'Mag ik even?' Terwijl ik met twee treden tegelijk de trap afdaal om zeker op tijd mijn trein te halen, staat hij daar plots. Een man met een glimlach als roomijs. Hij houdt me een blauw boekje voor. Ik vertraag, steek mijn hand uit om het boekje aan te nemen - een mens kan nooit genoeg boeken hebben - Het Nieuwe Testament blinkt in gouden letters op de blauwe kaft. Ik trek mijn hand terug, schud mijn hoofd en ren verder.
...

'Mag ik even?' Terwijl ik met twee treden tegelijk de trap afdaal om zeker op tijd mijn trein te halen, staat hij daar plots. Een man met een glimlach als roomijs. Hij houdt me een blauw boekje voor. Ik vertraag, steek mijn hand uit om het boekje aan te nemen - een mens kan nooit genoeg boeken hebben - Het Nieuwe Testament blinkt in gouden letters op de blauwe kaft. Ik trek mijn hand terug, schud mijn hoofd en ren verder. Ook in Apocalyps Baby struikelt de zestienjarige Valentine - het hoofdpersonage - tijdens haar vlucht van huis over een religieuze zendeling. Zij neemt het boekje wel aan. Maar haar hoofd is op dat moment al een tikkende tijdbom. Jongeren op de dool, het lijkt het thema waarnaar Despentes in haar romans altijd weer terugkeert. 'Omdat de ervaringen uit je jeugd je maken als volwassenen', vertelt ze in een hotel in Amsterdam. 'En opgroeien is ingewikkelder dan vroeger. Niet voor alle jongeren. Een boek is een verdichting: ik heb er in Apocalyps Baby voor gekozen om alle personages te laten falen op hun manier. Het is een verhaal van permanente onmacht geworden. Ik geloof dat jongeren vandaag terecht ongelukkig en pessimistisch zijn. En dat ze alle reden hebben om boos te zijn op ons, de vorige generatie.' 'Volwassenen zijn harder voor jongeren. Toen ik opgroeide - in de jaren 70 - richtte de televisie zich niet op ons. Ze probeerden ons wel Coca-Cola aan te smeren, maar verder konden we lekker doezelen in onze eigen kinderwereld. Vandaag is die ingenomen door alle vormen van reclame. Er is een permanente, gewelddadige verleiding van kinderen. We laten hen geloven dat geluk schuilt in wat je hebt. Ze zijn evenveel consument als kind, maar ze zijn veel minder in staat om zich te verdedigen dan iemand van dertig of veertig jaar. Zelfs ik vind het moeilijk om aan die consumptiedruk te weerstaan en om mee te zijn met die voorbijrazende tijd. Het is een lege, zielloze bezigheid. En dat wreekt zich.' VIRGINIE DESPENTES: Het meest cynische is dat het ook echt gebeurt. Jongeren zijn een booming business voor privédetectives. Ouders slagen er niet meer in om met hun kinderen te praten. Ze durven nauwelijks gezag op te leggen omdat ze zich daar idioot bij voelen of omdat ze het niet kunnen. Wat doen ze dan? Een detective inhuren. Vroeger gebeurde het al eens dat je moeder stiekem je dagboek las, maar nu kunnen ouders echt alles te weten komen. Een gsm en een pc zijn zo gekraakt. Beeld je in dat je ontdekt dat je ouders je laten schaduwen? Op dat moment verlies je toch ieder houvast en vertrouwen in de wereld!? Ik heb lang met deze roman geworsteld. Meer dan ooit twijfelde ik of ik het wel zou kunnen. Maar toen ik me inbeeldde hoe het moet zijn om als zestienjarige door een detective te worden gevolgd, had ik plots een helder beeld in mijn hoofd van hoe dat een opgroeiende jongere helemaal uiteenrukt. Zo word je een ongeleid projectiel. Ik stelde me voor hoe die ouders zich verdedigden. Dat het allemaal goedbedoeld was. Het is altijd goedbedoeld! Geen enkele ouder verwaarloost zijn kind moedwillig, maar we zijn zo verdomd onhandig geworden. Het is niet makkelijk praten met een puber, maar in onze wereld van eindeloze communicatiemogelijkheden, lijken we niet meer te weten wat contact maken echt betekent. DESPENTES: Ik voel me steeds meer iemand van de 20e eeuw. Ik heb de wereld vóór het internet gekend, en ik zie nu hoe na de aanvankelijke euforie over het web stilaan de scepsis en de angst opduiken. Want Facebook, Google of Apple engageren zich niet om van de wereld een betere plek te maken. Het liefst komen ze zo veel mogelijk over ons denken en doen te weten om ons consumentenprofiel aan te scherpen. En wat gebeurt er als een regering beslist het internet op subtiele wijze te controleren? Er zijn tegenwoordig nogal wat politieke schandalen in Frankrijk. Ik was gechoqueerd toen ik hoorde dat ze mails en sms'jes van vijf jaar geleden kunnen traceren. Alles wordt bewaard. We weten alleen niet hoe en door wie of wat er met die informatie gebeurt. Een mens schrijft nogal wat onzin bij elkaar in een mail. Wat als dat op een dag tegen je gebruikt wordt? Daartegenover staan dan weer de revoluties in de Arabische wereld. Het internet heeft ze mogelijk gemaakt. Maar we moeten er ons van bewust zijn dat technologie nooit onschuldig is. Het is dr. Jekyll en mister Hyde. DESPENTES: Vooral nieuwsgierigheid. Ik wilde de wereld zien, weten wat er buiten Nancy en mijn kleine leven op school en thuis gebeurde. Ik was enig kind, mijn ouders werkten allebei bij de Post. We hadden niet eens zo'n slechte verhouding, maar het familieleven heeft me altijd bedrukt. Nu nog, ik vind dat we moeten ophouden met kinderen voor te houden dat papa, mama en kinderen het ultieme recept voor geluk is. Dat is het niet. Of toch niet alleen. Mijn moeder geloofde daar in. Heel sterk. Op haar vijftigste heeft mijn vader haar verlaten. Op twee dagen was hij weg. Een vrouw van vijftig herbegint niet zo maar. Zeker niet als ze meer dan de helft van haar leven heeft geïnvesteerd in een huwelijk dat blijkbaar niet meer waard was dan een vuilniszak die je voor de deur zet. Enfin, we dwalen af, is het niet?' ZE SPEELT MET DE RINGEN ROND HAAR vingers. Vooral de doodskop rond haar middenvinger valt op. Het is haar vinger naar de wereld. Haar bescherming ook. Er is veel dat Despentes boos maakt. Toen ze op haar zestiende thuis vertrok, belandde ze in Lyon. Ze reeg er de meest luizige baantjes aan elkaar. Waaronder poetsvrouw, zwoele stem op een sekslijn, bediende in een 'massagesalon' en lustobject in een peepshow. Toen ze op haar drieëntwintigste weer thuis in Nancy belandde, geveld door een vreemdsoortige huidaandoening, schreef ze als in een roes Baise-moi. Over een gewelddadige, bijna sadistische roof-, moord- en wraaktocht van twee vrouwen. 'Ik heb altijd geschreven', vertelt ze. 'Het was mijn deken tegen de eenzaamheid. Ik had thuis niet iemand om mee te praten, dus schreef ik toneelstukken voor mezelf. Maar ik zag me nooit als schrijfster. Baise-moi ontstond puur toevallig. Het was een manier om de permanente woede die ik in me voel te kanaliseren. En om de chaos aan ervaringen die ik in Lyon opdeed een plaats te geven. Ik heb het harde leven gezien, ben zelf verkracht geweest. Een mens schudt dat niet van zich af.' DESPENTES: Ik herinner me vooral de schok en de minachting. Omdat er zo veel seks en geweld in zit, maar ook omdat het bruut en ongepolijst geschreven is. De auteurswereld in Frankrijk is een gesloten, mannelijke wereld. Ze hebben vooral zichzelf als referentie. Van Amerikaanse auteurs als Charles Bukowski of Bret Easton Ellis hadden ze misschien gehoord, maar ze dachten er niet aan om ze te lezen. Ik was een bedreiging. Toen vond ik dat onzin, nu begrijp ik het beter. Zelfs ik hap nu naar adem als er zo'n jonge, wild om zich heen schoppende schrijver opduikt. Als auteur ben je altijd bang om passé te zijn. DESPENTES: Niet echt. François is mijn blik op de schrijverswereld. Schrijvers zijn een beetje vervelende mensen. Nooit tevreden, nooit gelukkig. Als we succes hebben, is het te veel. Als we er geen hebben, is het onrechtvaardig. Als we vertaald worden, is het slecht gedaan. Ook als je bio's leest van Balzac, Flaubert of de vergeten, maar fantastische Violette Leduc drijft dat gezeur boven. DESPENTES: Jong én vrouw zijn: de combinatie wekt nogal wat vijandigheid op. Zeker in Frankrijk waar we een duidelijk probleem hebben met vrouwelijkheid. La maman of l'amante, iets tussen die twee of naast die twee kunnen we in Frankrijk niet geplaatst krijgen. Als lesbische voel je je al helemaal misplaatst. Soms denk ik dat het komt omdat we vooral een probleem hebben met onze mannelijke identiteit. Je mag niet vergeten dat Frankrijk sinds 1870 geen enkele oorlog waarin het een hoofdrol speelde, gewonnen heeft. Toch pretenderen we tot het selecte clubje winnaars te behoren. Hetzelfde met ons idee dat we de grote intellectuelen en artiesten van de wereld zijn. Misschien heb ik iets gemist, maar ik heb de indruk dat de beste schrijvers, zangers of filmmakers niet in Frankrijk wonen. Zou het kunnen dat dat een man onzeker maakt? Of is dat te vergezocht? DESPENTES: Omdat hij de vleesgeworden samenvatting is van wat er in Frankrijk foutloopt op vlak van macht, verhoudingen tussen mannen en vrouwen en de beschermende ons-kent-onscultuur? DESPENTES: Ik heb het boek gelezen. Het is boeiend hoe ze vertelt dat ze na 15 mei plots de meest gezochte term op Google was - ook ik hoorde haar naam toen pas. Haar beslissing om te praten, heeft haar leven helemaal veranderd. Ze kan niet meer buiten komen, of mensen klampen haar aan. En dat is - vreemd genoeg - het goede aan de affaire-DSK. Het deksel is van het stinkende potje gelicht. Er zijn veel mannen als DSK in Frankrijk en veel vrouwen die daar het slachtoffer van worden. Wat ik aan Banon bewonder, is dat ze zich niet heeft laten doen. Het is weinigen gegeven om zo'n machtige man de deur te wijzen. Ik vind het belangrijk dat ze weigert te zwijgen. Het lijkt een verworven recht dat machtige mannen dertig jaar jongere meisjes in hun bed krijgen. Wel, dat is het niet. En als de kruistocht van Banon - want daar begint het op te lijken - dat kan veranderen, dan juich ik dat toe. DESPENTES: Steeds minder. Vroeger filmde ik om aan de eenzaamheid van het schrijven te ontsnappen. Bovendien is het goed voor mijn persoonlijkheid om met mensen samen te werken. Ik ben met woede in mijn lijf geboren en dat is niet altijd zo productief. Films maken, haalt me uit mijn isolement. En het is ook goed om na het filmen weer te schrijven. Filmen is een permanent gevecht met de realiteit. Er is altijd te weinig tijd en te weinig geld. Schrijven is een soort oneindigheid. Alles is mogelijk. Het gevolg is dat ik soms zes maanden aan mijn bureau zit zonder een zin op papier te zetten. Dat is lang - zeker als je schrijfster bent. Vroeger maakte me dat bang. Nu ben ik het moe om bang te zijn. Ik wacht. Wandel met mijn hond. Lees. En op een dag is er een personage of een onderwerp en dan ben ik vertrokken. 'S AVONDS REN IK MET TWEE TREDEN tegelijk de trap van het station op. In een plas boven op het perron zie ik iets gouds schitteren. Het is Het Nieuwe Testament. Vertrappeld en doorweekt. APOCALYPS BABY Uit bij De Geus, 350 blz., euro19,90. DOOR TINE HENS'JONGEREN HEBBEN ALLE REDEN OM BOOS TE ZIJN OP ONS, DE VORIGE GENERATIE.' Virginie Despentes: 'IK HEB HET HARDE LEVEN GEZIEN, BEN ZELF VERKRACHT GEWEEST. EEN MENS SCHUDT DAT NIET VAN ZICH AF.'