Na Freddie Mercury in Bohemian Rhapsody is het nu de beurt aan die andere, Britse glamrocknicht Elton John om door de Hollywoodmangel te worden gehaald, en zijn biopic oogt zo fake als zijn pruik en zo over the top als zijn brillen. Gelukkig gaat het niet om een muzikale biografie maar om ...

Na Freddie Mercury in Bohemian Rhapsody is het nu de beurt aan die andere, Britse glamrocknicht Elton John om door de Hollywoodmangel te worden gehaald, en zijn biopic oogt zo fake als zijn pruik en zo over the top als zijn brillen. Gelukkig gaat het niet om een muzikale biografie maar om een biografische musical waarin de jonge Elton - een degelijke imitatieshow van Taron Egerton - om de zoveel minuten in een song uitbarst. Bovendien wordt er minder hypocriet gedaan in deze royaal met glitter en glamour besprenkelde, door Sir Elton goedgekeurde biopic: de als Reginald Dwight ter wereld gekomen songsmid was reeds in zijn tienerjaren homo, en werd later een seks- en cokeverslaafde met daddy-, mommy- en boyfriend-issues. Pompeuze prefabsentimentjes en rondlopende pruiken waar acteurs onder blijken te zitten bij de vleet dus, maar het voordeel van de schmalzparade is dat die extra in de verf zet hoe goed sommige Elton John-songs wel zijn. Saturday Night's Alright (for Fighting), Rocketman, The Bitch is Back, Sorry Seems to Be the Hardest Word: ze krijgen een kleurrijke, kwieke versie, en dragen bij tot het welslagen van deze superficiële maar entertainende 'poperette' over een verlegen jongetje dat het tot decadente rockdiva schopt, en zijn blootstelling aan roem, excessen, coke en foute vriendjes zowaar overleeft. He's still standing, yeah, yeah, yeah!