FILM: * EXTRA's: *(Fox)
...

FILM: * EXTRA's: *(Fox) Een groot vakman, maar zonder een echt persoonlijke visie en een eigen visuele signatuur. Zo ongeveer luidde het verdict van de critici bij de dood, twee weken geleden, van de laatste van de Hollywood old timers. Van alle markten thuis, wisselde Wise zo veelvuldig en met zo groot succes van genre en type film dat hij inderdaad meer een kameleon leek dan een auteur die in alle omstandigheden zijn stempel op zijn films drukt. Wat echter niet wil zeggen dat zijn werk geen thematische constanten kent. Zo steekt, over alle genres heen, antiracisme vaak de kop op in zijn films: van The Day the Earth Stood Still over Odds Against Tomorrow tot West Side Story. En zijn terughoudendheid om zijn films een dominante stijl op te dringen, maakt hem nog niet tot een anonieme technicus. Met uitzondering van de western, waarin hij geen hoge toppen scheerde, maakte Wise meesterwerken in bijna alles genres die hij beoefende, van het boksersdrama ( The Set-Up) tot de SF-film ( The Day the Earth Stood Still ). Maar zijn verscheidenheid is des te opmerkelijker binnen het genre waarin hij zijn grootste triomfen oogstte. Zijn drie muzikale superproducties zijn totaal tegengestelde films en toch stuk voor stuk een model in hun genre. West Side Story (1961) trakteerde ons op robuuste nozemballetten, sensuele dansritmes, een vernieuwende grootstedelijke score van Leonard Bernstein en uit het New Yorkse gettoleven gegrepen taferelen van bendeoorlog, moord, geweld en poging tot verkrachting. Enkele jaren later volgde de mierzoete familiemusical The Sound of Music (1965) . Een operette over kinderen, nonnen en de Oostenrijkse Alpen: kunt u zich iets oninteressanter voorstellen? Puur door zijn mise-en-scène transformeert Wise echter een sentimentele draak tot een onweerstaanbaar muzikaal spektakelstuk. Zo bekend en bejubeld als West Side Story en The Sound of Music zijn, zo obscuur en onbemind is Star!. Destijds een ware catastrofe aan de kassa, is deze biopic van de Engelse vaudeville en variété-artieste Gertrude Lawrence dringend aan een herontdekking toe. Wise, die als jonge snaak zijn carrière begon als cutter van de revolutionaire debuutfilm van Orson Welles, vat het levensverhaal van Lawrence (1902-1952) in een aan Citizen Kane verwante flashbackstructuur. Julie Andrews brengt misschien wel de beste vertolking uit haar carrière als een showbizzbeest dat alles aan haar carrière opoffert en en passant de meest fabelachtige garderobe mag showen. Daniel Massey geeft een puike imitatie ten beste van Noël Coward, Lawrences onafscheidelijke boezemvriend. Veel bekende nummers van Coward, Cole Porter, Kurt Weill en de Gershwins passeren in geïnspireerde choreografieën van Michael Kidd de revue; de liedjes worden allemaal op een podium ten gehore gebracht, maar Wise maakt er op een subtiele manier toch zuiver cinematografische hoogstandjes van. Een van die nummers, de melodramatische Chinoiserie Limehouse Blues, kan trouwens gerust concurreren met het beste van Vincente Minnelli en Stanley Donen. Patrick Duynslaegher