Die groepsnaam misschien eerst. Bij Ottla denken kenners van de literaire correspondentie aan het koosnaampje waarmee Franz Kafka zijn zus Ottilie bedacht. Maar ergens te lande herinnert een oude fietsenmaker zich ook een rijwiel dat door zijn eigenaar, een jonge Antwerpse jazzgitarist, zo was gedoopt. Een naam met een geschiedenis, laten we het daarop houden.
...

Die groepsnaam misschien eerst. Bij Ottla denken kenners van de literaire correspondentie aan het koosnaampje waarmee Franz Kafka zijn zus Ottilie bedacht. Maar ergens te lande herinnert een oude fietsenmaker zich ook een rijwiel dat door zijn eigenaar, een jonge Antwerpse jazzgitarist, zo was gedoopt. Een naam met een geschiedenis, laten we het daarop houden. Het is in dat verleden dat de kiem van Ottla is gelegd. Om de festiviteiten rond het vijfentwintigjarige bestaan van concertorganisator Jazzlab mee op te luisteren, verzamelde gitarist Bert Dockx (Flying Horseman, Dans Dans, solo) enkele muzikanten teneinde de jazzgrootheden te coveren die hij als student hoog had zitten. Maar lang duurde het niet vooraleer die nostalgietrip een U-bocht maakte en Dockx toch zelf aan het schrijven sloeg. Hoewel Ottla ontegensprekelijk met het jazzvaandel zwaait, zal deze plaat ook vrienden van de stoutmoedige rock en betere soundtrack bekoren, richtingen die Dockx in zijn carrière al meermaals heeft verkend. Dat Ottla niet dezelfde weg opstuift als het improvtrio Dans Dans is te danken aan de inbreng van de medespelers: Frans Van Isacker (altsax), Thomas Jillings (tenorsax), Nicolas Rombouts (bas), Louis Evrard (drums, percussie) en Yannick Dupont (drums, percussie en elektronica). Een wendbare slagorde is dat. Een uur lang vervagen grenzen tussen voorbedachtheid en spontaniteit, tussen vurige uithalen en zinderende ascese. Of Ottla nu ruimtelijke stukken uittekent zoals Spinrag of Vroeger, de melodische driften van Huisje tuintje voordraagt of wild 'Opzij opzij opzij!' roept in het gierende Étrange poursuite, Dockx en co. gehoorzamen veeleer aan stemmingen dan aan genredictaten. Vloeibaarheid en naturel zijn sleutelwoorden, in die mate dat de twee covers die de selectie wél haalden zelfs wat zonevreemd aandoen - al is die indruk groter bij Thelonious Monks Epistrophy dan bij Lights on a Satellite van Sun Ra. Het memorabelst is Ottla in Stofwolk, een compositie die een kwartier van uw leven vraagt maar u daarvoor beloont met een geweldige spanningsboog, geconstrueerd uit Dockx' expressieve gitaar (opgelet voor gensters), pulserende elektronica en bas, stuwend tikwerk en blazers die de sinistere sfeer zowel opstoken als temperen. Vaag maar waar: Ottla is vanaf heden ook een groep, en die speelt voortreffelijke muziek.