1920

De oudste adaptatie is de stille zwart-witprent van A.V. Bramble, acteur en regisseur uit de pioniersjaren van de Britse cinema. De film werd op locatie in West Yorkshire gedraaid, met toenmalig steracteur Milton Rosmer als Heathcliff. Helaas gingen alle kopijen verloren, een lot dat ruim driekwart van de stille films beschoren was.
...

De oudste adaptatie is de stille zwart-witprent van A.V. Bramble, acteur en regisseur uit de pioniersjaren van de Britse cinema. De film werd op locatie in West Yorkshire gedraaid, met toenmalig steracteur Milton Rosmer als Heathcliff. Helaas gingen alle kopijen verloren, een lot dat ruim driekwart van de stille films beschoren was. De bekendste en meest gepolijste verfilming blijft de Hollywoodklassieker uit 1939 geregisseerd door Ben-Hur-menner William Wyler, geschreven door überscenarist Ben Hecht en geproduceerd door MGM-mogol Sam Goldwyn. Wyler focust op de destructieve liefde tussen Sir Laurence Olivier als Heathcliff en Merle Oberon als een sensuele Catherine Earnshaw. De film - die zoals de meeste adaptaties het eerste deel van Brontës boek beschrijft - verzilverde een van zijn zeven Oscarnominaties, was pas een hit bij zijn heruitgave een jaar later en werd in 2007 bijgezet in de National Film Registry. De Spaanse grootmeester Luis Buñuel verruilde Brontës Yorkshire Moors voor de Mexicaanse sierra's in Abismos de Pasion, zijn hitsige transpositie waarin Heathcliff en Catherine plots Alejandro en Catalina heten. Aan Brontës raamverhaal wordt weinig geraakt, al is Alejandro hier een rijkaard die een pact met de duivel heeft gesloten en is de lucht zwanger van (anti)katholieke complexen en freudiaanse driften. Of hoe meestersurrealist Buñuel discreet, maar gedecideerd Brontës universum penetreert.De Britse B-versie uit 1970 van exploitationfilmer Robert Fuest - de eerste in kleur - mag filmisch dan weinig voorstellen, dankzij de jonge Timothy Dalton als Heathcliff en zijn apocriefe lezing blijft de film best interessant. Zo wordt Catherines broer Hindley Earnshaw, een bruut in Brontës boek, aanzienlijk sympathieker voorgesteld, ook al is hij het die Heathcliff hier op het einde neerknalt. Verder wordt ook het feit dat Heathcliff in feite Catherines adoptiebroer is, stevig aangedikt, wat de gotische huiver met een snuifje incest injecteert. De woeste hoogtes volgens de kinky jaren zeventig.De enige integrale versie - inclusief het tweede deel dat als Heathcliffs wraak kan worden omschreven - is dit verder weinig memorabele fictiedebuut van documentairemaker Peter Kosminsky. Tussen de Yorkshire Moors zie je Ralph Fiennes en Juliette Binoche ten prooi vallen aan verwoestende, maar tam gefilmde passie, terwijl Sinead O'Connor in een cameo als Emily Brontë opduikt.