Het was te lang geleden. Waarom stellen we de dingen waarvan we opknappen uit, vraagt de man zich af terwijl hij de spinnenwebben van zijn kajak blaast. Waarom wachten we ermee tot het echt te laat is? Raar genoeg past de urne met as perfect in de plastic drinkbekerhouder, alsof die enkel daarvoor gemaakt is, en met stevige slagen peddelt de man het water op. In het waterdichte vak zitten vislijnen, aan de koelkast heeft hij een berichtje voor zijn vrouw achtergelaten: 'Maak een slaatje. X.'
...

Het was te lang geleden. Waarom stellen we de dingen waarvan we opknappen uit, vraagt de man zich af terwijl hij de spinnenwebben van zijn kajak blaast. Waarom wachten we ermee tot het echt te laat is? Raar genoeg past de urne met as perfect in de plastic drinkbekerhouder, alsof die enkel daarvoor gemaakt is, en met stevige slagen peddelt de man het water op. In het waterdichte vak zitten vislijnen, aan de koelkast heeft hij een berichtje voor zijn vrouw achtergelaten: 'Maak een slaatje. X.' Dan is er licht, een hel licht dat door hem heen siddert en zijn geest leegbrandt. Wanneer hij wakker wordt, dobbert hij in het water, zijn armen herleid tot dood gewicht, zijn romp geklemd in een reddingsvest. Als bij wonder weet hij zich terug aan boord te hijsen, maar nergens is er land in zicht en over zijn stijve armen lopen vlekkerige brandwonden. Terwijl hij zich in leven weet te houden met een vis en een bodempje water, probeert hij te achterhalen wie hij was en waarom hij het ruime sop koos. Vaag herinnert hij zich een vrouw die op hem wacht, vaag vermoedt hij het bestaan van een kind en met een koekenpan als peddel probeert hij aan de natte klauwen van de zee te ontsnappen. Zelf noemt Cynan Jones zijn boeken korte romans - en in de verantwoording zelfs microfictie - om toch maar dat vervloekte woord novelle te vermijden. Want nog meer dan korte verhalen zijn novelles geheide winkeldochters: kan een schrijver zijn verhalen nog slijten aan kranten en tijdschriften, novelles raak je aan de straatstenen niet kwijt. Maar voor Inham dient u wel in de buidel te tasten, want dit is topliteratuur op een paar vierkante centimeter. Elke afgemeten zin is likkebaardend goed, elke witregel snijdt als een heet mes door je brein. Hoewel de kleine uitgeverij Koppernik alle lof verdient om het werk van Jones in het Nederlands te verspreiden - eerder bracht ze al Burcht uit - is het hier moeilijk kiezen tussen de puike vertaling en het Engelse origineel omdat veel van Jones' tactiele taal onvermijdelijk verloren gaat. Zo betekent 'cove' niet alleen 'inham' maar ook 'makker' of 'medemens' - een niet onbelangrijke dubbelzinnigheid gezien de urne die in de kajak wordt meegevoerd. Misschien was een tweetalige versie hier een betere keuze. Gelukkig blijft veel van de raadselachtigheid overeind. Wat met de pop die hij uit het water vist? Waarom ziet hij geen vogels? En waar komt die vlinder plots vandaan? Inham is tegelijk claustrofobisch en weids, spannend en diepzinnig, maar bovenal een zegetocht van de taal. U moest al in de boekhandel staan. INHAM **** Cynan Jones, Koppernik (oorspronkelijke titel: Cove), 104 blz., ? 16,50. RODERIK SIXCENTRALE ZINNEN Hij wist dat hij er met de kajak op uit was gegaan. Hij herinnerde zich dat hij hem boven op de auto bond, de meeuwen langs de ondiepe rivier, bijna lichtgevend in het vroege ochtendlicht, en hoe hij de zee op dobberde. De tijd ertussen was weg. Als een brandgat in een kaart.