Het is een van mijn favoriete programma's: Antiques Roadshow, dat je meestal ergens in de namiddag op de BBC kunt bekijken. Het concept is simpel: mensen mogen hun rommel van op zolder laten taxeren door kunstkenners en veilingmeesters. De meest bizarre objecten worden afgestoft en aangeboden - het is op zich een geschiedenisles - en telkens zie je die hoop oplaaien in de begerige pupillen. Stel dat oma's pastorale schilderijtje een echte William Turner blijkt te zijn? Hoe groot mag ik dan gaan wonen?
...

Het is een van mijn favoriete programma's: Antiques Roadshow, dat je meestal ergens in de namiddag op de BBC kunt bekijken. Het concept is simpel: mensen mogen hun rommel van op zolder laten taxeren door kunstkenners en veilingmeesters. De meest bizarre objecten worden afgestoft en aangeboden - het is op zich een geschiedenisles - en telkens zie je die hoop oplaaien in de begerige pupillen. Stel dat oma's pastorale schilderijtje een echte William Turner blijkt te zijn? Hoe groot mag ik dan gaan wonen? Het is diezelfde hoop die John Snare voelt wanneer hij in 1845 tijdens een veiling hoog aan de wanden een Velázquez meent te ontwaren: het verloren gewaande portret van de tragische prins Charles I. Handenwringend doet hij een bod en voor de luttele som van 8 pond mag hij het mee naar huis nemen. Daar bevochtigt hij het grauwe doek met natte mousseline en een schitterend portret komt tevoorschijn. Zou het kunnen? Een echt werk van Velázquez, de Spaanse meester en hofschilder van Filips IV? Snare begint voorzichtig aan zijn ontdekkingstocht: hij moet de oorsprong kunnen bewijzen voor hij zijn ontdekking wereldkundig maakt. Een helse klus in tijden zonder internet en fotografie, laat staan dat er röntgenonderzoek kan worden uitgevoerd. Snare gaat omzichtig te werk - de kans is groot dat het om een Van Dyck gaat, wat ook nog spectaculair zou zijn - maar durft het uiteindelijk toch aan om het werk op Old Bond Street tentoon te stellen. Het wordt een groot succes. Het publiek stroomt toe, de pers is laaiend enthousiast en kenners zijn het eens met Snare: dit is de verloren gewaande Velázquez! Prompt bieden gegadigden tot 3000 pond, een fortuin in die dagen, maar Snare wil niet van het portret scheiden. Het is zijn vondst, en hij is dolverliefd op het werk. Verblind door de schoonheid ervan merkt hij niet hoe zijn liefde uitgroeit tot een obsessie. Hij verwaarloost zijn gezin en zijn boekenwinkel en natuurlijk zijn er kapers op de kust: erfgenamen beweren dat het doek gestolen is en eisen het terug, wat tot een roemruchte rechtszaak leidt. Wat ooit een briljante ontdekking was, dreigt zo een vloek te worden die Snare ten gronde zal richten. En is het wel een echte Velázquez? Kunsthistorica Laura Cumming treedt in haar tweede boek in de voetsporen van John Snare, een reis die haar over Schotland naar New York zal leiden. Als een gehaaide detective spit ze talloze bibliotheken en archieven uit. Tussendoor vertelt ze enthousiasmerend over Diego Velázquez, die iedereen aan het Spaanse hof verblufte met zijn virtuoze werken. 'Cumming schrijft zo goed over kunst dat de afbeeldingen bijna een onderbreking zijn', zo laat Julian Barnes zich vol bewondering ontvallen. Barnes heeft gelijk. Cummings weet geniale beelden perfect te verwoorden, op het ontroerende af. Misschien raakt u nooit in het Prado in Madrid. Dan is dit boek een mooie troost. En daarna beklimt u gegarandeerd de zoldertrap. Je weet immers nooit. ACHTER HET VERDWIJNPUNT **** Laura Cumming, Atlas Contact (originele titel: The Vanishing Man), 318 blz., ? 27,99. RODERIK SIXCENTRALE ZIN Het begon allemaal in oktober 1845 met vijf centimeter dicht bedrukte tekst in de lange kolommen van de Reading Mercury.