Violist Klaas Janzoons die halfnaakt door de tourbus flaneert. Zanger Tom Barman die backstage losgaat op Choices (Yup) van rapper E-40. Drummer Stephane Misseghers die een hilarische imitatie van de Nederlandse tourmanager van dEUS neerzet. Danser Koen Augustijnen die in drag het podium van de AB betreedt, een brandende sigaret opeet en collega-danser Sam Louwyck binnendoet. Het passeert allemaal de revue in Confessions to dEUS, een documentaire over de Europese tournee die Tom Barman en de zijnen in 2019 ondernamen om de twintigste verjaardag van hun succesplaat The Ideal Crash te vieren.
...

Violist Klaas Janzoons die halfnaakt door de tourbus flaneert. Zanger Tom Barman die backstage losgaat op Choices (Yup) van rapper E-40. Drummer Stephane Misseghers die een hilarische imitatie van de Nederlandse tourmanager van dEUS neerzet. Danser Koen Augustijnen die in drag het podium van de AB betreedt, een brandende sigaret opeet en collega-danser Sam Louwyck binnendoet. Het passeert allemaal de revue in Confessions to dEUS, een documentaire over de Europese tournee die Tom Barman en de zijnen in 2019 ondernamen om de twintigste verjaardag van hun succesplaat The Ideal Crash te vieren. En toch is dit niet de zoveelste rockumentary over een groep die haar hoogdagen probeert te doen herleven. In Confessions to dEUS zijn het namelijk niet de groepsleden van dEUS die de show stelen. Het zijn hun fans. 'Het begon bij een idee van Tom: laten we de fans interviewen over wat er de afgelopen twintig jaar in hun leven is gebeurd, en wat de parallellen zijn met The Ideal Crash', vertelt Fleur Boonman, de Belgisch-Nederlandse regisseuse van Confessions to dEUS. Die ging met dEUS mee op tour en richtte in elke concertzaal een 'confession room' in, waar ze bereidwillige fans na de show uit de biecht deed klappen over liefde, lust, pijn, wraak, dood en al die andere brutale thema's op The Ideal Crash. ' The Ideal Crash is een plaat van extremen, van grote gevoelens', zegt Boonman. 'En dus gingen ook die gesprekken over grote gevoelens, en hoe ze een plaats te geven. Tegen de stoere mannen - want het waren vooral mannen - die wat kwamen pochen over hoe geweldig ze dEUS wel vonden, zei ik: "Hartstikke leuk, jongens, maar dat weet ik al. Het mag diep gaan."' Een vrouw zegt voor de camera dat ze een jaar eerder uit het leven heeft willen stappen, een andere vertelt dat ze in 2015 gewond is geraakt bij de aanslag in de Bataclan en dat muziek haar erbovenop heeft geholpen. Nog iemand anders zegt dat ze niet meer lang te leven heeft en Instant Street als haar funeral song wil. Er is een man die het over het verlies van zijn beide ouders heeft, en hoe de drop van One Advice, Space hem even al die ellende heeft kunnen doen vergeten. En we krijgen het relaas van een Nederlandse kinderboekenschrijver die met ADHD, depressie en allicht ook een bipolaire stoornis kampt en uitlegt dat 'de opgestapelde gitaren van dEUS klinken zoals de chaos in mijn hoofd'. Diep is het woord wel.Hoe ontlokte je hun al die straffe verhalen? Fleur Boonman: Als je net een concert hebt gezien van een band waar je een connectie mee hebt, verkeer je sowieso al in een verhoogde staat van gevoeligheid, en ben je meer geneigd jezelf open te stellen. Los daarvan probeerde ik die fans het gevoel te geven dat er naar hen geluisterd werd. Dit waren geen gesprekken waarop ik half aanwezig was met als doel snel-snel wat quotes te verzamelen 'voor de film'. Dit waren échte gesprekken, waarin ik ook aardig wat van mezelf prijsgaf. Wat het voor mij soms zeer intens maakte. Met wat voor gevoel stapte je na zo'n gespreksronde weer de tourbus op? Boonman: Ik heb vanuit mijn opleiding als therapeut wel wat ervaring met mensen die hun hele emotionele hebben en houden aan me presenteren. Maar de combinatie met het toeren zelf - het nachtbraken, het vroeg opstaan, de tweeëntwintig uur lange busritten met nauwelijks slaap - was wel heftig. Lange tijd was ik ook de enige vrouw op de tourbus. Ik zat tussen jongens die na elke show op adrenaline leefden. Dan had ik net vijftien opeenvolgende gesprekken gevoerd over depressie, kanker en alle andere vreselijke dingen die in de levens van die fans gebeurd zijn, en was er heel weinig ruimte om daar met iemand over te praten. Ook al was het fijn dat iedereen superhappy was, niemand had er een idee van waar ik net doorheen was gegaan. There was a whole other world out there op die bus. (lacht)Opleiding als therapeut? Heb jij geen kunstacademie gevolgd in Amsterdam? Boonman: Ja, en later psychologie. In 2011 heb ik de langspeelfilm Portable Life gemaakt met Rutger Hauer en Ella-June Henrard. Ik kwam van de academie en kon goed overweg met beelden, maar hoe je een verhaal vertelt, dat wist ik niet. Ik woonde in die tijd in Indonesië en was heel fel bezig met hypnose en reïncarnatie, wat ingebakken zat in de Aziatische cultuur en dus ook in mijn film zat. Alleen: in België was niemand daarmee bezig. Nu kijken mensen er vreemd van op als je géén yoga doet of veganist bent, toen was dat anders. Ik was met andere woorden te vroeg met die film, die meer over een gevoel ging dan over een verhaal. Omdat ik beter wilde worden in scenario's schrijven en personages doorgronden, ben ik me daarna gaan bijscholen in de psychologie en heb ik onderzoek gedaan naar trauma en relaties. Dat is me ook hier goed van pas gekomen. Ook het reilen en zeilen op tour wordt getoond in Confessions to dEUS. Was het niet vreemd om in coronatijden een film vol feestende muzikanten en uitzinnige menigtes te monteren? Boonman: Aan het einde van het nummer Let's See Who Goes Down First breng ik een lege zaal in beeld, zonder publiek. Een verwijzing naar corona. Ook in de getuigenissen heb ik bepaalde thema's extra in de verf gezet. Depressie, bijvoorbeeld. Ik heb zowat overal ter wereld gezeten. Ik heb vrienden in Australië, waar de zelfmoordcijfers sinds corona hoger liggen dan ooit. Ik ken dansers die niet kunnen rondreizen en vastzitten in een stad waar ze nauwelijks drie man kennen. Die mensen worden depressief. Aan de hand van deze film hoop ik ze een hart onder de riem te steken. Stephane Misseghers heeft het over hoe moeilijk toeren te rijmen valt met een gezin, bassist Alan Gevaert over hoe zwart het gat kan zijn als je na twee maanden thuiskomt en plots weer plantjes water moet geven. Aangezien jij bekendstaat als een nomadekunstenares: zijn er parallellen met jouw leven? Boonman: O ja. Nu woon ik al een tijdje in Gent, maar daarvoor ben ik nooit langer dan een half jaar op één plek gebleven. Op mijn 23e had ik al drie keer de wereld rondgereisd. Er lonkte altijd wel weer een nieuw avontuur, in het zog van een Italiaans circus of op een boot in Borneo. Dat zwarte gat - thuis zijn in België - heb ik altijd heel erg proberen te vermijden. Het is zoals Tom het zegt in de docu: 'Als artiest probeer je elke seconde van het leven intens te beleven. 'Dat is superleuk, maar jarenlang nergens kunnen thuiskomen is natuurlijk niet goed. Het heeft me zuur opgebroken, de ravage op mijn lichaam is enorm geweest. Maar het heeft me ook de weerbaarheid gegeven om dit soort films te kunnen maken. Vlak voor je met dEUS de hort opging, ben je met Tamino door de States getrokken. Boonman: Dat is toevallig gebeurd. In 2018 heb ik Tamino en zijn toen nog voor regisseur studerende broertje Ramy begeleid bij de videoclip voor Persephone. Ik woonde in die tijd in LA, en toen ik zag dat Tamino in mijn straat kwam spelen, ben ik gaan kijken. Dezelfde nacht nog ben ik met hem en zijn entourage meegereisd naar Texas - héél Fleur Boonman, haha. Daar, op South by Southwest, stond die gast van het superpopulaire programma Tiny Desk Concerts in het publiek én kreeg Tamino plots een zotte sms van iemand die zich persoonlijk als fan outte. Het was Lana Del Rey. Je bent naast regisseuse ook fotografe, dus moeten we het wel vragen: bakt Tom Barman, die onlangs naar buiten trad als fotograaf met de expo en het fotoboek Hurry Up and Wait, er wat van? Boonman: Ik ben nog niet op de expo geraakt, maar ik ken zijn fotografisch werk en moet zeggen dat ik het erg goed vind. Het doet me denken aan Saul Leiter, van wie ik grote fan ben. Dat kleurgebruik, die abstractie: ik hou daar wel van. Dus ja, ook fotografie is een talent van hem. Alwéér een talent.