Vanaf 19/3, elke woensdag, 19.30 - Canvas
...

Vanaf 19/3, elke woensdag, 19.30 - Canvas Voor Elements, de knappe docureeks over mensen die de natuurelementen trotseren, trok regisseur-fotograaf Dimitri Van Zeebroeck desnoods naar de andere kant van de wereld. Voor zijn nieuwe reeks Surplace bleef hij dichter bij huis: aan de kant van vier Vlaamse koersen. 'Surplace is een soort tegenreactie op Elements', legt Van Zeebroeck uit. 'Voor dat programma ben ik naar de meest onherbergzame plekken getrokken. Daarom wilde ik nu mijn inspiratie niet verder dan mijn eigen achtertuin zoeken. Ik heb aangebeld bij de mensen die langs het parcours van een wielerwedstrijd wonen. 364 dagen in het jaar leven ze in rust, maar die ene koersdag strijkt er een circus voor hun deur neer.' DIMITRI VAN ZEEBROECK: Ik heb er de wielerkalender bij genomen. De traditionele openingswedstrijd van het wielerseizoen is bij ons Gent-Gent, die nu Omloop Het Nieuwsblad heet. Daar ligt op 15 kilometer van de meet de Lange Munte, een wedstrijdbepalende kasseistrook. Voor de tweede aflevering bezoek ik de Oude Kwaremont, een helling die ze in de Ronde van Vlaanderen tegenwoordig meermaals beklimmen. Vervolgens is er het Schavei, een helling in Overijse die de renners beklimmen in de Brabantse Pijl en in augustus in de Druivenkoers. En ik maak mijn spreekwoordelijke vier seizoenen van de wielerkalender rond met de Ertbrandstraat bij de Belgisch-Nederlandse grens, waar de renners tijdens de Nationale Sluitingprijs van Putte-Kapellen maar liefst elf keer door rijden. VAN ZEEBROECK: Ik volg het wel, al is het hier vooral een alibi om te vertellen hoe onze samenleving, ons sociale weefsel, de voorbije decennia is veranderd. Een mooie illustratie daarvan vind je langs het Schavei in Overijse, ooit het epicentrum van de Belgische druiventeelt. Die verschafte vroeger werk aan een honderdtal families maar is helemaal teloorgegaan. Dat levert een apart gezicht op, met het beeld van vervallen serres. Om de poëzie van die plekken te vatten film ik ze ook in zwart-wit. VAN ZEEBROECK: Da's een mooie, zo had ik het zelf nog niet bekeken. Zwart-wit leek mij vooral een goed middel om te onderstrepen hoe hard de tijden veranderd zijn. Tot in de jaren zeventig waren zwart-witbeelden op televisie, ook van de koers, de normaalste zaak van de wereld. Als je er nu mee werkt, is dat meteen een gewaagde keuze - dat lees ik toch hier en daar over Surplace. Hoe de tijden veranderd zijn, dat komt ook terug in de verhalen van de mensen die ik opzoek. VAN ZEEBROECK: Geen loners, hoor. Eerder een doorsnede van onze samenleving. Ik ben wel iets meer dan gemiddeld bij oudere mensen terechtgekomen. Zij hebben al een deel van hun leven achter de rug en kunnen dus ook meer vertellen. Niet dat ik hen er bewust heb uitgekozen. Ik ben eerst op die verschillende plekken gaan aanbellen, om kennis te maken. Pas later kwam ik met de camera terug. Ik wilde mij zeker niet opdringen. VAN ZEEBROECK: De meest uiteenlopende. Neem die steile kasseihelling van de Oude Kwaremont. Kun je je voorstellen dat dat een boerendorpje is waar men vroeger de doodskist met paard en kar naar boven reed? Of wat ik dan weer grappig vond: wanneer die mensen hun straat helemaal wordt ingepalmd door wielerminnend Vlaanderen gaan ze niet tussen het publiek staan. Nee, ze kijken binnen op hun televisie naar de koers. VAN ZEEBROECK: Nee, ik wilde mijn horizon verruimen, op die natuurlijke manier is film erbij gekomen. Ik beschouw het als complementair aan fotografie. Ik heb beide nodig. Monteren is als puzzelen voor mij. Het zoeken naar verbanden, dat is mijn ding geworden. HANS VAN GOETHEM