Als ik het eind van deze vermaledijde winter haal, dan zal dat in niet geringe mate te danken zijn aan de blote kuiten van Gène Bervoets. Prachtexemplaren zijn het, dat zal geen enkele kenner (m/v) tegenspreken: viriel gespierd zonder vulgair te zijn, met een onmiskenbare, maar discrete soupçon van beharing. Smaken verschillen, maar met van die overwoekerde saterpoten moeten ze bij mij niet aankomen. Ik ga er geen doekjes om winden: 't mag buiten nog zo somber en grauw zijn, als Gène in korte broek de merengue danst of op een Zuid-Frans pleintje met Marcel Pagnol-achtige zwier pétanque speelt, dan zomert het in Huize Asselbergs. En dan heb ik het nog niet over zijn glimlach gehad. Voorwaar, als Gène zijn hagelwit gebit blootgrijnst, dan spat het joie de vivre van het...

Als ik het eind van deze vermaledijde winter haal, dan zal dat in niet geringe mate te danken zijn aan de blote kuiten van Gène Bervoets. Prachtexemplaren zijn het, dat zal geen enkele kenner (m/v) tegenspreken: viriel gespierd zonder vulgair te zijn, met een onmiskenbare, maar discrete soupçon van beharing. Smaken verschillen, maar met van die overwoekerde saterpoten moeten ze bij mij niet aankomen. Ik ga er geen doekjes om winden: 't mag buiten nog zo somber en grauw zijn, als Gène in korte broek de merengue danst of op een Zuid-Frans pleintje met Marcel Pagnol-achtige zwier pétanque speelt, dan zomert het in Huize Asselbergs. En dan heb ik het nog niet over zijn glimlach gehad. Voorwaar, als Gène zijn hagelwit gebit blootgrijnst, dan spat het joie de vivre van het scherm en stijgt de temperatuur in mijn salon spontaan met een graad of vijf. Het zal dus niemand verwonderen dat ik op kerstdag de video geprogrammeerd had, want Gentse waterzooi savoureer ik het liefst en tête à tête. En daar zat ik dan op woensdagavond, genoeglijk opgekruld onder mijn donsdeken, terwijl Géne uit een toestel van Finnair stapte en een joviaal en seizoensgebonden 'hohoho' liet weergalmen, wat aan zijn medepassagiers een bezorgde blik ontlokte. Intussen was het mij allang duidelijk dat ik niet aan mijn trekken zou komen. Niks blote kuiten, deze keer, want Gène zat in Lapland. 'Het woongebied van de Lappen', zoals hij er ernstig aan toevoegde, want zelfs een spontane genieter als ik heeft recht op enige duiding. In Lapland woont het soort Finnen waar de Grote Kornul hierboven niet al te lang aan geboetseerd heeft. Van die bonkige lui die hun vis niet gewoon bij de visboer, maar uit een gat in het ijs betrekken en die dan zelf roken op een plank met spijkers. 'Verse zalm, hohoho', wreef Gène zich telegeniek in de wanten. Wonderbaarlijk in hoeveel talen en met hoeveel verschillende intonaties hij 'Mmmm... lekker' kan uitbrengen; die gast z'n roots liggen niet voor niets in het wereldtoneel. Zingen kan hij ook, zelfs in een open slee en bij temperaturen diep onder het vriespunt. In zijn enthousiasme zorgde hij zelfs voor zijn eigen backing vocals: 'Jingle bells, tsjingelingeling...' Een robuuste bakkersvrouw demonstreerde vervolgens hoe ze roggebrood maakte, met een gat erin omdat het volgens de traditie aan een stok werd afgekoeld. 'Haha', fronste Gène geboeid, alsof ze hem net het mysterie van de zwarte gaten in het heelal had uitgelegd. Maar haar echte specialiteit bleek peperkoek te zijn. ' Peperkoeken huizeke', zo klonk het opgetogen uit de mond van de culinaire globetrotter die verrukking tot een audiovisuele kunstvorm verheven heeft. En toen nog een keer of zes: ' Peperkoeken huizeke' en een keer of tien ' piparkakkutalo', wat krék hetzelfde is, maar in het Fins. Waarna de bakkerin ook nog eens ' peperkoeken huizeke' moest zeggen en er langdurig en hartelijk gelachen werd. In elke Vlaming schuilt nu eenmaal een nonkel pater. Maar kijk, daar zat Gène al in de sauna. Met een handdoek om, helaas, maar het was nu eenmaal een christelijke feestdag. Wat Gène er niet van weerhield om 'Meer, meer!' te smeken toen zijn buurman hem met berkentwijgen begon af te rossen. Aha, zo eentje is het dus! Even later zag je hem in zijn blote reet door de sneeuw rennen. Maar laat het nu in Finland al stikdonker zijn om twee uur 's middags. Wat meteen verklaart waarom het jachtseizoen er zo kort is. 'In de zomer jagen, vissen en vrijen we', legde weer een andere struise Fin uit, 'en in de winter jagen en vissen we minder.' Waarna iedereen hard en lang moest lachen en ' hölkyn kölkyn' brulde, wat 'proost' betekent. Of 'laat dat rendier met rust', weet ik veel. Want intussen was de échte Kerstman opgedaagd, die diep onder zijn weelderige gelaatsbegroeiing ook almaar 'hohoho' deed, waarna Gène zuchtte dat hij nog nooit zo heerlijk kerstfeest beleefd had. 'Welke vis ving Gène in Lapland?', luidde de kijkersvraag aan het eind van het programma: a) zalm; b) inktvis; c) tonijn. Ik ben niet zeker, maar ik zou zeggen: a) zalm. Mag ik nu met Gène voor een week naar een chalet in de Haute-Savoie? De berkentwijgen liggen al klaar.