DA GIG: Cass McCombs in het Depot, 21/2.
...

Cass McCombs is een miskende meester van de songschrijfkunst. The New York Times en Noisey omschreven hem als een van de beste singer-songwriters van deze generatie. Pitchfork noemde 'County Line' een van de allerbeste nummers van dit decennium. Angel Olsen, Ariel Pink, Tobias Jesso Jr. en leden van Vampire Weekend, The National, Grizzly Bear en Destroyer spraken al vol lof over McCombs. Wie zijn wij om de halve indierockscene tegen te spreken. PrivédetectiveToch trad hij niet in de grote zaal van het Depot aan, maar in de foyer. En dat was niet eens erg. Cass McCombs zou het zelf niet anders gewild hebben. Wat hij dan wel wil? Simpel: touren! Een vaste domicilie heeft McCombs niet. Als hij niet op tournee is, slaapt hij bij vrienden, soms zelfs op de grond. Hij heeft het niet zo voor studioalbums, maar bracht er toch al acht uit. Interviews schuwt hij. Persfoto's ook. Ex-platenlabel Domino heeft ooit een privédetective moeten inhuren om vanop een afstand foto's van hem te nemen. Allemaal omdat McCombs niet gelooft in het vereeuwigen van een vluchtig moment. En dat vindt hij net zo leuk aan optreden: je legt het niet vast, maar belééft het.En een belevenis werd het. Vanaf de eerste noot was duidelijk dat Cass McCombs en band - een bassist, toetsenist en drummer - scherp stonden. De broeierige bluesriff van opener 'Big Wheel' donderde over je heen, terwijl McCombs met een levendige beeldtaal een ode aan de rijweg bracht. Je kon de diesel haast ruiken en de zon op de motorkap zien reflecteren. Tot de band de gekende outro abrupt verving door een snedige break en aan het jammen sloeg. Dit improvisatiemoment, niet het laatste van de avond, gaf het concert van de anders zo ingetogen frontman een verrassende meerwaarde. Bum bum bumDe band bleef dit niveau aanhouden, en overtrof het zelfs een aantal keer. Zoals tijdens 'Bum Bum Bum', het doorleefde americananummer dat ook McCombs' jongste worp Mangy Love opent. Met melancholie en een licht vermoeide stem sneed hij het thema racisme aan: 'No, it ain't no dream, it's all too real. How long until this river of blood congeals?' Op het einde van elke strofe zong hij van 'bum bum bum'. Hij deed het krachteloos, alsof hij het al te vaak heeft moeten doen. En toch viel het kippenvel nauwelijks te voorkomen. Een andere uitschieter was Mangy Love-single 'Opposite House'. De galmende synth- en gitaarpartijen klonken als de soundtrack bij een druilerige dag. Alleen was het niet buiten dat het regende, want in het dromerige refrein vroeg Cass McCombs zich af: 'Why does it rain inside?' We moeten hem het antwoord schuldig blijven. Gepijnigd, ingetogen en breekbaarVan het in Pink Floyd-psychedelica gedrenkte 'Medusa's House' tot het koddige liefdesliedje 'Dreams-Come-True-Girl' verkeerden we in een roes. En dan was daar 'County Line', nog steeds McCombs beste song. Gepijnigd, ingetogen en o zo breekbaar bezong hij een oude liefde, tot zelfs woorden hem tekortschoten: 'You never even tried to love me. Whoa whoa whoa whoa whoa.' Tijdens het refrein kon je een speld horen vallen. Een groot applaus volgde, wat de band ertoe aanspoorde nog twee bisnummers te brengen. Maar die merkten we amper op, want de verstilde pracht van 'County Line' zou ons nog voor de rest van de avond in zijn bezit hebben. In een andere Hier en Nu zou Cass McCombs meer zijn geweest dan een cultheld, daar zijn we na dit optreden van overtuigd. Maar McCombs is op tour en dus gelukkig, en wij met hem. Whoa whoa whoa whoa whoa.SETLIST: Big Wheel / Bum Bum Bum / Opposite House / Morning Star / Medusa's Outhouse / In A Chinese Alley / Cry / nieuw nummer / Dreams-Come-True-Girl / Run Sister Run / County Line // I'm A Shoe / I Cannot Lie