WAT?

Little Earthquakes (1992), het eerste wapenfeit van Tori Amos als soloartieste, was meteen een doorslaand succes. Dat komt voor. Alleen neemt de vanzelfsprekendheid van zo'n verschijnsel af wanneer de zangeres in kwestie de luisteraar op dat debuut terugvoert naar de avond waarop ze werd verkracht. Of wanneer ze haar religieuze onderdrukking in rauwe reepjes op je bord drapeert. Maar zo mogelijk nog minder evident was wel dat deze dochter van een methodistenpredikant en een moeder met Cherokeebloed daarna ook nog Under the ...

Little Earthquakes (1992), het eerste wapenfeit van Tori Amos als soloartieste, was meteen een doorslaand succes. Dat komt voor. Alleen neemt de vanzelfsprekendheid van zo'n verschijnsel af wanneer de zangeres in kwestie de luisteraar op dat debuut terugvoert naar de avond waarop ze werd verkracht. Of wanneer ze haar religieuze onderdrukking in rauwe reepjes op je bord drapeert. Maar zo mogelijk nog minder evident was wel dat deze dochter van een methodistenpredikant en een moeder met Cherokeebloed daarna ook nog Under the Pink (1994) afleverde, een even indringende plaat, eveneens hoog over conventionele songstructuren heen fladderend, waarmee Tori Amos bewees dat ze het niet van het schokeffect alleen moest hebben. Intimiteit, intimidatie: alleen al door haar benen te spreiden terwijl ze piano speelde, reduceerde deze roodharige furie alle Suzanne Vega's, Tracy Chapmans en Tanita Tikarams een tijdlang tot brave, conformistische liedjesschrijfsters. Net omdat Tori Amos popmuziek van alle vrijblijvendheid ontdeed, waren haar intense songs aanvankelijk moeilijk te verteren. Platenfirma Atlantic probeerde Amos' debuut eerst in Europa uit, een berekende zet die onder het journaille terechte argwaan wekte. Zeker omdat Tori Amos een aangebrand verleden bleek te hebben in Y Kant Tori Read, een afgrijselijke popmetalband die god weet welk punt meende te kunnen maken door zich in nepslangenleer te hullen. Maar al snel beslechtte Tori Amos' onmiskenbare girl power het pleit in haar voordeel. Gekwetste meisjes aller landen grepen naar Little Earthquakes en Under the Pink als therapie, lieten volop Tori-tatoeages zetten en wierpen zich als fetisjisten op alles wat hun idool zou hebben bevingerd. De zeurpieten die commentaar als 'overspannen clit-pop' mompelden, konden op hun hoofd gaan staan. Op deze eerste twee platen bereikte Tori Amos meteen haar hoogste, zuiverste en meest consistente niveau. Bovendien bieden sommige bonustracks (vooral b-kantjes en concertopnames) een mooie toegevoegde waarde - de breekbare, naakte versie van Nirvana's Smells Like Teen Spirit op kop. Wel jammer dat de hele Crucify-ep niet is vertegenwoordigd, anders had u er nog covers van Led Zeppelin en de Stones bij gekregen. In haar kielzog zag Tori Amos in de jaren negentig een hele generatie aan vrouwelijke singer-songwriters opstaan die publiekelijk hun diepste angsten, twijfels of trauma's te lijf gingen (Alanis Morissette, Fiona Apple, Tracy Bonham) of simpelweg, eenzaam achter de piano, hun mannetje stonden (An Pierlé). Dat waren nog eens tijden. TORI AMOS **** Little EarthquakesUnder the Pink ****pianopop Rhino KURT BLONDEEL