In 1959 pende de Amerikaanse schrijfster Shirley Jackson de horrorklassieker The Haunting of Hill House. In welk turbulent, huiselijk klimaat die roman tot stand kwam, ontdek je in deze broeierige biopic, gebaseerd op Susan Scarf Merrells flink met fictie doorspekte boek Shirley: A No...

In 1959 pende de Amerikaanse schrijfster Shirley Jackson de horrorklassieker The Haunting of Hill House. In welk turbulent, huiselijk klimaat die roman tot stand kwam, ontdek je in deze broeierige biopic, gebaseerd op Susan Scarf Merrells flink met fictie doorspekte boek Shirley: A Novel. Met horror heeft deze film weinig te maken, behalve psychologische misschien, aangezien hij inzoomt op de sowieso al gespannen relatie tussen de nukkige Shirley (Elisabeth Moss) en haar flamboyante echtgenoot (Michael Stuhlbarg). Die laatste is professor en krijgt een nieuwe assistent én diens liefje in huis, wat voor meer fricties en intriges zorgt dan beide koppels konden vermoeden. Met zijn opvliegende echtelieden die elkaar voortdurend verbaal vernederen (al was het maar voor de fun) zijn de echo's van Who's Afraid of Virginia Woolf? nooit veraf. Regisseur Josephine Decker maakt er wijselijk geen stoffige kunstenaarsvertelling van, of een retrosoap voor intellectuelen. Shirley is een huis clos over aantrekken en afstoten dat zich grotendeels in hetzelfde huis afspeelt, in warm, natuurlijk licht is gedoopt en gelardeerd met impressionistische toetsen. Geen meesterwerk, en af en toe even springerig als Shirleys stemmingswisselingen, al had Jackson zich vast kunnen vinden in de strak gespannen sfeer en de vertolking van Elisabeth Moss.