Liefde is: samen bergen verzetten. Nee, wacht: bergen bóúwen, samengesteld uit graniet, aan spaanders geklopt door woeste drumsalvo's, uit beton gebarsten, met fuzz begroeide...

Liefde is: samen bergen verzetten. Nee, wacht: bergen bóúwen, samengesteld uit graniet, aan spaanders geklopt door woeste drumsalvo's, uit beton gebarsten, met fuzz begroeide baspartijen en afgetopt met vlijmscherpe, grillige riffs. Althans, dat is de definitie die Dan Friel, veteraan van de lawaai-industrie in Brooklyn, hanteert. Alle tracks op dit derde album met powertrio Upper Wilds heten Love Song, genummerd van een tot tien, te klasseren onder 'monumentale punk'. Een halfuur lang scheurt het drietal met een rotvaart door de brede bocht die georganiseerde kakofonie verbindt met gespierde gitaarheroïek, terwijl Friel de liefde in al haar facetten bezingt: die tussen vader en zoon, die tussen twee gedoemde sekteleden, de zelfliefde, en die voor de kosmos of het leven zelf. Hoogdravend maar fun.