Een nieuwe publicatie van het Amerikaanse State Department die gaat over de buitenlandse politieke betrekkingen met Indonesië, Maleisië en de Filipijnen in de periode 1964-'68 werd zo controversieel bevonden, dat de Amerikaanse autoriteiten de openbaarheid ervan hebben verhinderd. De inhoud van dit do...

Een nieuwe publicatie van het Amerikaanse State Department die gaat over de buitenlandse politieke betrekkingen met Indonesië, Maleisië en de Filipijnen in de periode 1964-'68 werd zo controversieel bevonden, dat de Amerikaanse autoriteiten de openbaarheid ervan hebben verhinderd. De inhoud van dit document kan echter worden geraadpleegd op www.nsarchive.org, een site van een private researchgroep die zich specialiseert in het publiceren van historische documenten en van archiefmateriaal dat recent toegankelijk geworden is in de VS. Nu blijkt dat de Amerikaanse regering in het midden van de jaren '60 een Indonesisch doodseskader met de naam Kap-Gestapu financieel steunde. De Indonesiërs, die jacht maakten op de communisten, gebruikten daarvoor naamlijsten die door de Amerikaanse ambassade in Jakarta waren opgesteld. In een document van de Amerikaanse ambassade van 13 november 1965 staat dat alleen al in Oost- en Centraal Java elke nacht vijftig tot honderd leden van de communistische partij werden gedood. De Amerikaanse diplomaten vermelden dat ze zelf niet goed weten of er nu in totaal 100.000 of een miljoen mensen werden vermoord. Destijds werd het Indonesische bloedbad door patriottische publicaties in de VS beschouwd als een overwinning in de strijd tegen het communisme dat zich vanuit China verspreidde. De rechtvaardiging van de slachtpartij was een zogenaamde dreigende communistische coup, een gerucht dat generaal Soeharto als alibi gebruikte om president Soekarno af te zetten.