Vrijdag 18/1, 20.35 - 2BE. Oliver Stone, VS 2010
...

Vrijdag 18/1, 20.35 - 2BE. Oliver Stone, VS 2010 Het meest memorabele - fictieve - personage dat Oliver Stone tot nog toe gecreëerd heeft, is de megalomane beurshaai Gordon Gekko, in Wall Street (1987). Met die satire over hebzucht draaide Stone, zelf de zoon van een effectenmakelaar, een van de sleutelfilms van de jaren tachtig. En o, ironie, de corrupte Gekko (een rol waarvoor Michael Douglas een Oscar kreeg) werd een icoon en een rolmodel voor bankiers en aspirant-beurshandelaars. In Wall Street: Money Never Sleeps, meer een epiloog dan een sequel, is Douglas opnieuw te zien als de gladde Gekko. Zijn mobiele telefoon, die hij in het begin van de film terugkrijgt wanneer hij na een gevangenisstraf voor handel met voorkennis vrijkomt, is ondertussen een anachronisme. Dat er verder niet veel veranderd is, weten we allemaal sinds de recente crash van de financiële markten. Net de bankencrisis en het morele failliet van beursmakelaars waren voor Stone de aanzet om opnieuw een verhaal te vertellen over de gevaren van het ongebreidelde Amerikaanse kapitalisme. Al galmt dit soms sluwe en onderhoudende vervolg minder sterk na dan het origineel, ondanks die verwijzingen naar de actualiteit. Opnieuw is het vertrekpunt de relatie van Gekko en een protegé, in dit geval Jake Moore, een ambitieuze trader die volop in groene energie gelooft. Die jonge idealist wordt met jongensachtige flair door Shia LaBeouf gespeeld. Moore ziet in de gelouterde Gekko - hij heeft pas een bestseller uit waarin hij uithaalt naar het roekeloze speculeren - een nieuwe mentor. Hij wil van Gekko ook technieken leren om in het geheim wraak te nemen op de meedogenloze corporate raider (viriele macho Josh Brolin) die de investeringsbank waarvoor hij werkte buitenspel gezet heeft. Echt revelerende dingen over de huidige cultuur in het financiële mekka heeft Stone niet te vertellen, laat staan dat hij hard bijt of Wall Street grijnzend een spiegel voorhoudt. Dat komt omdat een groot deel van het - te bruusk pirouetten makende - script zich focust op Moores relatie met Winnie (een emotioneel sterke Carey Mulligan), Gekko's van hem vervreemde dochter. De ontmoetingen tussen vader en dochter duwen de film meer dan eens in de richting van sentimenteel melodrama. Dat is voor Stone dan wel een manier om te spelen met het imago van Gekko - is hij een wolf in schapenvacht of heeft hij echt het boetekleed aangetrokken? - maar het personage mist de gemene fun en de donkere intensiteit van de klassieker uit 1987. Daartegenover staat dat je bij een Stonefilm geen liters koffie nodig hebt om alert te blijven. Zeker in het eerste deel is de visuele rush waarmee hij naar de glinsterende hoogbouw van New York kijkt en naar de werkvloer met zijn supersnelle computers heel dynamisch. LUC JORIS