Spiral is de opvolger van Psychic (2013) en komt zeven jaar nadat het duo voor onbepaalde duur de stekker uit zijn electro/kraut/psychprog-machine had getrokken. Sindsdien roerde klankenwonder Jaar zich solo, alsook met soundtrackwerk, installaties, zijn house- en technoproject Against All Logic en het produceren van FKA twigs. Zijn kompaan vierde zijn multi-instrumentalistische liefde voor improv, drone en moeilijke jazz bot onder eigen naam of met de Dave Harrington Group.
...

Spiral is de opvolger van Psychic (2013) en komt zeven jaar nadat het duo voor onbepaalde duur de stekker uit zijn electro/kraut/psychprog-machine had getrokken. Sindsdien roerde klankenwonder Jaar zich solo, alsook met soundtrackwerk, installaties, zijn house- en technoproject Against All Logic en het produceren van FKA twigs. Zijn kompaan vierde zijn multi-instrumentalistische liefde voor improv, drone en moeilijke jazz bot onder eigen naam of met de Dave Harrington Group. Speelde Psychic zich in je verbeelding af tussen vier muren, dan zuigt Spiral doorheen een wijdopen raam de buitenlucht aan. Die frisse neus kon men al ophalen in single Lawmaker. Daarin gaat Darkside niet voor het eerst de bluesy toer op, maar importeert het de gitaren dit keer uit de Sahel. Die woestijninvloed manifesteert zich ook in de slotminuut van Liberty Bell. Nog een geluk, want in de voorgaande drie komt Darkside met een slidesample en lijzige folktronica niet verder dan een doorsnee Beta Band. Hoewel Jaar en Harrington los van elkaar met genoegen het publiek uitdagen, hangen ze met Darkside duidelijk meer Air dan Autechre aan. De avontuurlijkste speldenprikjes wachten u in het eerste deel. De kubistische ouverture Narrow Road komt in kleurrijke Verre-Oosterse vlakken uit de boxen getuimeld, waarbij Harringtons gitaar het parcours van een ongedurige vlieg in je woonkamer beschrijft. Nog zo'n fameuze faux-solo hoor je in het daaropvolgende The Limit, een lap briljante, abstracte electrofunk. Het verschil met de nummers aan het andere eind van de plaat is beduidend. In Inside Is Out There dobberen spacepopgeluiden, frenetiek cimbalengetik en een lome baspartij doodgemoedereerd rechtdoor. Beter is het door Jaar naar sacrale hoogte getilde Only Young: soul als door een monnik gezongen. Die prominentere vocalen maken Spiral huiselijker dan zijn verre voorganger, ondanks de ondoorgrondelijke teksten. Het is een album dat je oren een hoofdtelefoon opdringt en je voeten pantoffels, ook vanwege de akoestische gitaren die zich boven het maaiveld oprichten. De rustieke tendens piekt in het ijle, getokkelde titelnummer, waarbij we net als bij het vredige The Question Is to See It All vermoeden dat zanger Nicolás Jaar doorheen een José González-fase moet zijn gegaan. Alleen in het naargeestige geluid van een rinkelende ketting - of zijn het messen die van roest worden ontdaan? - maakt Darkside zijn groepsnaam toch weer waar. Al bij al een mooie terugkeer.