DA GIG: Grizzly Bear (en Liima) in AB, Brussel op 14/10.
...

Dit keer deed u er goed aan een beetje vroeger naar de AB af te zakken, want het voorprogramma werd verzorgd door Liima, een kwartet dat bestaat uit de drie kernleden van het Deense Efterklang, aangevuld door de Finse drummer Tatu Rönkko. De groep brengt op 3 november haar tweede cd 1982 uit, een plaat die met haar retro-futuristische sound aanzienlijk afwijkt van voorganger ii. De songs steunen nog altijd op elektronica en aanstekelijke grooves en zijn ook nu weer ontstaan door spontane improvisaties in verscheidene Europese steden. Toch klinken ze directer, catchier en funkier dan Liima's vroegere werk.De titel van de nieuwe plaat verwijst niet alleen naar het geboortejaar van zanger Casper Clausen, maar ook naar het culturele scharniermoment waarin Time Magazine de pc uitriep tot 'persoon van het jaar'. Voor de leden van Liima is dat een aanleiding om thema's of gebeurtenissen te exploreren die tijdens hun jeugd bepalend zijn geweest. Tegelijk vormen de nummers een zoektocht naar de bouwstenen van hun identiteit en de fenomenen die een bedreiging vormen voor het westerse liberale gedachtegoed. Bij Liima leidt dat gelukkig nooit tot een door nostalgie ingegeven pleidooi voor een monocultuur: de groep stelt vooral vragen en probeert te verklaren hoe het komt dat alles in onze samenleving voortdurend in beweging is.Op het podium resulteerde één en ander in een energieke sound, waarbij de strakke ritmesectie als stut fungeerde voor uitwaaierende synths die weliswaar naar de eighties verwezen, maar toch onmiskenbaar wortelden in het hier en nu. Nieuwe, door stemvervormers gedomineerde songs als Life is Dangerous en Jonathan, I Can't Tell You werden afgewisseld met bekend materiaal als Trains in the Dark en Amerika. In beide gevallen klonk Liima aanstekelijk genoeg om het publiek op zijn trip mee te slepen.Dat de Denen als opwarmer mochten aantreden, was niet echt verrassend. Ten tijde van Horn of Plenty uit 2005, toen Grizzly Bear in wezen nog een soloproject was van zanger Ed Droste, stond Rasmus Stolberg, de bassist van Liima, al in voor de Europese release op zijn eigen Rumraket-label, en sindsdien zijn de muzikanten altijd bevriend gebleven. 1982 werd trouwens geproducet door 'basbeer' Chris Taylor. Grizzly Bear komt uit Brooklyn, is al ruim vijftien jaar actief en maakt muziek die altijd een beetje ongrijpbaar is gebleven. Ze houdt het midden tussen prog-folk en complexe kamerpop, is rijk aan details en heeft best wat tijd nodig om al haar geheimen te ontvouwen. De songs van de New Yorkers zijn als puzzels waarvan stukjes ontbreken. Je moet dus je verbeelding gebruiken om het totaalplaatje te zien en de verborgen codes te ontcijferen. Gelaagdheid is het sleutelwoord: het kwartet, in Brussel aangevuld met een extra toetsenman, heeft een overvloed aan ideeën en is een echte democratie, wat wellicht verklaart waarom er tussen zijn nieuwe cd Painted Ruins en voorganger Shields een kloof van vijf jaar gaapt. Een derde van de set bestond uit nieuwe composities, zodat er voor Grizzly Bear voldoende ruimte overbleef om ook oudere platen als Yellow House en, vooral, Veckatimest aan te spreken. Live klonk de groep gespierder dan in de studio, maar de onconventionele structuren, barokke arrangementen, onverwachte tempowisselingen en uitgekiende harmonieën waren intact. Hoewel keyboardspeler Ed Droste en gitarist Daniel Rossen in vocaal opzicht afwisselend het voortouw namen, toonden eigenlijk alle bandleden -één voor één multi-instrumentalisten- zich even vindingrijk. De veerkracht van Grizzly Bear bleek uit songs als Losing All Sense, Cut-Up en het door het publiek geestdriftig ontvangen Ready, Able. Opzienbarend ook hoe in Yet Again verschillende melodieën over elkaar schoven en hoe de muzikanten in Sleeping Ute onderling plaagstootjes uitdeelden zonder elkaar van de wijs te brengen. Grizzly Bear put uit ieder tijdperk van de popmuziek. Zo hoorden we verwijzingen naar The Beach Boys, Van Dyke Parks, 10cc, Scritti Politti, XTC en Radiohead. Alleen waren die invloeden zo organisch verwerkt dat ze het unieke karakter van het viertal nooit ondermijnden.Dat Grizzly Bear onweerstaanbare popsongs in de vingers had, bleek onder meer uit het stuiterende Mourning Sound en het door een staccato-piano aangezwengelde Two Weeks. Shift en On A Neck, On A Spit katapulteerden de toeschouwers dan weer naar de periode toen het gezelschap nog aanzienlijk pastoraler klonk dan vandaag. In het door doowop bevruchte Knife eiste de falsetstem van bassist Chris Taylor, die in de AB ook nog zijn vaardigheid op klarinet, saxofoon en dwarsfluit etaleerde, alle aandacht op.De heren van Grizzly Bear hadden iets van muzikale equilibristen, die niet alleen de kunst van het touwdansen onder de knie hadden, maar tegelijk ook nog een hele hoop ballen in de lucht wisten te houden. Om kort te gaan: een avond vol fijnproeverij waar zelfs de gastronomen van Michelin niet van terug hadden.