HET CONCERT: The Radar Station in AB, Brussel op 22/10.

IN EEN ZIN: The Radar Station toonde zich zeker een band met potentieel, maar had af en toe nog wat last van een overdosis pathos en bombast.

HOOGTEPUNTEN: Face Full of Lines, Pictures of You, Voices, Zanzara, The Giant.

DIEPTEPUNTEN: geen.

QUOTE van Brent Buckler: 'Ik kan jullie niet vertellen hoe blij we zijn hier te mogen spelen. Even vreesden we dat we ons nooit meer voor een live-publiek zouden kunnen vertonen. Fijn dus vanavond zoveel mondmaskers te zien!'

De Brabantse gemeente Tremelo stond tot dusver niet bekend als het epicentrum van de vaderlandse rock. Ruim een kwarteeuw na Metal Molly kan het Damiaandorp zich echter over een nieuwe muzikale blikvanger verheugen. The Radar Station maakt gelaagde, aan Americana verwante folkrock met weelderige gitaar- en synthpartijen. Links en rechts werd zijn sound al vergeleken met The National en The War on Drugs, maar dat lijkt ons net iets te veel eer. Zelf horen we wél regelmatig echo's van Bear's Den, Peter Gabriel, U2 ten tijde van The Unforgettable Fire en, heel af en toe, de vroege Midlake.

De grootste troeven van The Radar Station zijn de warme, bezwerende stem van voorman Brent Buckler, die opvallende gelijkenissen vertoont met die van Jonathan Meiburg van Shearwater, en het nu eens fijnmazige, dan weer breed uitwaaierende gitaarspel van Sander Cliquet. Dat de heren weten hoe je een sfeer neerzet en een eerbaar liedje uit je hoed tovert, hoeft niet te verbazen: aangezien ze al een jaar of acht aan de weg timmeren, kun je ze nog bezwaarlijk groentjes noemen. Vóór ze hun huidige identiteit aannamen, gingen ze achtereenvolgens door het leven als Barefoot and the Shoes en als Sun Gods. Ook voor hun langspeeldebuut Life Inside A Tornado gingen ze niet over één nacht ijs. De plaat was drie jaar lang een work in progress en bevat zoveel gewezen radiohits dat je ze haast als een Best of zou kunnen beschouwen.

Zwerfvuil

Toch hadden we in de AB meer dan eens het gevoel dat bij The Radar Station het vakmanschap primeerde op de inspiratie. Dat was bijvoorbeeld het geval tijdens opener The Beauty of Belief, het door keyboards gedomineerde Into the Mud en het als song iets te mager uitgevallen Loony Lane. Kijk, we twijfelen er niet aan dat de muzikanten sympathieke peren zijn die altijd met twee woorden spreken, al eens een oudje de straat over helpen en in hun vrije tijd zwerfvuil uit de berm grissen, maar in de wereld van de rock-'n-roll scoor je daar helaas weinig punten mee. The Radar Station kleurt zelden buiten de lijntjes, terwijl een roestige weerhaak soms wonderen kan doen.

Yvo Zels
© Yvo Zels

Al bij al klonk het vijftal, dat zo te zien een bijzondere voorliefde voor Perzische tapijten aan de dag legt, vrij braaf en zijn Engels een beetje stuntelig (zie het verder best mooie Subtle Science). Ook schuwde de groep het pathos niet, ging ze al eens zonder waarschuwing over van ingetogen naar bombastisch en struikelde ze occasioneel over FM-rockclichés. De manier waarop de gitarist halverwege bijna ieder nummer een wall of sound optrok, begon na een poosje wel zeer voorspelbaar te worden.

We twijfelen er niet aan dat de muzikanten al eens een oudje de straat over helpen en zwerfvuil uit de berm grissen, maar in de wereld van de rock-'n-roll scoor je daar weinig punten mee.

Dat de eighties aan The Radar Station niet onopgemerkt voorbij waren gegaan, bleek uit zijn sobere covers van The Cure (Pictures of You) en The Police (Walking on the Moon). After the Tornado -soepele fingerpicking, elegante piano- riep dan weer herinneringen op aan Simon & Garfunkel uit de periode van Wednesday Morning, 3AM. Buckler vertelde dat zijn groep het nummer oorspronkelijk met een koor wilde opnemen, maar toen dat, wegens één of ander virus, onmogelijk bleek, dan maar een oproep deed aan de fans om via het internet een vocale bijdrage te leveren. Door de wonderen van de techniek leverde dat alsnog een 54-koppig virtueel ensemble van meerdere generaties op.

Dalai Lama

De zanger was overigens niet gespeend van humor. '2020 was een zot jaar', vertelde hij. '75 jaar geleden eindigde de tweede wereldoorlog, we vierden de 250ste geboortedag van Beethoven. Maar de gebeurtenis die óns altijd bij zal blijven was... de release van ons langspeeldebuut op 4 september'. Door de coronamaatregelen was het The Radar Station verboden in de AB haar merchandising aan de man te brengen, al had de groep daar iets op gevonden. Speciaal voor de gelegenheid had ze een reusachtige QR-code ontworpen ('Je kunt scannen tot op achttien meter!'), die de toeschouwers toegang gaf tot haar online-shop. Yep, these guys mean business.

Yvo Zels
© Yvo Zels

Het laatste half uur van de set was beduidend spannender dan de eerste helft. Dat lag bijvoorbeeld aan de grofkorrelige gitaar van Cliquet en het feit dat The Radar Station nu zoveel power ontwikkelde dat je eindelijk het gevoel kreeg dat er echt iets gebeurde op het podium. Ook toen tijdens Voices twee versnellingen hoger werd geschakeld, bleef je als toeschouwer moeiteloos bij de les. Zanzara - 'het persoonlijkste nummer uit onze lp', dixit Buckler - steunde net als de titelsong van Life Inside A Tornado op een geestig citaat van de Dalai Lama: 'If you think you are too small to make a difference, try sleeping with a mosquito in the room'.

Tijdens de verlengingen kregen we nog het verstilde, maar iets te gezwollen verwoorde I Moan en, als uitsmijter, het potig rockende The Giants (sleutelzin: 'If you're not smart, be strong'). Conclusie: The Radar Station is zeker een band met talent en potentieel. Alleen dient ze nog wat te timmeren aan een eigen smoelwerk en kan ze in de toekomst hopelijk het lef opbrengen om de geëffende paden achter zich te laten. We duimen.

DE SETLIST: The Beauty of Belief / Into the Mud / Pictures of You / Loony Lane / Subtle Science / After the Tornado / Walking on the Moon / Face Full of Lines / Voices / Zanzara // I Moan /The Giant.

De Brabantse gemeente Tremelo stond tot dusver niet bekend als het epicentrum van de vaderlandse rock. Ruim een kwarteeuw na Metal Molly kan het Damiaandorp zich echter over een nieuwe muzikale blikvanger verheugen. The Radar Station maakt gelaagde, aan Americana verwante folkrock met weelderige gitaar- en synthpartijen. Links en rechts werd zijn sound al vergeleken met The National en The War on Drugs, maar dat lijkt ons net iets te veel eer. Zelf horen we wél regelmatig echo's van Bear's Den, Peter Gabriel, U2 ten tijde van The Unforgettable Fire en, heel af en toe, de vroege Midlake. De grootste troeven van The Radar Station zijn de warme, bezwerende stem van voorman Brent Buckler, die opvallende gelijkenissen vertoont met die van Jonathan Meiburg van Shearwater, en het nu eens fijnmazige, dan weer breed uitwaaierende gitaarspel van Sander Cliquet. Dat de heren weten hoe je een sfeer neerzet en een eerbaar liedje uit je hoed tovert, hoeft niet te verbazen: aangezien ze al een jaar of acht aan de weg timmeren, kun je ze nog bezwaarlijk groentjes noemen. Vóór ze hun huidige identiteit aannamen, gingen ze achtereenvolgens door het leven als Barefoot and the Shoes en als Sun Gods. Ook voor hun langspeeldebuut Life Inside A Tornado gingen ze niet over één nacht ijs. De plaat was drie jaar lang een work in progress en bevat zoveel gewezen radiohits dat je ze haast als een Best of zou kunnen beschouwen. Toch hadden we in de AB meer dan eens het gevoel dat bij The Radar Station het vakmanschap primeerde op de inspiratie. Dat was bijvoorbeeld het geval tijdens opener The Beauty of Belief, het door keyboards gedomineerde Into the Mud en het als song iets te mager uitgevallen Loony Lane. Kijk, we twijfelen er niet aan dat de muzikanten sympathieke peren zijn die altijd met twee woorden spreken, al eens een oudje de straat over helpen en in hun vrije tijd zwerfvuil uit de berm grissen, maar in de wereld van de rock-'n-roll scoor je daar helaas weinig punten mee. The Radar Station kleurt zelden buiten de lijntjes, terwijl een roestige weerhaak soms wonderen kan doen. Al bij al klonk het vijftal, dat zo te zien een bijzondere voorliefde voor Perzische tapijten aan de dag legt, vrij braaf en zijn Engels een beetje stuntelig (zie het verder best mooie Subtle Science). Ook schuwde de groep het pathos niet, ging ze al eens zonder waarschuwing over van ingetogen naar bombastisch en struikelde ze occasioneel over FM-rockclichés. De manier waarop de gitarist halverwege bijna ieder nummer een wall of sound optrok, begon na een poosje wel zeer voorspelbaar te worden. Dat de eighties aan The Radar Station niet onopgemerkt voorbij waren gegaan, bleek uit zijn sobere covers van The Cure (Pictures of You) en The Police (Walking on the Moon). After the Tornado -soepele fingerpicking, elegante piano- riep dan weer herinneringen op aan Simon & Garfunkel uit de periode van Wednesday Morning, 3AM. Buckler vertelde dat zijn groep het nummer oorspronkelijk met een koor wilde opnemen, maar toen dat, wegens één of ander virus, onmogelijk bleek, dan maar een oproep deed aan de fans om via het internet een vocale bijdrage te leveren. Door de wonderen van de techniek leverde dat alsnog een 54-koppig virtueel ensemble van meerdere generaties op. De zanger was overigens niet gespeend van humor. '2020 was een zot jaar', vertelde hij. '75 jaar geleden eindigde de tweede wereldoorlog, we vierden de 250ste geboortedag van Beethoven. Maar de gebeurtenis die óns altijd bij zal blijven was... de release van ons langspeeldebuut op 4 september'. Door de coronamaatregelen was het The Radar Station verboden in de AB haar merchandising aan de man te brengen, al had de groep daar iets op gevonden. Speciaal voor de gelegenheid had ze een reusachtige QR-code ontworpen ('Je kunt scannen tot op achttien meter!'), die de toeschouwers toegang gaf tot haar online-shop. Yep, these guys mean business. Het laatste half uur van de set was beduidend spannender dan de eerste helft. Dat lag bijvoorbeeld aan de grofkorrelige gitaar van Cliquet en het feit dat The Radar Station nu zoveel power ontwikkelde dat je eindelijk het gevoel kreeg dat er echt iets gebeurde op het podium. Ook toen tijdens Voices twee versnellingen hoger werd geschakeld, bleef je als toeschouwer moeiteloos bij de les. Zanzara - 'het persoonlijkste nummer uit onze lp', dixit Buckler - steunde net als de titelsong van Life Inside A Tornado op een geestig citaat van de Dalai Lama: 'If you think you are too small to make a difference, try sleeping with a mosquito in the room'. Tijdens de verlengingen kregen we nog het verstilde, maar iets te gezwollen verwoorde I Moan en, als uitsmijter, het potig rockende The Giants (sleutelzin: 'If you're not smart, be strong'). Conclusie: The Radar Station is zeker een band met talent en potentieel. Alleen dient ze nog wat te timmeren aan een eigen smoelwerk en kan ze in de toekomst hopelijk het lef opbrengen om de geëffende paden achter zich te laten. We duimen.