Eerste zin I like to joke that I was born under a bright star, but no one was sure what star it was.
...

Eerste zin I like to joke that I was born under a bright star, but no one was sure what star it was. Is dit het zoveelste boek waarin een popmanager uitweidt over al zijn knalideeën, en hoe hij feilloos kan voorvoelen wat een hit zal worden? Helemaal. Maar als dat heerschap The Police (en later ook Sting), The Bangles, The Go-Go's en The Cramps onder zijn hoede heeft gehad, ligt amusement voor het oprapen. Miles Copeland III dankt zijn bijnaam, de 'new wave Svengali', ook aan het feit dat hij het label IRS (met daarop R.E.M., die hij overigens maar saai vond) stichtte. Zijn ongewone jeugd - vader hielp mee de CIA op te richten - garandeert een ongewone insteek, en ook aan sappige anekdotes over pakweg Zucchero of Steven Seagal ontbreekt het niet. Die over Hasil Adkins is om je te bescheuren: een obscure rockabillyartiest op wie Copeland met een zak vol geld en een nog vettere publishingdeal af rijdt. Ook een zekere 'Jan Layers' (sic) krijgt een vermelding in een hoofdstuk over Copelands songschrijfseminaries in een middeleeuws kasteel in de Dordogne. Copeland schrijft rechtuit, zowel over zijn fiasco's als successen. Een bron van verheldering voor muziekfans én marketingadepten.