloopwinkel van Sint-Niklaas had ik een oude puzzel gekocht, met een tekening van een blokhut in een berglandschap, en die heb ik in elkaar gezet en overschilderd. In de eerste driehonderd exemplaren van zowel de cd als het vinyl van Cheap Dreams zit telkens een stukje verstopt. Wie weet, organiseer ik volgend jaar een bijeenkomst met de fans, om de hele puzzel te leggen.

Op de hoes van Cheap Dreams is gelukkig een vampierachtig meisje te zien, geen blokhut in een berglandschap, laat staan een Disneytafereel.

Verstraeten: Mijn muziek klinkt vrij zeemzoet, met al die strijkers. Daarom wilde ik in het artwork en mijn teksten toch wat weerhaken stoppen. Ik kom uit de punk- en hardcorescene en ik hou nogal van het contrast tussen de utopie en het donkere, tussen het paradijs en een ruwe wereld. Mocht ik naar Disneyland gaan, ik zou de man die het afval bijeenveegt bij wijze van spreken even hard bewonderen als die kitscherige tekenfilmfiguren.

***

Verstraeten ontwierp en schilderde de hoes van Cheap Dreams zelf. Ook vandaag kleeft er verf aan zijn schoenen. Op tafel liggen penselen, een schaar en een ontrafelde bol wol.

Hij heeft zich lang afgevraagd wat hij wilde worden, legt hij uit: schilder, filmmaker of muzikant. Geleidelijk werd het hem duidelijk. 'In de eerste plaats ben ik een muzikant, maar daarnaast probeer ik het gevoel van mijn muziek zo goed mogelijk in beelden te vertalen.'

Oorspronkelijk zou Cheap Dreams de soundtrack bij een film worden. Een roadmovie, veel verder was Verstraeten nog niet. Het liep anders. 'Ik volg gewoon mijn verbeelding. Of die film er ooit komt, weet ik niet. Eerst deze plaat.'

Die ep telt zes nummers en komt uit bij Unday Records, de stal van Bert Dockx, Wannes Cappelle, The Bony King of Nowhere en Trixie Whitley.

'Ik was de laatste jaren vooral met mezelf en de muziek bezig. Alles moest wijken, ook de liefde.' © JELLE VERMEERSCH

Bij Unday vielen ze haast van hun stoel. Uit het niets kwam je met een afgewerkte ep op de proppen, met zelfgemaakte videoclips en een opname van een livesessie met een vreemd soort poppenkast en een strijkersensemble. Het zag er allemaal verdacht professioneel uit voor een debutant, vonden ze.

Verstraeten: Ik heb er dan ook heel lang in mijn eentje aan zitten prutsen. Zo goed ben ik in al die dingen niet, ik heb er gewoon veel tijd in gestopt. Voor ik aan mijn eerste videoclip begon, heb ik uren naar tutorials op YouTube gekeken. Van half werk krijg ik simpelweg geen voldoening.

De plaat is al anderhalf jaar klaar. Ben je in de tussentijd niet beginnen te twijfelen?

Verstraeten: Op geen enkel moment. Voor het eerst in mijn leven heb ik vrede met wat ik gemaakt heb. Het heeft lang geduurd voor ik wist welke kant ik met deze plaat op wilde: elektronica, soul of akoestisch. Maar toen ik een liveplaat van Antônio Carlos Jobim (belangrijke figuur in de Braziliaanse bossanova, nvdr.) hoorde, heb ik voluit voor het orkestrale gekozen. Ik heb mezelf contrabas aangeleerd, en daarna professionele muzikanten alle instrumenten opnieuw laten inspelen. Niet alles klinkt perfect, maar dat mag. Ik aanvaard mijn onvolmaaktheden.

Je beste nummer vind ik Oh My. Meer Timber Timbre dan Patrick Watson. 'I'm just shaking the death off my skin', zing je in het refrein.

Verstraeten: (onderbreekt) 'The dirt', niet 'the death'.

Lap. Daar gaat mijn vraag.

Verstraeten: Maar nu ik het zo uit je mond hoor, klinkt 'the death' eigenlijk beter. Misschien verander ik dat live wel, bedankt. En als je wilde vragen of ik al veel met de dood geconfronteerd ben: enkele jaren geleden heb ik een goede vriend verloren, aan kanker. Een heftige periode. Opeens besefte ik hoe fragiel een lichaam is en hoe snel het voorbij kan zijn. Het klinkt als een cliché, maar sindsdien vind ik troost in muziek.

***

In de hoek van de kamer staat een motorhuis, een houten caravan op een speelgoedmotor. Nog voor ik ernaar kan vragen, ontrolt Verstraeten een paar schildersdoeken. Op de doeken zie ik tekeningen in verf, klaarblijkelijk de aanzet tot een kinderboek.

'Het verhaal is simpel', zegt Verstraeten. 'Iedereen denkt dat alle dodo's uitgestorven zijn, maar in feite zijn er drie in leven gebleven, de Cry Dodos, een stille, een overdreven gelukkige en een kwade. Wanneer er zich ergens een kind ongelukkig voelt, komen de Cry Dodos uit het stopcontact geslopen om het kind te helpen. In dit geval zit er een jongen in bad, ziek en koortsig, en nemen de Cry Dodos hem mee op een trip met hun motorhuis, dat ik dan ook maar meteen in elkaar geknutseld heb.'

Jan Verstraeten

Leeftijd 29 jaar

Woont in Sint-Niklaas, waar hij ook is opgegroeid.

Schildert ook en maakt installaties, maskers en videoclips.

Heeft met Cheap Dreams zijn eerste ep klaar.

Liet zich inspireren door zowel Disney als de soundtracks van There Will Be Blood en The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford.

Laten we het even psychologiseren. Met welke dodo voel jij je het meest verwant?

Verstraeten: Met de jongen in het bad. Als kind ben ik vaak ziek geweest. Ik heb de ziekte van Addison, een zeldzame chronische aandoening aan de bijnier, waardoor ik te weinig stresshormonen aanmaak en alle prikkels extra hard binnenkrijg. Vandaar ook de maskers.

In Moon Face zing je 'Away from the houses, away from the people, away from the small talks'. Hoe groot is de eenzaat in Jan Verstraeten?

Verstraeten: Heel groot. Ik kan dagen aan een stuk alleen zijn, ik heb daar geen probleem mee. Mijn omgeving heeft het er moeilijker mee dan ikzelf. De voorbije jaren heb ik me veel moeten verantwoorden: om de haverklap moest ik uitleggen waarom ik ervoor koos om thuis te werken in plaats van ergens naartoe te gaan. Ik had het druk, maar mijn vrienden hadden geen idee waarmee. Niemand mocht mijn nummers horen voor ze af waren, daar was ik nogal streng in. Nu begrijpen ze eindelijk waar ik al die tijd mee bezig geweest ben. Als ik tegenwoordig zeg dat ik het druk heb, aanvaarden ze het gemakkelijker. 'Dat begrijpen we', zeggen ze nu. 'Met je plaat en al die optredens.'

Een paar regels verder zing je 'Away from market store stealing water guns'. Ik voel een anekdote klaarzitten.

Verstraeten: Ik beken: ik heb ooit waterpistolen gestolen. Ze waren nochtans spotgoedkoop, maar die dag had ik toevallig geen geld op zak. En het was te spannend om het niet te doen.

Als tiener was je de schrik van de Sint-Niklase middenstand?

Verstraeten: Wel, euh... (valt stil) Dat is eigenlijk nog niet zo lang geleden.

Can It Be lijkt dan weer te gaan over het eeuwige dilemma tussen vrijheid en een vaste relatie.

Verstraeten: Op liefdesvlak was het de voorbije jaren niet altijd even gemakkelijk. Ik zie bepaalde mensen supergraag, maar ik was vooral met mezelf en mijn muziek bezig. Ik zat in een andere trip, zeg maar. Alles moest wijken, ook de liefde.

'Jan wil geen compromissen sluiten', vertelde een van je beste vrienden me.

Verstraeten: Compromissen zijn verschrikkelijk. Ik zie het af en toe gebeuren bij bevriende muzikanten. Ze gaan met een producer in zee die hun liedjes wil bijschaven tot ze zogezegd 'radiovriendelijk' klinken en op het einde van de rit wordt het toch niets. Dan zit je daar, met je compromissen. Ik maak liever muziek waar ik volledig achter sta. Als het werkt, zoveel te beter. Slaat het niet aan, dan is het maar zo.

Ik heb lang getwijfeld of ik een artistennaam zou nemen, maar ik vond niet direct een gepaste en het voelde ook raar.

Ook in mijn dagelijks leven koester ik dat principe. De meeste van mijn vrienden zijn zich aan het settelen, ze maken kinderen of kopen huizen, maar ik zit hier nog altijd in mijn slaapkamer te tekenen of op mijn gitaar te tokkelen. Het is de moeilijke weg, maar wel de enige die ik volhoud.

Je ontwierp de hoes van Nix, het debuutalbum van Reena Riot. Zangeres Naomi Sijmons zei onlangs in dit blad dat ze het niet erg vindt om op een dieet van rijstwafels en confituur te leven.

Verstraeten: Ik heb geluk gehad, ik heb tot nog toe altijd samengewoond met mensen die goed kunnen koken. Veel rijstwafels heb ik dus nog niet moeten eten. Ik geef ook les aan de plaatselijke tekenacademie, twee halve dagen in de week, maar ik heb al de meest uiteenlopende jobs moeten aannemen om de huur te kunnen betalen. Auto's wassen of portretten schilderen in opdracht bijvoorbeeld. Maar ik klaag niet. Onlangs zag ik een documentaire over Alan Lomax (Amerikaanse etnomusicoloog, vooral bekend van zijn field recordings van volksmuziek, nvdr.). Als al die mannen op de katoenvelden hadden staan klagen in plaats van te zingen, de muziekgeschiedenis zou er helemaal anders uitgezien hebben.

***

De komende weken presenteert Verstraeten Cheap Dreams aan het publiek. In de Stadsschouwburg van Mechelen, de Trix in Antwerpen, De Casino in zijn thuisstad Sint-Niklaas, het winterfestival Grasnapolsky in Groningen, het Concertgebouw in Amsterdam en op een showcasefestival in New York.

Van je slaapkamer in Sint-Niklaas naar een concertzaal in de Big Apple, het klinkt een beetje als een sprookje.

Verstraeten: Ik sta er zelf ook van te kijken. Het blijft kleinschalig allemaal, maar het is fijn om te merken hoe Cheap Dreams langzaam aan het groeien is. Eerst was Unday Records mee, dan de Vlaamse concertzalen en nu dat festival in New York. Het is opnieuw een cliché, maar enkele jaren geleden had ik daar nooit van durven te dromen.

Ik ben ook benieuwd hoe ze ginder mijn naam zullen uitspreken. Jan Verstraeten, zo exotisch klinkt dat niet.

Een artiestennaam was geen optie?

Verstraeten: Ik heb lang getwijfeld of ik er een zou nemen, maar ik vond niet direct een gepaste en het voelde ook raar. Alsof ik mezelf op een voetstuk plaatste. Met een Engelse naam liggen de verwachtingen een stuk hoger, vind ik, dan moet je al echt goed zijn. Zo zelfverzekerd ben ik niet.

Nog niet.

Cheap Dreams

Uit op 15/2 via Unday Records. Jan Verstraeten speelt op 7/2 in de Stadsschouwburg van Mechelen, op 8/2 in de Trix in Antwerpen en op 21/2 in De Casino in Sint-Niklaas.