BE-PART
...

BE-PART PLATFORM VOOR ACTUELE KUNST, WESTERLAAN 17 IN WAREGEM, TOT 16 JANUARI. tel. 056 62 94 10 en www.be-part.be Of je na Schöner Wohnen enthousiast de piste verlaat, we durven het eerlijk gezegd te betwijfelen. De openingstentoonstelling in het zopas van de startblokken gerolde Be-Part krijgt pas kleur nadat je de bijbehorende plattegrond uit het hoofd hebt geleerd. En dan nog, want stralen van overtuigingskracht doet het nieuwe kunstplatform niet. Nochtans zijn de beginselen allesbehalve waterachtig. In het al niet zo op hedendaagse kunst afgestemde Waregem wil Be-Part tentoonstellingen brengen met internationale kunstenaars en curatoren. Er wordt gemikt op 'kwalitatief hoogstaande' kunst en er werd ook een artist-in-residenceprogramma op touw gezet. Op papier klinkt het allemaal veelbelovend, maar zoals dikwijls met nieuwe kunstinitiatieven valt nog af te wachten of de machine ook werkelijk draait. Niettemin schept eersteling Schöner Wohnen redelijke verwachtingen. Hoewel het project niet blaakt van toegankelijkheid is het uitgangspunt wel origineel, om niet te zeggen gedurfd voor een ijsbreker in een nog onbekend kunstbastion. Curator Moritz Küng richtte vijf zaaltjes in met meubilair. Schijnbaar meubilair, want zo goed als alle voorwerpen - lampen, kamerplanten, vazen, stoelen - zijn door kunstenaars gemaakt. In de eigenlijke toonzaal staat alleen een betonnen pingpongtafel van Richard Venlet en een reeks stoelen die door Heimo Zobernig van een wit laagje voorzien zijn. Het verrassingselement zit hem in het feit dat al wat je ziet kunst is. Alleen is het met die kunst niet altijd denderend gesteld, wat een aha-erlebnis oplevert die wegsterft nog voor je aha hebt kunnen zeggen. Zo staat in de woonkamer een orchidee die met de urine van de kunstenaar (Cerith Wyn Evans) in leven wordt gehouden. Boven de haard hangen twee klokken waarvan de wijzers omgewisseld zijn (Dieter Kiessling) en op de grond ligt een stapel onleesbare kranten van Jochem Hendricks. In de bibliotheek hangt een lamp die morsetekens seint (Cerith Wyn Evans), maar die het lang niet haalt bij de tien keer krachtiger presentatie van hetzelfde werk, een paar jaar terug in Tate Britain. De gang lijkt meer op een opslagplaats voor dozen en planken (Richard Artschwager, Robert Gober) en in de kelder blijft het thema angst steken in een weinig effectieve enscenering. De Women Murder Library, een gestileerde boekenkast waarachter horrorfilms flitsen (Tobias Rehberger), is heel wat minder suggestief dan verwacht, en ook de blauwe spiegel van Felix Gonzales-Torres blijft wat eenzaam aan de muur blinken. Het probleem is niet dat Schöner Wohnen een nieuwerwets experiment is - veel kunstenaars zijn in de weer met artistieke reflecties op design - maar dat het resultaat nauwelijks tot de verbeelding spreekt. Door de woonhuisopstelling neemt het artistieke gehalte af en blijkt dat als kunstenaars design maken, ze voornamelijk slecht design maken. Nogal wat bijdragen smaken te pretentieus om goed te zijn, de selectie is weinig beeldend en sec en hoewel er duidelijk denkwerk in het plan is gekropen, blijft Schöner Wohnen op de maag liggen als een vondst die niet echt werkt. Maar toch, Kippenberger, Atelier Van Lieshout, Rehberger, Artschwager en nog een paar smaakmakers samen in de periferie, daar valt iets voor te zeggen. De uitkomst mag dan als een stofvod zo droog zijn, met het achterliggende idee zat het eigenlijk wel snor. Els Fiers Els Fiers