Het kwam nogal onverwacht voor Laura Mvula toen ze plots een popcarrière bleek te hebben. Na het conservatorium zag de Britse muzieklerares voor zichzelf een toekomst als docent en componist voor klassieke ensembles weggelegd. Maar ineens was daar Sony met een contract, en in 2013 volgde een debuutalbum, Sing to the Moon. Top tien in Engeland, een nominatie voor de Mercury Prize, iedereen tevreden. Toen Mvula met The Dreaming Room (2016) een plaat afleverde waarop ze nóg meer...

Het kwam nogal onverwacht voor Laura Mvula toen ze plots een popcarrière bleek te hebben. Na het conservatorium zag de Britse muzieklerares voor zichzelf een toekomst als docent en componist voor klassieke ensembles weggelegd. Maar ineens was daar Sony met een contract, en in 2013 volgde een debuutalbum, Sing to the Moon. Top tien in Engeland, een nominatie voor de Mercury Prize, iedereen tevreden. Toen Mvula met The Dreaming Room (2016) een plaat afleverde waarop ze nóg meer barokke lussen in de arrangementen legde en nóg dieper in de ton gospel en orkestrale soul schepte, zag Sony echter geen heil meer in de samenwerking. Even pardoes als Mvula in de spotlight kwam te staan, werd begin 2017 het licht uitgeknipt. Na vier jaar wildernis is de nu 35-jarige Mvula bekomen van de klap en back in business met een nieuw album. Eentje waarop ze nieuwe muzikale oorden verkent, bovendien. Boem. Pats. Boem-pats. Het zijn de synthetisch gefilterde drumdreunen van Safe Passage die de metamorfose van Laura Mvula met veel bombast inluiden. Gezwollen synths. Galmende stemmen. Voor we 'de Peter Gabriel van 1986, is die weer hip?' kunnen denken, doet Conditional er nog enkele salvo's van artificiële koperblazers bovenop. Met zijn aanstekelijke refrein ('How can you dance with the devil on your back?') en staccato drumcomputers had Church Girl een dikke dertig jaar geleden furore gemaakt tijdens Top of the Pops, met stip genoteerd tussen Chaka Khan en Duran Duran. Het is blits, het is qua klank en kleur zo wijd en groots als de schoudervullingen in Dynasty. Le nouveau Mvula is onbeschaamd eighties, voortgestuwd door een hervonden triomfalisme en een tot in het oneindige doorgedreven esthetiek. Op The Dreaming Room had Magical een Broadwaygedaante aangenomen, hier is het een uit glinsterende r&b opgetrokken powerballade. Op Got Me stroopt Mvula de mouwen op zoals Billy Ocean dat deed in When the Going Gets Tough, the Tough Get Going, de synthfunk van de titeltrack staat stijf van de hairspray, en zelfs een zeemzoet duet kon niet ontbreken: tijdens What Matters laat Simon Neil van de Schotse hardrockers Biffy Clyro zich van zijn gladste kant zien. Tachtig prachtig? Wel als het tegelijk zo ingenieus en complexloos in elkaar zit als op Pink Noise. Nu, waar hebben we die korte Adidasshorts en rode bandana gelaten?