Komt het Limburgse, inmiddels in Brussel neergestreken Whispering Sons te laat voor de vorige postpunkrevival, of te vroeg voor de volgende? U probeert best wat te lachen tussen ...

Komt het Limburgse, inmiddels in Brussel neergestreken Whispering Sons te laat voor de vorige postpunkrevival, of te vroeg voor de volgende? U probeert best wat te lachen tussen de innames van deze debuutelpee in, want de songs zelf bieden daar geen gelegenheid toe. Ongetwijfeld had het kwintet dat ook niet bedoeld, want dit is postrock en new wave uit het boekje: de galm en gezelligheid van een vervallen abbatoir; drums, gitaren, synths en zang knielend voor de monochromie; songs die in dodelijke ernst alleen door tikkende tijdbommen worden uitgedaagd. In voormalige mijnstreken infiltreert dit versmachtende gevoel van existentiële vervreemding nog steeds in het grondwater, elders gewaagt men - bij gebrek aan een verse invalshoek - van nichemuziek. Maar op dát terrein staat best een gretige, hechte, dynamische groep.