Ivan de verschrikkelijke Deel 1 & 2 (1944)

FILM: **** EXTRA'S: 0 (MOSKWOOD)

De Jeugd van Ivan (1962)

FILM: *** EXTRA'S: 0 (MOSKWOOD)

Man with a Movie Camera (1929)

FILM: **** EXTRA'S: *(MOSKWOOD)

Entuziazm (1930)

FILM: *** EXTRA'S: *** (EDITION-FILMMUSEUM)

S.M. Eisenstein, de grootste regisseur uit de revolutionaire Sovjetcinema, worstelde zijn hele leven lang met onderdrukte religieuze en homoseksuele gevoelens. Vaak verwerkte hij dit (bewust of gesublimeerd) in zijn films, het meest overduidelijk en expressief in Ivan de Verschrikkelijke. In dit portret van de beroemdste tsaar Ivan IV, die de funderingen legde voor een groot Rusland, onderzoekt Eisenstein zowel de machtsstrijd tijdens een cruciale periode in de Russische geschiedenis als de strijd van een enkeling die wordt verscheurd door persoonlijke ambitie, verantwoordelijkheid voor het land dat hij regeert en vooral ambivalente gevoelens jegens een God in wie hij desondanks echt gelooft.

De homoseksualiteit is letterlijk aanwezig in de verwijfde figuur van would-be troonopvolger Vladimir, maar bepaalt de hele esthetiek van de film. Eisenstein, vooral befaamd voor zijn montagetheorieën, laat zich hier echt gaan. De film trekt voorbij als een lange stoet van plechtstatige tableaus volgestouwd met brokaat, juwelen en verstikkende decors. De opera-achtige wellust en groteske overdrijvingen bezitten dat nichterige van een campfestijn avant la lettre.

Waarschijnlijk moet ook deze dimensie vadertje Stalin op de zenuwen hebben gewerkt. De dictator was in ieder geval niet geamuseerd door de politieke toespelingen: de verdoken kritiek op de paranoia van zijn tiranniek bewind. De gelijkenissen tussen hem en Ivan werden bovendien nog versterkt door de figuur van Ivans vertrouweling Malyuta in wie sommigen Stalins beul Beria herkenden. Stalin liet het tweede deel verbieden en nam het weinige geschoten materiaal van het derde luik in beslag om het onherroepelijk te vernietigen. Toen Deel II in 1958 uiteindelijk in de bioscoop kwam, waren zowel Stalin als Eisenstein al overleden.

Voor de leken in Russische filmgeschiedenis onder ons: De Jeugd van Ivan is geen sequel van Ivan de Verschrikkelijke, maar het schokkende portret van een kind in oorlogstijd. Het is het filmdebuut van Andrej Tarkovski, algemeen bejubeld als de grootste Sovjetregisseur sinds Eisenstein, al houdt de vergelijking daar ook op. Ivan is een jongen van twaalf die zich na de moord door de nazi's op zijn ouders bij de partizanen aansluit en als verkenner van het Rode Leger door de verwoeste landschappen van het Oostfront doolt. Tarkovski maakt er absoluut geen conventioneel heldendicht van, want een onschuldig kind is door de oorlog getransformeerd tot een op wraak belust monster. Tarkovski hanteert hier nog niet de zweverige stijl van zijn latere esoterische films, maar is ook hier al geobsedeerd door water en vuur en een kosmische visie op mens en natuur.

Op hetzelfde label verschijnen ook nog twee grensverleggende films waarin de avant-gardepionier Dziga Vertov zijn 'Kino-Oog'-experimenten tot het uiterste drijft. Man with a Movie Camera is een virtuoze impressie van het dagelijkse leven in een socialistische stad (een mix van Moskou, Kiev en Odessa) in de jaren twintig en een ode aan de machine die de economie draaiende houdt. De beelden van deze grootstadsymfonie worden tot een hyperdynamische montage georkestreerd; het lijkt wel een bombardement op onze zintuigen. Michael Nyman schreef er de nieuwe filmmuziek bij.

Entuziazm: Symphony of the Donbass maakte Vertov ter ere van het eerste vijfjarenplan voor economische ontwikkeling. Pure propaganda dus, beginnend met het elimineren van alles wat het socialistische model in de weg stond (in het bijzonder religie en alcoholisme) en uitmondend in een lofzang op de weldaden van de industriële productie. Van filmhistorische waarde zijn dan weer de experimenten met muziek en geluid, wat in de restauratie door de experimentele filmer Peter Kubelka extra tot zijn recht komt.

Patrick Duynslaegher