GLINTS
...

Vanaf de eerste noot was duidelijk: Glints laat zich niet in een hokje duwen. Lemmens wisselde scherpe raps af met aanstekelijke refreinen, vaak gezongen met autotune. Brithop à la Kate Tempest werd gladde R&B en dan onversneden pop. Er was zelfs ruimte voor een gitaarsolo. Het klinkt rommelig op papier, maar in Trix klonk het geweldig.Glints toonde zich van zijn beste kant wanneer ze het gevaar opzochten, zoals tijdens Dread. Boven dreigende bassen en kriebelende elektronica danste Lemmens eventjes als een doorgedraaide metronoom. Een gitaarsolo gevuld met die heerlijk valse bluesnoten maakten het nummer af.Met hitsingle Sirens - live van stevigere poten en oren voorzien - sloot Glints zijn set op een hoogtepunt af. Het was een thuismatch voor Glints: Lemmens is niet alleen afkomstig van Antwerpen, maar stond ook vorig jaar al op We Are Open. Zoals dat met thuismatchen gaat, won Glints met een zeker gemak. De bal ging aan het rollen voor soulzanger Niels Delvaux na een livesessie bij Lefto in... 2010. Waarop hij de afgelopen zes jaar heeft zitten broeden? Een debuutplaat en liveshow. Dat laatste bleek alvast het wachten waard.Delvaux en zijn zevenkoppige band waren vastberaden om op ieders gezicht een glimlach te toveren. Feestelijke blazers! Slappende baslijnen! Hoge uithalen! Elk refrein klonk als de zon die door de wolken breekt. Delvaux stond alvast zelf te glunderen. Delv!s' optreden was een feest, één die in een tent op een zwoele zomeravond nog beter tot zijn recht zou komen. Mis hem niet deze festivalzomer, want Delv!s lives!Charlotte Adigéry begon het optreden met haar schoenen uit te doen. Ze sloot haar ogen, sprak, zong en danste. Het had iets mysterieus. De elektronische basdrum stompte. Tapes van lavende synthesizers knisperden. Adigéry hypnotiseerde met haar falset. De minimalistische elektronica van WWWater riep vooral natuurbeelden op: van oeroude bomen tot mos, en, jawel, water.Als ze deze onvatbare muziek op een of andere manier heeft kunnen vastleggen in de studio, dan zal Charlotte Adigéry niet lang meer ingeleid worden als de achtergrondzangeres bij Arsenal en Baloji. Birsen Uçar en PJ Seaux zijn nachtmensen. Dat bekennen zo ook in hun bekendste nummer Beating Heart: 'In the darkest hour of night, we sit around contemplating life.' De meeste nummers van Hydrogen Sea schreven ze in de logeerkamer van hun appartement in Jette, terwijl het buiten al lang donker was. Dat zag je in Trix - de band was in het zwart gehuld en stond achter een zelf meegebrachte constructie van palen en draden - maar vooral: dat hóórde je.Of ze nu betoverden (If The Stars Grow Dim Tonight) of aanzetten tot dansen (Worry), Hydrogen Sea klonk steeds verduisterd. Alsof in sluimerstand: op de grens van slapen en ontwaken. Het deed bij momenten denken aan Portishead of Beach House. Maar het trio - Steven Van Gelder (Tout Va Bien, Lady Linn) versterkt het koppel live - was in staat om de intimiteit van hun thuis in hun muziek over te brengen. Met Hydrogen Sea was het mooi dromen.'Ik rap in het Frans, maar vanavond ben ik een Antwerpenaar met jullie,' zei Roméo Elvis, en hij hield zijn bindteksten in het Nederlands. Maar rappen deed hij nog steeds in het Frans. Logisch, want in België is Roméo momenteel zonder weerga. Roméo Elvis heeft een uitzonderlijke controle over zijn karakteristieke, diepe stem. Hij schakelt moeiteloos tussen kalm en woedend, traag en razendsnel. Zijn geheime wapen? Le Motel, een less is more-producer die bedwelmt met spaarzame ritmische partijen, galmende synthesizers, en hier en daar een gitaar.De set naderde zijn kookpunt tijdens hun jongste single Tu Vas Glisser en ontplofte tijdens hun grootste hit - 1,8 miljoen views op YouTube - Bruxelles Arrive. Roméo Elvis klom op de dj-tafel en het publiek op het podium. 'Bruxelles arrive, on est serré dans une caisse,' weerklonk het uit een honderdtal kelen. Rondom ons: Brusselse rappers zoals Zwangere Guy, Peet Piraat (Le77) en Primero. Brussel was inderdaad gearriveerd.