Het jaar 1959 ziet er voor Buddy Holly veelbelovend uit. Samen met zijn kersverse bruid verwacht hij zijn eerstgeborene en ook professioneel gaat het hem bijzonder voor de wind. In amper drie jaar tijd heeft hij zich van anonieme sessiemuzikant tot wereldberoemd rock-'n-rollicoon opgewerkt. Tot dan mocht hij als muzikale huurling hoogstens een paar minuten verloren zendtijd op het regionale radiostation vullen, nu zijn er deejays die zijn singles van pure tevredenheid wel driehonderd keer na elkaar spelen. Letterlijk ! Guy King, presentator bij de New Yorkse zender WWOL, is zó gek van That'll Be The Day dat hij de song dagenlang op endless repeat zet, prompt de ingang van zijn uitzendhok barricadeert als de directie probeert in te grijpen en uiteindelijk manu militari door de brandweer uit de studio moet worden ontzet. Het levert hem een vermelding in het Guiness Book of Records op.

In Engeland zijn ze zo mogelijk nóg wilder van Buddy Holly. Na zijn doortocht in 1958 imiteert al wie een gitaar kan vasthouden zijn ritmische rockabillystijl en karakteristieke hiccup. Onder hen drie Liverpoolse tieners - John, Paul en George - die tijdens hun allereerste studio-opname That'll Be The Day coveren. In de States heeft Buddy Holly intussen een dikke hit te pakken met Peggy Sue - dat aanvankelijk Cindy Lou heette, naar zijn favoriete nichtje - en de concertaanbiedingen stromen binnen. Waarom niet eens een grote tournee door de Amerikaanse Midwest ondernemen? En waarom geen bevriende muzikanten uitnodigen om er een heuse rock & roll road show van te maken? Zo gezegd, zo gedaan: in januari 1959 trekt Buddy Holly de hort op voor niet minder dan 24 optredens in het gezelschap van Ritchie Valens, J.P. Richardson en Dion & The Belmonts.

WINTERTENEN

Wie dat mogen wezen? Ritchie Valens, Richard Valenzuela, is een chicano die met zijn versie van La Bamba zowat in z'n eentje de TexMex heeft uitgevonden. J.P. 'Jape' Richardson, een gevierde radiodeejay, heeft zich onder het pseudoniem The Big Bopper tot allround variétéfiguur omgeturnd. En Dion & The Belmonts zijn een niet onverdienstelijke R&B-band.

Het tempo van de tournee ligt hoog en de afstanden tussen de haltes zijn haast onoverbrugbaar groot. Bovendien is het putje winter en heeft de verwarming in de tourbus het na amper drie dagen al begeven. Tijdens een busrit tussen twee venues raken de voeten van drummer Carl Bunch zo zwaar onderkoeld dat hij ijlings naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis wordt afgevoerd en Holly en Valens hem een paar concerten lang beurtelings moeten vervangen. Buddy Holly is het beu. Na een optreden in de Surf Ballroom in Clear Lake, Iowa - pas op het laatste nippertje aan het tourschema toegevoegd - laat hij een vliegtuigje charteren om de verplaatsing naar het volgende optreden toch een béétje menselijk te houden. De ogen achter zijn intussen wereldberoemde brilmontuur kijken dof en zijn kleren zijn vuil. Door per lijnvlucht naar Minnesota door te steken, hoopt Holly de nodige slaap in te halen en genoeg tijd over te houden om een wasje te draaien.

Maar dat privilege is niet voor de hele crew weggelegd. De plaatsen in het vliegtuigje zijn beperkt: drie zitjes, that's it, en goedkoop zijn ze niet. Dion weigert er 36 dollar voor neer te tellen. 'Met dat bedrag betaal ik een maand huur.' Ritchie Valens, die nog nooit gevlogen heeft, daagt gitarist Tommy Allsup uit om strootjes te trekken. De 17-jarige Valens trekt aan het langste eind. En bassist Waylon Jennings staat zijn plaats grootmoedig af aan The Big Bopper, die een griepje onder de leden heeft. Zo komt het dat op 2 februari 1959 rond middernacht achtereenvolgens Buddy Holly, Ritchie Valens en The Big Bopper aan boord van een Beechcraft Bonanza stappen, het toestel dat hen naar Fargo, North Dakota zal brengen. Bij Holly kan er nog een laatste plaagstootje aan het adres van Waylon Jennings af. 'I hope your ol' buss freezes up', roept hij naar de onbaatzuchtige achterblijver. Jennings riposteert al even flegmatiek: 'And I hope your ol' plane crashes.'

Van die woorden zou hij tot op zijn laatste dag spijt hebben.

270 KM/U

Het is hondenweer. De temperatuur ligt ver beneden het vriespunt, er staat een gure wind en volgens het weer-bulletin zit er een sneeuwstorm aan te komen. Maar piloot Roger Peterson acht de weersomstandigheden veilig genoeg om op te stijgen. Omstreeks één uur 's nachts zet hij koers richting Hector Airport.

Drie uur later slaat het luchthavenpersoneel in Fargo alarm: de Beechcraft is nog steeds niet aangekomen en op de radar is er van het vliegtuig geen spoor meer. Nog eens vijf uur later besluiten de collega's van Roger Peterson om een verkenningsvlucht te ondernemen. Ze hoeven niet ver te vliegen: nauwelijks acht kilometer buiten Clear Lake zien ze in een maïsveld een aan stukken gereten Beechcraft Bonanza liggen, met daarrond de verhakkelde lichamen van Buddy Holly, Ritchie Valens en The Big Bopper.

Nog in de buurt van het wrak wordt een pistool aangetroffen - het wapen van de altijd en overal op alles voorziene Holly. Maar het onderzoek naar de oorzaak van de crash sluit een gewelddadig scenario uit. De waarheid is, zoals steeds, prozaïscher. De Beechcraft Bonanza kwam in een sneeuwstorm terecht, zijn vleugels waren niet bestand tegen ijsvorming en zijn jonge, onervaren piloot - niet eens in het bezit van een brevet om 's nachts te vliegen - bleek niet opgewassen tegen zoveel rampspoed. Nauwelijks opgestegen boorde het vliegtuig zich met een rotvaart van 270 kilometer per uur in de grond. De piloot en het muzikantentrio maakten geen schijn van een kans.

Ondanks wereldwijde verontwaardiging gaat de Winter Dance Party Tour voort, met naast Dion & The Belmonts rising stars Bobby Vee en Jimmy Clanton op de affiche. Maar de wereld is in rouw. Holly's zwangere vrouw Maria Elena nog het meest: kort na het vliegtuigongeluk krijgt de Puerto Ricaanse een miskraam.

AMERICAN PIE

De dag van Buddy Holly's onfortuinlijke crash staat al snel bekend als ' the day the music died', maar daar is ene Norman Petty niet van overtuigd. De producer en zelfverklaarde 'ontdekker' van Buddy Holly, die zich eerder al onrechtmatig een credit voor That'll Be The Day toe-eigende, houdt het lijk van zijn poulain nog jaren op kamertemperatuur. Na de toepasselijk getitelde Paul Anka-cover It Doesn't Matter Anymore volgen ettelijke singles die Holly's populariteit en zelfs zijn productiviteit alleen maar doen toenemen. Tot diep in de jaren 60 poetst Petty allerlei onafgewerkte opnames en ruwe demo's op met strijkers en psychedelische arrangementen, naargelang van le goût du jour - een postume behandeling waaraan veertig jaar later ook Jeff Buckley en Kurt Cobain ten prooi zouden vallen. Dat de bebrilde rock-'n-rollpionier ondanks de schaamteloze lijkenpikkerij van Norman Petty nog steeds tot de verbeelding spreekt, bewijzen de vele songs die aan hem zijn opgedragen. Eddie Cochran herdenkt zijn tragische dood in Three Stars, Weezer scoort een hit met Buddy Holly, The Smithereens schrijven met Maria Elena een ode aan Holly's weduwe en in American Pie haalt Don McLean herinneringen op aan de koude winterochtend waarop het nieuws van Holly's dood hem als een natte dweil in het gezicht sloeg.

' February made me shiver

with every paper I'd deliver

Bad news on the door step

I couldn't take one more step

I can't remember if I cried

when I read about his widowed bride

But something touched me deep inside

the day the music died. '

BELGIAN ROOTS NIGHT:A TRIBUTE TO BUDDY HOLLY

21/2 Minnemeers, Gent

Buddy Holly: The Making of an American Legend

Tot 26/4, Proud Gallery, Londen

Info: proud.co.uk

Door Vincent Byloo