PUNK
...

PUNK PHILIPS 1978 'Ik schrik van mijn piepstemmetje als ik ons debuutalbum nu terughoor', lacht Ludo Mariman, opperhoofd van The Kids. 'Ik zong toen echt op het topje van mijn beperkte kunnen. Ik heb intussen beter leren zingen, maar de charme en energie die van The Kids uitgaat, is onaangetast gebleven.' De groep had in 1978 welgeteld één dag om zijn pretentieloze songs op tape te smijten. 'Het was best spannend voor groentjes als ons. Toen we de studio binnenkwamen, vroegen we ons af: "mogen we hier bewegen?". We stonden in een kringetje opgesteld en ramden het ene na het andere nummer erdoor. De technicus, Leo Caerts, moet gezweet hebben.' The Kids hadden er geen benul van wie de man achter de knoppen was. Caerts was de ex-bandleider van Will Tura. De Antwerpenaars waren onwetende snotneuzen. 'Toch heeft Caerts zijn job goed gedaan, anders was de plaat niet zo'n succes geworden.' Mariman was met zijn 23 de oudste, bassist Danny De Haes als prille tiener de absolute benjamin. De frontman herinnert zich nog goed hoe hij De Haes had gerekruteerd. 'Ik had mensen horen vertellen over een waanzinnig goeie bassist van 12. Toen ik een briefje zag met de boodschap "12-jarige bassist zoekt groep", wist ik meteen: dit is 'm!' Met Danny's broer Eddy De Haes op drums vormden ze een trio. Mariman ging geregeld op platenjacht in Londen. Daar kwam de punk toen net op. Na een concert van Eddie and the Hot Rods in The Marquee had de sinjoor het licht gezien. 'Ik dacht: zo'n muziek kunnen we met ons drietjes makkelijk spelen. En we waren vertrokken, in sneltreinvaart.' Een tijdlang woedde de felle discussie over wie nu de eerste echte Belgische punkgroep was: The Kids of Chainsaw, dat er prat op ging eind '76 al opgericht te zijn. Mariman schreef boze lezersbrieven naar al wie zijn concurrent als pionier aanduidde. 'Dat maakte deel uit van mijn strategie: als je veel lawaai maakt, zullen ze je wel horen.' The Kids vervulden hoe dan ook een voorbeeldfunctie voor bands als De Brassers. De punk bracht leven in de brouwerij in het provincialistische Vlaanderen en zwengelde de doe-het-zelf bedrijvigheid aan. Vrije radio's en fanzines schoten als paddestoelen uit de grond. 'De echte punk stierf een snelle dood toen de platenindustrie met klonen afkwam', oordeelt Mariman. 'Maar als gevolg van de enorme golf van creativiteit kwam de Belpop begin jaren '80 in bloei te staan, met groepen als De Kreuners, Jo Lemaire, The Machines en ga zo maar door.' De enige punkklassieker van ons land: die eer kreeg The Kids toebedeeld. Songs als Do You Love The Nazi's, Bloody Belgium en Fascist Cops blijken onsterfelijk. In de underground ontwikkelde het album zich tot een wereldwijd collector's item. 'Een achttal jaar geleden kreeg ik plots bezoek van enkele Fransen', vertelt de Antwerpse brulboei. 'Tot mijn grote verbazing wilden ze mij interviewen. Bleek er een punkcircuit te bestaan, tot in de VS en Japan toe, dat een ongelooflijke interesse had in The Kids. We zijn van de weeromstuit weer veel gaan spelen, zonder hulp van de media. Ik voel me nu een soort conservator van mijn eigen nummers. Het is mooi om te zien hoe The Kids generaties overstijgen. Op optredens zie ik tegenwoordig 16-jarigen teksten meezingen die gepend zijn lang voor ze geboren werden: ik sta daar echt van te kijken.' Het verheugt Mariman dat steeds meer artiesten in eigen beheer platen uitbrengen. 'Wij hebben immers bewezen dat een goeie plaat niet duur hoeft te zijn. Het is een goeie zaak dat muzikanten onafhankelijker worden van Clear Channel en consorten, want de muziekindustrie zit vol klootzakken en lafaards.' Een behoorlijk opwindend, puntig en vinnig sociaal manifest.(P.V.D.)'Ik heb intussen beter leren zingen, maar de charme en energie die van The Kids uitgaat, is onaangetast gebleven.' Ludo Mariman