DA GIG: Snarky Puppy in de AB, 9/5
...

Wie weleens een Knack Focus-special koopt, weet dat de jazz dit jaar 100 jaar oud is. Ook de AB viert lustig mee met een reeks concerten. Onder andere Jef Neve, José James en Gregory Porter stonden de afgelopen maanden al in de Brusselse concertzaal. Nu was het de beurt aan Snarky Puppy, een New Yorks instrumentaal collectief rond bassist Michael League. Onder de arm: de nieuwe, uitstekende plaat Culcha Vulcha, die in februari nog een Grammy Award kreeg voor beste hedendaagse instrumentale album. Nog onder de arm: een sterke concertreputatie, vooral te danken aan de vele liveopnames die de band zelf verspreidt, op YouTube en de rest van het internet.House of Waters, getekend bij Snarky Puppy's eigen GroundUP-label, mocht de knikkende hoofdjes opwarmen. Het trio - basgitaar, drums en hammered dulcimer, een soort veelsnarige gitaar die met stokken wordt bespeeld - begon zijn set als het een sollicitatie voor Duyster, maar liet het zaakje al snel ontsporen naar Ierse folk, Aziatische muziek en zelfs een geut funky disco, wanneer bassist Moto Fukushima de teugels liet vieren. Fukushima en hammered dulcimer-speler Max ZT gaven als een soort muzikaal Borléeduo de melodie en sologelegenheden vlotjes aan elkaar door, lieten elkaar vrij en vonden elkaar dan weer vlot onder impuls van het slagwerk. Heerlijk ook hoe die momenten waarop alles samenkwam, onthaald werden op applaus en gejoel van het publiek. Gejoel. Op een jazzconcert. En dan moest Snarky Puppy nog komen. De bandleden leken zelf wat overdonderd door het enthousiasme toen ze het podium opkwamen en temperden meteen met wat intimistischer werk uit Culcha Vulcha. Een subtiele solo op tenorsax , haast fluisterend, veranderde de concerttempel in één klap in een rokerige jazzclub. Maar laat dat alstublieft geen reden zijn om deze groep te labelen als louter een jazzband. League en de zijnen zijn zeker exponenten van de hedendaagse jazz, maar dan zoals TaxiWars en andere STUFF.'s dat zijn, met open oren stelend van álle genres en stromingen die de laatste honderd jaar hebben voortgebracht om zo te cross-overen dat het een lieve lust is. In het universum van Snarky Puppy gaan hoekige, J. Dilla-achtige hiphopbeats lekker in dialoog met funky basgrooves en soundscapes die de jungle oproepen. Het resultaat is complexe en gelaagde, maar toch behapbare muziek, die zonder genade alles beroert aan een mensenlichaam dat in staat is ritmisch te bewegen.Anders dan bij veel jazzconcerten had de band ook aan het visuele gedacht. Op acht kleine schermen konden we regelmatig de solerende muzikanten bewonderen. Geen overbodige luxe, want met negen virtuozen op het podium weet je niet altijd waar kijken. Af en toe overviel ons de gedachte of de band daar niet meer mee kon doen, maar meteen daarna volgt het besef dat dat eigenlijk niet hoeft. De muzikanten zijn zelf duidelijk geen show-offs - vaak heb je pas door dat er een solist bezig is als die al een halve minuut de ziel uit zijn lijf staat te blazen - en willen gewoon spelen. 'We are a band of musicians playing music on instruments', meldt de band plompverloren op haar Twitteraccount. Goede wijn hoeft geen krans.En of die wijn gulzig werd gedronken in de AB. Schrijver dezes zag mensen klappen in shuffleritme - probeer zelf maar eens om te weten hoe moeilijk dat is - extatisch met hun hoofd knikken en met de booty's shaken alsof het de laatste keer was. Verbijsterd dachten we dat het daarbij zou blijven qua publieksparticipatie, maar Snarky Puppy had lievelingetjes Lingus en What About Me? tot het laatst bewaard. Nog één keer alles uit de kast, nog één keer de baslijn meezingen bij gebrek aan tekst, nog één heerlijke drumsolo van chouchou Larnell Lewis, en de Snarky Puppy mocht blij kwispelend de boeken dichtdoen. Ik weet niet wat u heeft gedaan op woensdag 9 mei, maar wij hebben genoten van het ultieme balorkest voor jazzcats, funkateers en andere muzikale meerwaardezoekers. Ter illustratie: nog steeds lopen we die baslijn te neuriën.