'Outside The Simian Flock' (PIAS).
...

'Outside The Simian Flock' (PIAS).In concert: op 25 en 26/10 in de AB-Club in Brussel en op 27/10 in de Cactus Club in Brugge.Een talent waarvoor zelfs ex-baas Mauro Pawlowksi enorm veel ontzag heeft _ ooit zei hij: 'Als Tim een plaat maakt en hij zoekt een gitarist, ben ik altijd bereid' _, moest met een afgewerkte plaat opnieuw op bedelronde langs de platenfirma's. Millionaire tekende uiteindelijk bij grote independent PIAS en na een behoorlijk ontvangen eerste single Body Experience Revue en optredens op de zomerfestivals ligt dat langverwachte Millionaire cd-debuut Outside The Simian Flock dan toch in de winkels. Vanhamel maakte de plaat niét met Mauro, maar met het vriendenclubje van Ben Wijers (gitaar), Dave Schroyen (drums) en Bas Remans (bas). Met veel overtuiging en branie kookten zij een pittig potje popmuziek, op smaak gebracht met dissonante, brutale pepers. Het universum: ergens tussen de p-funk van Parliament en Funkadelic en de harde gitaren van Smashing Pumpkins.Tim Vanhamel: Het heeft vreselijk lang geduurd, ja. We zijn precies een jaar geleden begonnen met de opnames. Na een maand was alles al gemixt. Toen begonnen de problemen. De deal tussen Luc Van Ackers label en BMG ging niet door en we stonden op straat. Moesten we weer helemaal van nul af met onderhandelingen starten. Achteraf bekeken, viel het echter nog aardig mee. We hebben in de zomer veel live gespeeld en kregen zo de kans om verder te groeien. Vanhamel: Nee. Ik trap keer op keer in dezelfde val. Maar het is, denk ik, toch een geluk bij een ongeluk dat we nu niet bij BMG zitten. Waren we dáár terechtgekomen, het zou helemaal misgelopen zijn. Luc Van Acker is een superkerel. Hij was heel enthousiast en gemotiveerd. Hij kwam naar de repetities in Hasselt en regelde de preproductie. Bas Remans: Maar de mensen van BMG kenden ons niet eens. Ze wisten zelfs niet dat Luc dat label had opgericht. Vanhamel: Een voorbeeld van slechte communicatie. Ik stond op dat moment toch wel wat onder stress: zou het allemaal wel goed komen? Vanhamel: Ik ben gezond optimistisch. Ik verwacht niet dat we even grote verkoopcijfers halen als Novastar. Wij komen uit een andere hoek. Ik denk dat we voldoen aan wat onze ambitie is: muziek met ballen maken en nieuwe territoria exploreren. Al het succes dat erbij komt, is te gek. Vanhamel: We zullen niet snel een plaat à la Stockhausen of John Cage uitbrengen. We houden van experiment, maar ook van echte songs. Om die reden zal onze muziek altijd wel aanhoorbaar blijven. Wat we doen, is welomlijnd. Ik hoop dat de luisteraars een beetje moeite doen. Vanhamel: Misschien óverschat ik het wel. Met Evil Superstars stonden we in Engeland voor haast lege zalen te spelen. Twee kerels stonden compleet uit de bol te gaan, de rest gaapte ons niet begrijpend aan. Je zag die mensen, echte Britpoppers, denken: what the hell is this? Toen pas besefte ik: we gaan niét in Top Of The Pops optreden en op nummer één staan. Ik ben zelf een fan van muziek die verrast en een lap om de oren geeft. Ik heb er vertrouwen in dat er nog van dat slag mensen rondlopen. Vanhamel: De cd van The Strokes. Die zet ik vaak in de auto op. Er is uiteraard een megahype rond gecreëerd. Precies daarom wilde ik het ook eens checken. Een heel goeie plaat. The Strokes zijn ook jonge honden, hé. Je voelt dat er opnieuw steeds meer groepen opstaan die zich volledig willen geven. Vanhamel: Nee. Maar dat hoeft ook niet. Remans: De nieuwe cd van Squarepusher is ook knap. Vanhamel: Mijn smaak gaat heel breed: van heavy tot Sparklehorse. Vanhamel: Ja. Zeker weten. Ook popplaten kunnen vernieuwend zijn. Luister naar Faith van George Michael of naar sommige platen van Michael Jackson. Qua productie waren die uniek in de jaren '80. Dat waren dansplaten, maar de arrangementen en de klankkleuren gaven ze iets speciaals. Vanhamel: Seks is voor mij heel belangrijk. Een aantal nummers gaat daarover. Vanhamel: Seks met een beetje pijn, ja. We zijn ook kwaaie jongens. We willen harde, afwijkende muziek maken. Als dat afwijkende én die seks in onze plaat zitten, zijn we in ons opzet geslaagd. Vanhamel: Niet echt. Te saai. Al die vragen: dat duurde me wat te lang. Vanhamel: Nee. Ben ik nochtans wel benieuwd naar. Al vrees ik dat ik een slechte score zou hebben gehad. Vanhamel: Financieel, fysiek én psychisch is het wellicht niet zo gezond, maar het was een natuurlijke drang. Als je bij een artiest ziet dat muziek zijn leven is, geeft dat toch een extra dimensie. We hebben niet gestudeerd. Dat is nooit een punt geweest. Soms slaat de onzekerheid wel toe. Je moet kunnen overleven. Je weet niet wat de toekomst brengt. Maar zolang ik die behoefte heb en er plezier aan beleef, zie ik geen probleem. Toen we nog op de schoolbanken zaten, droomden we al weg. We wilden alles weten van groepen: rookte Kurt Cobain sigaretten? Die levenswijze, dat je m'enfoutisme trok ons aan. Soms, als ik oude schoolmakkers tegenkom, denk ik: shit, die hebben een baan en ik heb nog altijd niks. Het wordt nu stilaan duidelijk dat ik écht iets doe en daar ben ik blij om. Dit is nog maar een begin. Ik heb nu mijn groep, begrijp je. Ik speelde bij Evil Superstars en bij dEUS, maar nu pas heb ik het gevoel: zo moet het zijn. Ik wil naast Radiohead en Queens Of The Stone Age staan.Vanhamel: Toch wel, hoor. Hij is nog méér bezeten dan ik, daar ben ik zeker van. Op zíjn manier dan wel. Hij is veeleer een laatbloeier en heeft nooit de ambitie gehad om nummers te schrijven, maar hij is áltijd aan het musiceren. Kom ik binnenvallen: gegarandeerd staat hij klarinet of contrabas te spelen. Moet ik vijf minuten wachten voor ik iets kan zeggen. ( lacht) Bas z'n vader: hetzelfde verhaal. Remans: Als ik als kind iets aan mijn pa wou vragen, was ik vaak verplicht om eerst een half uur naar een pianostuk te luisteren. ( lacht) Vanhamel: Ik ben blij met zo'n vader. Toen hij hertrouwde, kwamen zijn vrienden op het feestje spelen. Ik vond dat knap. Ze brachten onder meer joodse muziek. Wat een verschil met huwelijksfeesten waar ze de polonaise staan te huppelen. Daar loop ik van weg. Eerlijk, het was heel fijn om in een muzikale omgeving op te groeien. Vanhamel: Dave, de drummer die ook bij Evil Superstars speelde, en ik zitten al heel lang samen in groepjes. Bas ken ik ook al heel lang. We hingen samen op straat rond, rookten broederlijk onze eerste jointjes. Met Ben, de gitarist, heb ik in de klas gezeten. Na het afwerken van mijn middelbare school ben ik meteen op tournee vertrokken met Evil Superstars. Toen ik terugkeerde, zag ik de groep waar Bas, Ben en Dave op dat moment bij speelden. Toen wist ik: hallelujah, dat zijn ze. We moésten samenvloeien. Na de opnames van het album is Aldo Struyf (toetsenman, bekend van Orange Black, pvd) er nog bijgekomen voor het livewerk. Toen we de eerste keer met vijf repeteerden, klopte alles. Ik vind het heel sterk dat we, na alle omzwervingen, zo weer bij elkaar zijn terechtgekomen. Het zijn verdomd goeie muzikanten. Vanhamel: Daar was het toch anders. De Superstars waren wel vrienden, maar we gingen zelden samen op café. De sfeer bij Millionaire is opener. We zijn een democratie, al ben ik hoe dan ook de master of ceremony. Ik luister naar hun opmerkingen. Er is een heuse wisselwerking: ieder heeft zijn inbreng, maar ík moet het uiteindelijk zingen. Ik kan niets zingen waar ik niet achter sta. Ik wil enkel het beste voor Millionaire, mijn ego mag geen obstructie vormen. Als iemand anders met een superfunky nummer afkomt, zal ik het met open armen ontvangen. Bij Radiohead moet het ook zo zijn: Thom Yorke bepaalt de richting, maar de anderen leveren ook ideeën aan. Vanhamel: Blind voor het spirituele, ja. Wat dat spirituele voor mij persoonlijk is? Muziek en liefde. Alles wat me energie geeft, wat me oplaadt. Spiritualiteit is natuurlijk een gevaarlijk woord. Wij branden geen wierookstokjes, weet je. Maar ik vind dat er in een songtekst iets gezegd mag worden. Het moet niet altijd lollig zijn.