HET CONCERT: Brian Wilson presents Pet Sounds in het Kursaal, Oostende op 4/7.
...

Sinds Pet Sounds op 16 mei 1966 officieel het licht zag, werd de popmuziek in één klap volwassen. The Beach Boys, tijdens de vroege sixties het voornaamste exponent van de California Sound, hadden op dat moment al een respectabel aantal top-tienhits op hun naam staan. Hun beknopte, maar gestroomlijnde songs steunden op Chuck Berry-gitaren, catchy melodietjes en uitgekiende meerstemmige samenzang en gingen vooral over wat blanke jongeren in en rond L.A. in die dagen bezig hield: surfen, meisjes en glimmende bolides.De druk van het toeren viel spilfiguur Brian Wilson echter zo zwaar dat hij besloot de anderen de hort op te sturen om zich uitsluitend op het schrijven en producen toe te kunnen leggen. Zo kreeg hij tijd om steeds ingewikkelder arrangementen te verzinnen en meer dan ooit te experimenteren met de studio als geluidslaboratorium. Dat Pet Sounds tot een mijlpaal uitgroeide, had niet alleen te maken met de gelaagde, exotische instrumentaties en verbluffende vocale harmonieën, maar ook met het feit dat het zich aandiende als de allereerste concept-lp: alle liedjes waren thematisch verbonden en vertoonden een diepgang die vergelijkbaar was met die van een roman. Het verlies van onschuld, de intensiteit van een nieuwe romance en de teleurstelling nadat de relatie op de klippen is gelopen stonden op Pet Sounds centraal.Niet dat de plaat meteen een commerciële voltreffer werd, want het zou even duren eer de wereld klaar was om de gesofisticeerde, naar Les Baxter en Juan Garçia Esquivel neigende composities van Brian Wilson te omarmen. Maar Paul McCartney was wél meteen onder de indruk van 's mans genie. Pet Sounds was de langspeler die The Beatles ertoe aanvuurde een jaar later met Sgt Pepper's boven zichzelf uit te stijgen.Paradoxaal genoeg luidde die creatieve piek ook Wilsons neergang in. Overmatig gebruik van drugs en alcohol leidden bij de artiest tot een reeks angstaanvallen, depressies en andere geestelijke stoornissen die hem tot de speelbal maakten van een malafide psychiater. 'Paranoia en schizofrenie' luidde de diagnose, die Brian Wilson lange tijd tot een plantaardig bestaan veroordeelde. Zelfs vandaag, op zijn 75ste, hoort de zanger nog altijd stemmen en blijkt hij niet in staat een coherente conversatie te voeren. Ook in Oostende was Wilson slechts een schim van zichzelf: humorloos, zwaarlijvig en slecht te been. Hij leek de hele avond vastgevroren achter zijn piano en zijn stem had helaas haar oorspronkelijke souplesse en toonvastheid verloren.Niettemin werd het een memorabel concert. Waar dat dan aan lag? Ten eerste: aan het materiaal. De twee uur durende set, die uiteenviel in twee delen, deed vaak aan een superieure jukebox denken. Eerst kreeg het publiek een reeks onsterfelijke popklassiekers geserveerd, met onder anderen Little Deuce Coup, het pittige I Get Around, de motorcyle song Little Honda, de geraffineerde ballad In My Room en het al even traag voorbij slenterende Surfer Girl, dat Brian Wilson uit zijn pen liet vloeien toen hij amper negentien was. Vervolgens trakteerde de artiest op een integrale uitvoering van Pet Sounds, wat in de popsector nog steeds gelijk staat aan het ontkurken van een grand cru.Ten tweede: Wilson liet zich assisteren door een ronduit fantastische, elfkoppige band, waarvan de leden van The Wondermints al jaren de kern vormen. Topmuzikanten dus, die erin slaagden ieder detail, iedere nuance uit de liedjes tevoorschijn te toveren en zoveel inlevingsvermogen aan de dag legden dat de subtiliteiten van de originele studio-opnamen niet alleen werden geëvenaard, maar soms zelfs overtroffen. Ook het samenvloeien van de stemmen was van een ongekende schoonheid.Tot slot herkenden we in Brian Wilsons gevolg enkele prima leadzangers, zoals Al Jardine, de inmiddels 74-jarige mede-oprichter en ritmegitarist van The Beach Boys; de Zuid-Afrikaan Blondie Chaplin, die in de loop der jaren met The Rolling Stones en The Band toerde, en, de beste van allemaal, Matthew Jardine (de zoon van Al die, met zijn geweldige falsetstem de magie van vroeger deed herleven in Don't Worry Baby, het van tristesse doordrongen Let Him Run Wild en, na de pauze, Wouldn't It Be Nice. Jardine Sr. zette in vocaal opzicht zijn beste beentje voor tijdens Wake the World, het sprankelende Help Me Rhonda en, even verderop in de set, de traditionele folksong Sloop John B. Chaplin tekende voor de potigste momenten van het concert, omdat hij de door hem gezongen nummers -Feel Glows, Wild Honey en zijn lijflied Sail On, Sailor- telkens van spectaculaire gitaarsolo's voorzag.In het Pet Sounds-gedeelte bewees Brian Wilson andermaal zijn compositorische meesterschap, bijvoorbeeld door de opbouw van You Still Believe In Me, het percussie-achtige orgeltje in I'm Waiting For The Day of de twee instrumentals waarin de sax, de dwarsfluit en de vibrafoon het voortouw namen. Jammer genoeg stond Wilson erop enkele van zijn beste nummers ook zélf uit zijn gehavende strot te persen, waardoor God Only Knows, Here Today, Caroline No en de magistrale symfonie-in-zakformaat Good Vibrations net iets minder hemels klonken dan verhoopt. Het deed een beetje afbreuk aan de perfectie, maar het maakte er ons diepe respect voor de vele verdiensten van de langstlevende van de broers Wilson uiteraard niet minder om.De gulle bisronde was voor de toeschouwers eindelijk het signaal om uit hun pluchen zitjes op te veren, voor het podium samen te troepen en uit volle borst onsterfelijke hits als Barbara Ann, Surfin' USA of het van Bobby Freeman geleende Do You Wanna Dance uit volle borst me te brullen. En zo ontaardde Brian Wilsons passage in Oostende toch nog in een feestje, waarvan de teneur perfect werd samengevat door Fun, Fun, Fun.De artiest wenste iedereen nog Love and Mercy toe, waarna hij moeizaam van het podium strompelde. Tja, onze helden worden oud. Blij dus dat we Wilson toch nog eens in levende lijve hebben kunnen eren. Of we de man hierna ooit nog aan het werk zullen zien? God only knows.