Nilüfer Yanya: 'Reken mij niet af op Blink-182'

Casual joggingbroek, witte sneakers, lange krullen opgestoken in een paardenstaart: face to face, net niet opgeslokt door een vierpersoonssofa, oogt Nilüfer Yanya een pak jonger dan de 23 lentes in haar bio. Ze praat bedachtzaam, kiest haar woorden, joviaal, maar met professionele gereserveerdheid. Helemaal nieuw zijn interviews dan ook niet voor de Londense. Al in 2016, het jaar van haar debuutsingle, dichten media en smaakmakers haar en haar soulvolle gitaarsongs een mooie toekomst toe - en dat terwijl ze nog steeds bij mama en papa inwoonde.

Nilüfer Yanya: Sinds vorig jaar heb ik mijn eigen stek, hoor. Zo vreemd is dat trouwens niet in Londen. De meeste mensen van mijn leeftijd wonen er nog bij hun ouders.

Wat is je vroegste muzikale herinnering?

Yanya: Dat moet de piano bij ons thuis zijn. Ik zie mijn zesjarige zelf nog aan het klavier zitten, zoekende naar de noten. Daarna kwamen de klassieke stukken die ik op de muziekschool moest spelen. En later, rond mijn elf, twaalf jaar, was er de gitaar. Mijn zus speelde op haar kamer constant skatepunk. Die muziek vond ik véél cooler dan wat ik in mijn klassieke opleiding voorgeschoteld kreeg. (glimlacht)

Skatepunk, als in Blink-182 en zo?

Yanya: Jawel, Blink-182, sowieso. Tja, ik wist niet beter, hè. Het was de energie van hun muziek, de hele dynamiek, die me deed verlangen om zelf in een groep gitaar te spelen. Pas op, snel daarna ontdekte ik The Libertines en The Strokes, en daarna kwamen Pixies, Jeff Buckley en Nina Simone. Reken me dus alsjeblief niet af op die enkele jeugdzonden. (lacht)

In 2018 stond je tussen vijftien andere, jonge artiesten in de longlist van BBC's Sound Of, maar je schopte het niet tot de top vijf. Een teleurstelling?

Yanya: Om eerlijk te zijn: ik had geen flauw benul van het belang van die wedstrijd. De BBC is 'maar' de staatszender, weet je wel. Een instituut, akkoord, maar het staat niet bepaald bekend om zijn vooruitstrevendheid. Toen ze mijn liedjes voor het eerst op de radio draaiden, was dat wel een bevestiging: 'Aha, de BBC kent me. Dan is het officieel: ik besta.' (lacht)

Je moeder is een Ierse met roots op Barbados, en je vader is Turks. In hoeverre voel jij je Brits?

Yanya: Goh, daar sta ik niet bij stil. Ik heb familie in Istanboel, ben er al regelmatig geweest en voel me er thuis. Maar écht thuis is wel Londen, natuurlijk. Waarom?

Omdat op Spotify je muziek na Londen het meest beluisterd wordt in Istanboel.

Yanya: O, dat wist ik niet. Leuk!

© .

Maar ook omdat je samen met je zus de vzw Artists in Transit oprichtte, die zich inzet voor vluchtelingen.

Yanya: En ik eigenlijk het kind van een migrant ben? Klopt gedeeltelijk. Mijn vader is naar Engeland gekomen met een beurs voor het Royal College of Art. Nadat hij mijn moeder had leren kennen, zijn ze in Turkije gaan wonen, maar toen mijn moeder zwanger van me werd, wilde ze weer bij haar familie in Londen zijn.

Het Verenigd Koninkrijk lijkt zich tegenwoordig - zie de brexit - meer van de buitenwereld af te sluiten.

Yanya: Inderdaad. (zucht) Wat een kluwen is dat. Kijk, ik ben zelf een voorbeeld van hoe verschillende culturen zich kunnen vermengen en integreren. Tegelijk besef ik goed dat de smeltkroes van Londen maar een klein deeltje van een groot land is, en het in andere, kleinere gemeenschappen niet evident is om met migratie om te gaan. Wanneer het water je al aan de lippen staat, kunnen nieuwkomers de druppel zijn die de emmer doet overlopen. Anyway, wat vluchtelingen of migranten te maken hebben met deel uitmaken van de EU of niet, snap ik dan weer niet goed.

Daar zit minstens een song in, zou ik zeggen.

Yanya: Het is niet aan mij om het verhaal van anderen te vertellen, vind ik. Een song óver migranten zal nooit dezelfde impact hebben als een song ván een migrant. Want wat krijg je dan? Opnieuw het perspectief van een buitenstaander. Daar schiet niemand wat mee op. Mijn songs ontstaan vanuit eigen ervaringen, maar ik hoop dat ze tegelijk iets ongrijpbaars hebben en breder iets kunnen betekenen.

Zo breed als Miss Universe, de albumtitel?

Yanya: In zekere zin. Het valt me op hoe vrouwelijkheid - en dan vooral de vrouwelijke stem - gebruikt wordt om een gevoel van veiligheid of rust te creëren. De stem die in de Londense metro boodschappen omroept? Een vrouw. De stem op je gps? Een vrouw. Het is geen toeval dat Siri, de virtuele Apple-gids, een vrouw is. 'Big Sister is watching you' klinkt bijlange niet zo griezelig als 'Big Brother'. Het lijkt alleen maar zo dat mannen het voor het zeggen hebben, want wanneer iemand ons effectief de weg moet tonen, is het een vrouw. Dát is voor mij Miss Universe, en niet een of andere schoonheidskoningin in een glitterjurk.

Miss Universe

Uit op 22/3 via ATO Records / PIAS.

Nilüfer Yanya speelt op 23/4 op Les Nuits Botanique.

Alle info: botanique.be

Stella Donnelly: 'Als ik niet in korte rok en op hoge hakken op dat podium stond, was ik onzichtbaar'

De eerste song waarmee deze zangeres en gitariste uit de geïsoleerde grootstad Perth zich boven de evenaar liet opmerken, was Boys Will Be Boys, een aanklacht tegen seksueel geweld en het beschuldigen van slachtoffers. Dat nummer stond op haar eerste ep Thrush Metal (2017), een woordspeling die een muziekgenre aan een vaginale infectie verbond. Dat vertelt u bijna alles wat u van Stella Donnelly weten moet.

We zouden dit praatje niet plegen als je niet zo vaak Love Shack en Walking on Sunshine had gezongen in dat vroegere coverbandje van je.

Stella Donnelly: (lacht) Klopt. We speelden op trouwfeesten en gruwelijke kerstfeestjes van farmaceutische bedrijven. Als ik niet in korte rok en op hoge hakken op dat podium stond, was ik onzichtbaar. Na een tijdje wist ik: niets voor mij. Daarna heb ik gitaar en keyboards gespeeld in bandjes. Een pak leuker maar toch ook niet je dat, vond ik. Zeker niet toen ik over bepaalde ervaringen songs begon te schrijven.

Welke ervaringen?

© .

Donnelly: Wat ik in mijn eigen omgeving en de grote wereld in het algemeen zag: seksisme, racisme, nationalisme, machtsmisbruik. Neem de uitdrukking 'boys will be boys'. Ik vind dat vergoelijkende toontje compleet verkeerd. Niet alleen krenkt het vrouwen die het slachtoffer zijn van mannelijke wandaden, maar ook mannen zelf. In Australië ligt het zelfmoordcijfer bij mannen ongewoon hoog. Mannelijkheid wordt vaak opgedrongen. Je gevoelens niet mogen tonen, nooit mogen huilen: dat maakt elk mens kapot.

Het nummer kwam je op doodsbedreigingen te staan.

Donnelly: Ach ja, naast nog een hoop andere bagger via YouTube en Facebook, naar ik vermoed afkomstig van mannen die bang zijn geworden door de verandering die sinds twee jaar in de lucht hangt. Eindelijk wordt het patriarchale systeem in vraag gesteld. Maar ik heb ook positieve reacties gekregen. Vaders die me e-mailden om me te bedanken, tienerjongens die me hun verhaal kwamen vertellen.

Je haalt ook inspiratie uit comedy.

Donnelly: Iemand doen lachen en nadenken tegelijk, dat is een uniek talent. Stand-upcomedy lijkt mij de angstwekkendste job die er bestaat. Maar live mag ik graag een beetje schertsen, om mensen op hun gemak te stellen. 'Welkom iedereen! Luister, leer en amuseer jullie!' En dan speel ik een liedje over heimwee. En daarna eentje over de legalisatie van abortus. (lacht)

Beware of the Dogs

Op 8/3 uit bij Secretly Canadian.

Op 16/4 staat Stella Donnelly in de Botanique. Alle info: botanique.be

Sasami: 'Karaoke met muziek van dode blanke venten'

Het was helemaal niet de bedoeling, maar op haar achtentwintigste begeeft voormalig Cherry Glazerr-toetseniste Sasami Ashworth zich alsnog op het solopad.

Dat moet je eens uitleggen.

Sasami Ashworth: Ik heb de songs van mijn eerste lp in 2017 geschreven terwijl ik op tournee was met Cherry Glazerr. Die groep heb ik inmiddels verlaten. Niet omdat ik een solocarrière wilde, maar omdat ik plots een plaat bleek te hebben die ik met de wereld wilde delen.

Op die plaat reken je naar eigen zeggen af met 'everyone I fucked and who fucked me'.

Ashworth: Specifiek twee jaar geleden toch. Het is geen conceptplaat, maar de songs zijn wel het gevolg van een verwerkingsproces, en in die zin geboren uit noodzaak. Schrijven doe ik in twee bewegingen. De eerste is de pure emotionele output, de tweede het ambacht van het arrangeren: de drumbeat, het gitaargeluid of de harmonie kiezen. Dat kun je allemaal in een taxi, hotellobby of luchthaven want daar heb je nu eenmaal tijd. Gewoon een GarageBand-interface op je iPhone aansluiten en vooruit maar.

© .

Je woont in LA maar elke dag naar het strand gaan is je dada niet.

Ashworth: Ben je gek?! Ik beschouw mezelf als een blue-collar musician: werken is de boodschap. In de muziekschool, die in Amerika verschrikkelijk duur is, heb ik hoorn gestudeerd. Met de bedragen die ik daarvoor heb moeten lenen, kun je drie huizen kopen. Ik móést nadien wel aan de slag: lesgeven, arrangeren, produceren, componeren voor film en reclame, toeren...

Wat heeft je ervan weerhouden een loopbaan in symfonieorkesten uit te bouwen?

Ashworth: Het feit dat dat neerkomt op karaoke met muziek van dode blanke venten. (lacht) Hoewel, bij karaoke kun je tenminste nog dronken van je stoel rollen. In een orkest is de druk om perfect te zijn ontzaglijk. Anderzijds is er deel van uitmaken een magische ervaring. Het maakt je ook nederig. Je zit daar alleen omdat je een uitmuntend muzikant bent, maar je mag pas spelen als het jouw beurt is. Jezelf ondergeschikt maken aan de muziek heb ik daar geleerd.

Over leren gesproken: achtjarigen het genot van harmonieus lawaaimaken bijbrengen, was dat iets voor jou?

Ashworth: O neen. Als je je job naar behoren wilt doen, vergt een les van drie kwartier evenveel energie als een optreden. Zo zes, zeven na elkaar, dat slóópt je. Dan is rock een peulenschil: één show per dag maar! (lacht)

Sasami

Op 8/3 uit bij Domino.

Op 4/3 treedt Sasami op in de Botanique. Alle info: botanique.be

Julia Jacklin: 'De banaliteit van een maandag'

Als tiener zwijmelde de Australische Julia Jacklin weg bij de prefabpoppunk van Avril Lavigne en Good Charlotte. Toch is ze goed terechtgekomen.

Haar debuut Don't Let the Kids Win (2016) bood bijdehante, ongeveinsde indierock afgebiesd met country en folk. Met de kersverse opvolger Crushing spreidt de jongedame uit Sydney haar artistieke vleugels pas goed.

Julia Jacklin: Ik weet het, dank je. (lacht) Tussen mijn twee- en mijn vierentwintigste raakte ik om de haverklap in paniek als de dingen niet liepen zoals ik wilde. 'Nu of nooit!', met die gedachte leefde ik elke dag. Maar dat is typisch voor die leeftijd. Ik ben nu achtentwintig en ik weet: het komt allemaal wel goed.

De eerste song op je nieuwe plaat heet Body, de tweede Head Alone. Men is geneigd daar een verband tussen te zien.

Jacklin: Die eerste twee songs vatten de plaat goed samen. Bijna de hele tijd dat ik voor mijn vorige plaat heb getoerd, leek het alsof mijn hoofd en mijn lichaam elk andere dingen beleefden. Op deze plaat probeerde ik ze weer aan elkaar te lijmen. (lacht) Ik was twee jaar lang zo gestresseerd dat ik de tijd niet vond om te registreren wat er emotioneel door me heen ging. Plots word je de baas van een kleine onderneming, je vrienden worden je werknemers. Daar is geen handleiding voor, je navigeert voortdurend in het duister. In het begin geloof je nog dat je de liefste baas ooit zult zijn en iedereen je graag zal zien. Compleet verkeerd. Je zult er niets mee bereiken én je zult je er ellendig door voelen. Daarbij komt: als je al niet de beste versie van jezelf bent, is het moeilijk om intussen relaties in stand te houden met vrienden, familie en je partner thuis. Als muzikant is het zogezegd een voordeel om gevoelig te zijn. Maar het tegenovergestelde gebeurde: mijn huid werd dikker.

Vandaar de plaattitel Crushing, een woord met enkel negatieve betekenissen - vermorzelend, verpletterend?

Jacklin: Ja en neen. Want het is zeker geen sombere plaat, ze barst van het leven. Vandaag ben ik gelukkiger dan ooit, net omdat ik me er doorheen heb geslagen. It was a crushing time but it has made me so happy. Hoe lastig het soms ook is, ik heb altijd beseft hoeveel geluk ik heb om dit te kunnen doen. Zeker als een Australische artiest. Het kost al bakken geld om alleen nog maar het land uit te raken, laat staan erbuiten op te treden. Ik vind toeren ook niet saai of afstompend - integendeel, het is een begeesterende en opwindende ervaring - maar je krijgt geen rust. Alsof het elke dag weekend is. Leuk, maar op de duur begin je toch te verlangen naar de banaliteit van een maandag. (lacht)

Kenmerkend voor jouw werk is het ontbreken van filters. Dat hoor je aan de zuivere klank van je platen en het ontbreken van metaforen in je teksten. Dat zie je ook aan de pretentieloze doe-het-zelfhoezen en -video's.

© .

Jacklin: Ik heb er nog nooit op zo'n algemene manier over nagedacht, maar dat klopt wel. Als ik naar een song luister, wil ik weten waarover die gaat, niet dat de boodschap onder een laag poëzie verstopt zit. Die songs zijn soms wel moeilijk om schrijven. Je moet er vrede mee hebben om de dingen heel eenvoudig te verwoorden. Kwetsbaar te zijn. Niet dat ik voor elke song met vochtige ogen in de zangcabine moet staan. Maar als het gebeurt, zoals voor Turn Me Down, dan sterkt me dat als artiest in mijn vermoeden dat ik op het juiste spoor zit. En wat mijn visuele stijl betreft: nauwelijks budget hebben, dat helpt. (lacht)

Je hebt songs eens als zelfeducatie omschreven: lessen die je opzegt voor de persoon in de spiegel.

Jacklin: Dit klinkt waarschijnlijk heel fout, maar als ik nu mijn eigen plaat opzet, denk ik soms: heel slim van je, Julia, bedankt daarvoor. (lacht) Alsof ik luister naar mijn dagboek, waarin ik alle trivialiteiten zoals 'vandaag at ik een bagel' heb geschrapt en alleen de momenten van wijsheid heb overgehouden.

Een gedachte die op zeker moment door je hoofd is gewaaid, zo leren we, is: hopelijk kunnen mijn moeder en die van mijn ex vriendinnen blijven.

Jacklin: Welja. Ik zou graag een lans breken voor het schrijven van meer doordachte break-upsongs. (lacht) Er zijn er duizend-en-één, maar weinige die iets over mijn individuele situatie zeggen. Daarom ben ik zelf graag specifiek als ik schrijf. Dan maak ik een song over verliefd zijn en vermeld ik het sinaasappelsap dat we deelden. Mensen houden van guitige details, zolang je niet overdrijft. Want weet je, dankzij deze job heb ik ondervonden dat mijn ervaringen en gevoelens veel algemener zijn dan ik zelf wil aannemen. Midden in een woelige periode denk je dat je o zo speciaal bent, en schrijf je daar een nummer over. Maar wanner je het vervolgens live zingt, vliegen je nadien tien mensen aan: 'Exáct wat mij is overkomen!' (lacht)

Crushing

Uit bij Transgressive.

Julia Jacklin speelt op 8/4 in de AB Club.

Alle info: abconcerts.be