Voor de negentiende studioplaat van Bruce Springsteen, die in juni verschenen is, bleef The E Street Band op stal. Western Stars was een soloplaat, maar niet in de stijl van Nebraska (1982) of The Ghost of Tom Joad (1995). In plaats van de kale sound van zijn andere 'short story records', zoals hij ze zelf noemt, opteerde The Boss deze keer voor een rijk en warm popgeluid dat hij aan het LA van de late sixties en vroege seventies ontleende, vol opwiekende strijkers en beheerste blazers. Verrassende plaat, zijn beste in jaren, maar geen muziek om mee op tournee te trekken en avond na avond elke afzonderlijke muzikant in E Street-stijl voor te stellen, dus pakte Springsteen het anders aan: 'Omdat ik de muziek toch tot bij de fans wilde brengen, kwam ik op het idee de hele plaat één keer live te spelen, de hele zwik te filmen en een concertfilm uit te brengen', zo vertelde hij ons onlangs bij de presentatie in Londen.
...

Voor de negentiende studioplaat van Bruce Springsteen, die in juni verschenen is, bleef The E Street Band op stal. Western Stars was een soloplaat, maar niet in de stijl van Nebraska (1982) of The Ghost of Tom Joad (1995). In plaats van de kale sound van zijn andere 'short story records', zoals hij ze zelf noemt, opteerde The Boss deze keer voor een rijk en warm popgeluid dat hij aan het LA van de late sixties en vroege seventies ontleende, vol opwiekende strijkers en beheerste blazers. Verrassende plaat, zijn beste in jaren, maar geen muziek om mee op tournee te trekken en avond na avond elke afzonderlijke muzikant in E Street-stijl voor te stellen, dus pakte Springsteen het anders aan: 'Omdat ik de muziek toch tot bij de fans wilde brengen, kwam ik op het idee de hele plaat één keer live te spelen, de hele zwik te filmen en een concertfilm uit te brengen', zo vertelde hij ons onlangs bij de presentatie in Londen. The Boss belde Thom Zimny, die vorig jaar ook Springsteen on Broadway gedraaid heeft en al twee decennia met hem samenwerkt. Op de bovenverdieping van een meer dan honderd jaar oude schuur op Springsteens ranch in New Jersey werden een dertigtal muzikanten verzameld. De ruimte die overbleef nadat alle strijkers en blazers, de drums, de piano, het klokkenspel, de steelguitar, de achtergrondzangeressen, een cameraploeg en Bruce en zijn vrouw Patti Scialfa er met een kraan en een schoenlepel in waren gewurmd, werd ingenomen door een klein publiek. Dat ene concert werden er uiteindelijk twee, met als nettowinst een kleine, fijne concertfilm. 'Daarna kwamen de interviews, omdat dat nu eenmaal zo gaat: je haalt de mensen die hebben meegespeeld voor de camera en ze zeggen wat een leuke vent ik ben en wat een eer het was om met me te werken', aldus Springsteen tijdens de Q&A die volgde op de screening van zijn film. 'Omdat het om nieuwe songs en nieuwe personages gaat, zocht ik daarnaast naar een manier om het publiek als het ware de muziek binnen te loodsen. Op een avond voor de tv, terwijl Patti naar een soap keek, begon ik voor elke song afzonderlijk mijn gedachten op te schrijven. Dat was de basis voor de voice-over in de film. Vervolgens rees de vraag waar we die voice-over dan wel overheen zouden plaatsen.' Zo werd de concertregistratie stukje bij beetje een echte film. En nog een goeie ook. Laten we buiten beginnen. De songs op Western Stars spelen zich voornamelijk in Californië af, het land van de western, de cowboys, de oude stuntmannen en de filmindustrie, die allemaal een plaatsje op de plaat krijgen. Er zit een bepaalde om technicolor schreeuwende weidsheid in die alleen daar te vinden is en heel mooi contrasteert met de beslotenheid van de schuur. De locatie voor de buitenopnames lag dan ook voor de hand. Springsteen en Zimny, die de regiecredits delen, trokken naar de Californische Joshua Tree Desert, waar wat stukjes van Gram Parsons begraven liggen en U2 ooit een eerste keer vervelde. In de intro van de film duiken meteen galopperende mustangs op en je denkt: 'O jee, daar gaan we.' En eerlijk, in het anderhalf uur dat volgt, bezondigt Bruce zich weleens aan uitgewoonde metaforen - 'Negentien platen ver, en ik schrijf nog altijd over auto's!' - en de sentimentaliteit die al in Springsteen on Broadway zat, loert ook hier om het hoekje. Subtiel is Springsteen nooit geweest. Daar staat tegenover dat de voice-over van de oude meester iets met je doet. Uit de Broadwayshow en zijn autobio bleek al dat de rusteloze held op zijn oude dag - hij is op 23 september zeventig geworden - een innerlijke vrede heeft gevonden. En net als de rusteloosheid deelt hij nu ook die vrede meteen met iedereen die hij kan bereiken. In Londen waren dat honderd in de hectiek van alledag verdwaalde professionelen die achteraf de mond vol hadden van één zinnetje dat helemaal op het einde van de Q&A kwam: 'Ik hoop dat je naar de bioscoop komt met je meisje en op het einde van de film merkt dat jullie al een hele tijd elkaars hand vasthouden.' Niet alle tussenstukken spelen zich in de woestijn af. Zimny kreeg toegang tot het videoarchief van de familie Springsteen en duikelde onder andere een dertig jaar oude homemovie op, gedraaid tijdens de huwelijksreis van Bruce en Patti. Een andere keer worden we mee de schuur in getrokken. Er staat een toog, waaraan The Boss en zijn vrouw een praatje slaan, er wordt gedanst en gedronken. Het is in scène gezet, maar niet fictief. 'Die bar staat daar echt. We houden er weleens feestjes, er zijn al trouwpartijen geweest. Wat je in de film ziet, maakt deel uit van ons leven op de ranch.' Dat de schuur zich niet in Californië bevindt maar op een boogscheut van Springsteens ouderlijke huis in New Jersey, komt geen enkel moment in je op. Het is een prachtig ding, onbestemd Amerikaans, dat zowel aan de west- als de oostkust had kunnen liggen, boven of onder de Mason-Dixonlijn. Laten we naar binnen gaan. In het begin van de film zegt de oude Springsteen iets over de tegenstelling - de strijd, zo u wilt - tussen individuele vrijheid en de zoektocht naar een gemeenschapsgevoel, die zijn hele oeuvre dooradert en ook in Western Stars zit. Het individualisme van de woestijn verdwijnt zodra je als toeschouwer de schuur betreedt, waar Zimny, als schaduwkopman van The Boss, voor een vlekkeloze concertregistratie zorgt. Terwijl hij aldoor het overzicht over de dertigkoppige band bewaart, ontgaat hem geen detail. Als een cellist op de eerste rij zich na een compliment van Bruce nog fanatieker over zijn instrument heen kromt, heeft Zimny het gezien. Als Patti door haar vent voor een onvoorbereid extra couplet aan de microfoon wordt gevraagd, is hij erbij. Op het einde van het concert zet de band Glen Campbells monsterhit Rhinestone Cowboy uit 1975 in, als monter tegengewicht voor de donkere slotsong van de plaat. Het nummer staat ook op Western Stars: Songs from the Film, een soundtrack die laat horen hoe gemakkelijk Springsteen en zijn gelegenheidsgroep - 'Ik had ze nog nooit gezien, en ik heb ze ook niet meer teruggezien' - die twee avonden een hechte gemeenschap vormden. Fysiek slechts een boogscheut van zijn lastige jeugd in Freehold, New Jersey verwijderd, maar in de geest: lichtjaren.