Dat cultuurminister Sven Gatz (Open VLD) de Vlaamse kunstwereld graag ziet ondernemen, is geen geheim. 'Ondernemerschap, aanvullende financieringsvormen en professionalisering in de cultuursector stimuleren' is een van de tien doelstellingen van zijn regeerperiode.
...

Dat cultuurminister Sven Gatz (Open VLD) de Vlaamse kunstwereld graag ziet ondernemen, is geen geheim. 'Ondernemerschap, aanvullende financieringsvormen en professionalisering in de cultuursector stimuleren' is een van de tien doelstellingen van zijn regeerperiode. 'Zonder het zelf te beseffen zijn veel culturele professionals culturele ondernemers pur sang. Ze bewijzen dat ondernemen niet enkel is weggelegd voor grote commerciële ondernemingen, maar ook kan werken op heel kleine schaal, uiteraard met een andere aanpak', zegt Gatz nu in een nieuwe beleidsnota. 'Deze aanpak veronderstelt een performant instrumentarium en voldoende financieringsmogelijkheden op maat van de cultuursector, met ook aandacht voor een flankerend beleid.'Met de beleidsnota, die de Vlaamse regering heeft goedgekeurd, wil Gatz bovenal meer private middelen naar de cultuursector laten stromen. Concreet bevat die vier maatregelen. In de nota benadrukt Gatz dat het geld uit privébronnen de klassieke subsidies blijft aanvullen. Gemeenschapsgeld voor cultuur blijft dus nodig volgens de minister: 'Subsidies blijven de garantie voor innovatie, talentontwikkeling, experiment en participatie', aldus minister Gatz.Waarom die subsidies dan niet genoeg zijn? 'Culturele actoren krijgen moeilijker toegang tot investeringsmiddelen/middelen uit de markt. Het is een risicovolle sector omwille van onzekerheid en de onvoorspelbaarheid van de vraag', zegt woordvoerder Eva Vanhengel. 'Het is niet mogelijk/haalbaar dit marktfalen volledig via subsidies te compenseren.'Concreet heeft Gatz vier grote ideeën. Het eerste is een Cultuurbank, een netwerk van financieringspartners die financiële producten uitwerken op maat van de cultuursector. Individuen zouden zo een microkrediet kunnen krijgen, voor grotere spelers kunnen er meer risicodragende leningen worden verstrekt. Nu vragen klassieke kredietverstrekkers voor zulke leningen waarborgen die veel culturele spelers niet kunnen bieden, oppert Gatz. In de loop van 2018 moet de Cultuurbank operationeel zijn. Het tweede grote punt uit de nota is een fiscaal beleid op maat, een speerpunt van Gatz. Vorig jaar breidde hij bijvoorbeeld de tax shelter voor de film uit naar de podiumkunsten. Nu kijkt hij naar erfenissen. Nu al kunnen erfgenamen de successierechten betalen door kunstwerken te schenken. Binnenkort zal je bij leven al afspraken kunnen maken met de fiscus over kunst die je in betaling wil geven. Daarnaast wil Gatz giften en mecenaat voor de cultuursector aanmoedigen. Opvallend: ook over een tax shelter voor de beeldende kunsten wordt nagedacht.Het Kunstenloket, een adviserend orgaan voor kunstenaars dat al bestaat, wordt omgevormd tot een Cultuurloket, dat vooral aan meer mensen uit de hele cultuursector informatie zal geven. Het zal ook het kunstenaarsstatuut mee opvolgen. Tot slot wil Gatz met zijn nota de samenwerking tussen sectoren aanmoedigen. Het culturele veld moet over het muurtje durven kijken, is de redenering, en ook met partners van buiten de sector kunnen samenwerken. Om partnerschappen aan te moedigen, lanceert Gatz een projectoproep voor innovatieve partnerprojecten, waarbij de niet-culturele partners minstens 25 procent van het bedrag zelf inbrengen, eventueel in de vorm van materiële inbreng of manuren. Dossiers voor een toelage tussen 7.000 en 20.000 euro kunnen ingediend worden tot 30 september 2017. Op 1 december moeten de eerste projecten van start gaan en in 2018 en 2019 wordt de oproep herhaald.