Béla Tarr
...

Béla TarrHon, 2011 Artificial Eye (Britse import) Film: **** Extra's: * 'Ik heb niets meer te vertellen. Ik hou ermee op', zo verraste Béla Tarr (56) begin vorig jaar nadat The Turin Horse in première was gegaan op de Berlinale en daar de Grote Prijs van de Jury had weggekaapt. Zijn tiende langspeelfilm - een bezwerend boerendrama dat uit hooguit dertig shots bestaat - is dan ook zijn laatste, het kroonjuweel op een volkomen uniek oeuvre. Hoewel Tarrs films nooit de Belgische bioscoop hebben gehaald - te traag en te eigenzinnig - is zijn invloed op de arthousecinema nauwelijks te overschatten. In zijn slipstream nestelden zich de voorbije decennia verschillende cineasten die de tijd nemen om hun composities op de kijker te laten inwerken, met single shots die desnoods minutenlang duren. Gus Van Sant, Kelly Reichardt, Tsai Ming-liang, Lisandro Alonso, Joe Weerasethakul: allemaal noemden ze Tarr een referentiepunt en dat is ook aan hun geduldig geconstrueerde, intens filmische werk te merken. Die specifieke filmesthetiek leverde alvast het containerbegrip slow cinema op, waarin gemakshalve alle 'trage' en 'spaarzame' auteursfilms worden gedumpt. The Turin Horse - uit op import-dvd bij het Britse Artificial Eye - vormt daarop geen uitzondering, ook al is de film veel gelaagder en complexer dan dat. Niet alleen is het een hyperintense, in majestueuze zwart-witbeelden gegoten kroniek over een zwijgzame boer, zijn dochter en zijn paard, die velden beploegen, stormen doorstaan en aardappelen vreten met blote handen; op metaforisch niveau is het tegelijk een apocalyptische ballade voor het oude, Europese continent met zijn langzaam beklemmende ondergangsgevoel dat in elk van de dertig shots door de grofkorrelige pellicule heen sijpelt. Daarvoor baseerde Tarr - wiens Sátántangó (1994) en Werckmeister harmóniák (2000) minstens even indrukwekkend zijn - zich op een beroemde anekdote over de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche. Die was er in 1889 in Turijn getuige van hoe een paard door een voerman brutaal werd afgerost, een voorval waar Nietzsche een zenuwinzinking aan overhield. Alleen, zo vroeg Tarr zich kennelijk af, hoe eindigde het met dat paard en zijn berijders? Met als resultaat deze (on)aardse parabel die als een prachtig gechoreografeerde bad trip aan de kijker voorbijtrekt. De beste, onuitgegeven film van 2011 en een meesterlijk adieu van een filmmaker die danig zal worden gemist. DAVE MESTDACH